De oejezd Doesjeti (Russisch: , ; Georgisch: , ) was een bestuurlijke eenheid in het gouvernement Tiflis van het onderkoninkrijk van de Kaukasus van het Russische Rijk.
Geschiedenis miniatuur|De stad Doesjeti in de 19e eeuw, het bestuurlijk centrum van de provincie. De oejezd werd op 12 september 1801 opgericht, als een van de vijf bestuurlijke deeleenheden van het eerder dat jaar gevormde gouvernement Georgië. Dit gouvernement was na de Russische annexatie in 1801 de bestuurlijke opvolger van het Georgische koninkrijk Kartli-Kachetië. Het bestuurlijke centrum werd de plaats Doesjeti.
De centrale toegangsweg van de Russen tot Transkaukasië, de Georgische Militaire Weg, lag van noord naar zuid door de provincie. Door deze ligging kreeg het gebied als eerste te maken met de Russische expansie naar Transkaukasië. In de periode 1803 tot 1821 had de provincie de naam Ananoeri en was het bestuurscentrum in het gelijknamige dorp Ananoeri, maar van 1821 tot 1840 gold de naam Doesjeti.
Door de fusie in 1840 van het gouvernement Georgië met het oblast Imeretië tot het gouvernement Georgië-Imeretië werd de provincie opgeheven en werd het gebied verdeeld over oejezd Gori (dictrict Doesjeti) en oejezd Tiflis (district Ksani). In 1846 werd dit gouvernement weer gesplitst en kwam het gebied van Doesjeti in gouvernement Tiflis te liggen. Op 9 december 1867 werd de oejezd Doesjeti weer heropgericht uit de oorspronkelijke delen. Hieraan werd ook toegevoegd het opgeheven district Gorski (Berg) en een deel van het okroeg Tianeti.
Na de val van het tsaristische bewind hielden de gouvernementen op te bestaan, maar de oejezden bleven tot de bestuurlijke hervorming van de Sovjet-Unie in 1929-1930 bestaan, ook tijdens de republiek Georgië (1918-1921). Het gebied van de oejezd valt grotendeels samen met de moderne Georgische gemeenten Mtscheta, Achalgori, een groot deel van Doesjeti en Kazbegi.
Bestuurlijke indeling De provincie was ingedeeld in gemeentelijke districten (oetsjastok), ook wel politiedistricten genoemd. Na de herintroductie van de provincie in 1867 kreeg ze vier districten, namelijk Achalgori (hernoemd in Ksani in 1890), Bazaleti, Kvesjeti en Mtscheta. De nummers I-IV in de tabel verwijzen naar de nummers op de etnografische kaart in de infobox en de bijbehorende census van 1886.
Bestuurlijke onderverdeling oejezd Doesjeti District Centrum Opp.(werst²) Inwoners 1886 1912 Doesjeti (stad) 2.027 2.057 I Bazaleti Bazaleti 579 15.598 14.812 II Mtscheta Mtscheta 515 14.819 15.930 III Achalgori (Ksani) Achalgori 800 19.628 14.732 IV Kvesjeti Kvesjeti 1518 17.945 22.882 Totaal 3412 70.017 70.418Verantwoording data: Volkstelling Transkaukasus 1886; Kaukasische kalender 1913;
Demografie Volgens de Russische volkstelling van 1897 woonden er op dat moment 67.719 mensen in de provincie. Demografie van het oejezd Doesjeti Jaar Totaal Georgiërs Armeniërs Tataren Osseten Grieken Joden Assyriërs Kisten Russen 1886 70.017 49.009(70,0%) 4.032(5,8%) 6(0%) 16.293(23,3%) 17(0%) 26(0%) 144(0,2%) 347(0,5%) 125(0,2%) 1897 67.719 49.758(73,5%) 1.680(2,5%) 405(0,5%) 14.523(21,4%) 8(0%) 24(0%) 121(0,2%) 2(0%) 1.033(1,5%) 1913 70.418 Verantwoording data: Volkstelling Transkaukasus 1886; Russische volkstelling van 1897; Kaukasische kalender 1913;
Etniciteit en religie In de provincie Doesjeti woonden voornamelijk Georgiërs (74%) en Osseten (21%). Een deel van de provincie vormde eerder het Ossetisch district en kwam later in Zuid-Ossetië te liggen. De Armeniërs en Russen waren de derde en vierde bevolkingsgroep in de provincie. Andere gemeenschappen waren in minimale mate aanwezig. Een opvallende kleine minderheid waren de Assyriërs.
In de volkstelling van 1897 gaf bijna 94 procent aan tot een orthodoxe kerk te behoren (Russisch en Georgisch). Bijna vijf procent behoorde tot de Armeens-Katholieke Kerk. Andere geloofsovertuigingen ware minimaal aanwezig.
Zie ook Onderkoninkrijk van de Kaukasus (1801-1917)
Referenties
Categorie:Onderkoninkrijk van de Kaukasus (1801-1917)