Een variant is in de vegetatiekunde een informele syntaxonomische rang die soms wordt onderscheiden onder het niveau van de subassociatie, een associatie (in het geval de associatie geen subassociaties heeft) of een afgeleide gemeenschap. Een variant is enigszins vergelijkbaar met de rang van de variëteit in de botanische taxonomie, alhoewel variëteiten veel meer worden onderscheiden en doorgaans een formeler karakter hebben dan varianten in de syntaxonomie. Een variant dient niet te worden verward met een orthografische variant.
Varianten worden vaak gebruikt bij lokale vegetatietypologieën, om de plaatselijke variatie goed tot uitdrukking te brengen. (1995). De synthetische fase van het vegetatieonderzoek. In: De vegetatie van Nederland, deel 1. (pp. 90) Opulus Press, Uppsala/Leiden.
Naamgeving De wetenschappelijke naam van een variant is opgebouwd uit de naam van de (sub)associatie met daarachter een afgeleide naam van één diagnostisch taxon voor deze variant. De genusnaam van dit taxon wordt vervormd en krijgt het suffix -iosum, waaraan varianten te herkennen zijn.
De Nederlandse triviale naam van een variant wordt gevormd door de toevoeging 'variant met', gevolgd door de naam van een taxon dat diagnostisch is voor deze variant binnen de (sub)associatie of afgeleide gemeenschap.
Zie ook Faciës (vegetatiekunde) Lokale vegetatietypologie Variëteit (biologie)
+