Piet Pellenbarg (Harlingen, 10 juni 1947) is een Nederlands geograaf en emeritus hoogleraar.

Levensloop Pellenbarg is geboren in Harlingen. Na het behalen van het HBS-B diploma in Leeuwarden ging hij sociale geografie studeren aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 1971 behaalde hij cum laude het doctoraal examen. Vanaf 1971 was hij onafgebroken verbonden aan het Geografisch Instituut van de Groningse universiteit, eerst als wetenschappelijk medewerker, dan als universitair hoofddocent en vanaf 1990 als hoogleraar economische geografie. Hij promoveerde in 1985 bij Rob Tamsma en Jan van den Bremen met een proefschrift over bedrijfsmigratieprocessen: ‘Bedrijfslokatie en ruimtelijke cognitie’. Van 1994-1998 en van 2008-2011 was Pellenbarg decaan van de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen. In 2012 ging hij met emeritaat met een afscheidscollege over de mentale kaart van de Nederlandse ondernemer, 1983-1993-2003-2012.

Wetenschappelijk werk Trefwoorden voor het wetenschappelijk werk van Pellenbarg zijn: Groningen, perceptie, mental maps en bedrijfsmigratie.Van Rietbergen, 2012, p. 18 Pellenbarg is een van de bekendste pleitbezorgers van de gedragsgerichte benadering in de economische geografie in NederlandAtzema e.a. 2015, p.70en zijn proefschrift past geheel in deze stroming. Hij liet zich inspireren door het werk van Herbert Simon en de geografische vertaling daarvan door Allan Pred. De laatste ontwikkelde de zogenaamde gedragsmatrix waarin de onvolledigheid van de kennis van een ondernemer bij het bepalen van een locatie voor de vestiging van het bedrijf zichtbaar wordt gemaakt. Bij 50 verplaatste bedrijven werd nagegaan hoe de beslissingen voor de keuze van een vestigingsplaats tot stand waren gekomen. Bij het nemen van een beslissing voor een nieuwe bedrijfslocatie spelen kennis en perceptie een belangrijke rol.Atzema e.a., 2015, p. 71 Dat verklaart waarom economisch geografen als Pellenbarg grote belangstelling hadden voor de mentale kaart van ondernemers. Bij de keuze van een vestigingsplaats laten ondernemers zich niet altijd alleen leiden door de objectieve werkelijkheid. Ook het subjectieve beeld of imago van een plaats of gebied speelt een rol. De uiteindelijke beslissing is een mix van rationele overwegingen (de kosten van de afstand tot de afzetmarkt, de beschikbaarheid van personeel etc.) en minder grijpbare factoren als de perceptie van de locatie en/of de emotionele binding met een bepaald gebied.

Pellenbargs wetenschappelijke analyses van bedrijfsverplaatsingen zijn daarom onverbrekelijk verbonden met het onderzoek naar de mentale kaart van ondernemers. Hij legde ondernemers een kaart van Nederland voor en vroeg de verschillende gebieden ten opzichten van elkaar te waarderen als voorkeursplaats voor een vestiging van hun onderneming. Dat deed hij samen met zijn collega Wim Meester voor de periode 1983-1993-2003 en 2012. Er was weinig verandering te zien. De regio Utrecht bleef onveranderd hoog scorenVan Rietbergen, 2012, p. 20Atzema e.a. 2015, p.73 maar het ‘waarderingslandschap’ werd steeds vlakker, dat wil zeggen de verschillen tussen de verschillende delen van Nederland werden geringer.Pellenbarg, Afscheidscollege, 2012 De keuze voor een bepaalde vestigingsplaats heeft een tweezijdig effect. Het bedrijf zoekt naar de best mogelijk locatie, maar de vestigingsregio ziet na de vestiging allerlei veranderingen waardoor onder andere het investeringsklimaat wijzigt. In de loop van de jaren 90 van de vorige eeuw komt er meer aandacht voor de relatie bedrijfsvestiging en regionale ontwikkeling. Pellenbarg ging zich bezighouden met de problematiek van de regionale ontwikkeling en ook met de effecten van locatiebeslissingen van multinationals voor de regionale economie.Pellenbarg en Wever, International Business Geography, 2008

Groningen, stad en provincie kregen in het onderzoek van Pellenbarg en zijn groep veel aandacht. Hij onderzocht de effecten van de aanwezigheid van de universiteit en het academisch ziekenhuis op de werkgelegenheid in de provincie Groningen en het aangrenzende deel van de provincie Drenthe. In 2003 bedroeg de totale directe en indirecte werkgelegenheid 10% van de totale arbeidsmarktPellenbarg, 2005 Belangrijk was ook het onderzoek dat Pellenbarg en zijn medewerkers deden voor de bekende slogan ‘Er gaat niets boven Groningen’. Gedurende 16 jaar analyseerde Pellenbarg het effect van deze marketingcampagne. De waardering voor Groningen steeg in die periode, maar de aandacht voor de marketingscampagne verminderde.Meester, e.a. 2006

Dertig jaar lang gaf Pellenbarg leiding aan een groep wetenschappers die voor het Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie de rubriek ‘The Netherlands in Maps’ verzorgde. Ook werkte hij mee aan de tweede editie van de Wetenschappelijke Atlas van Nederland.

Onderscheidingen In 2012 ontving Pellenbarg een eredoctoraat van de Universiteit Lodz. Hij won in 1983 de auteursprijs van het Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap (KNAG) en in 2012 ontving hij van het KNAG de Plancius medaille voor zijn uitzonderlijke verdiensten voor de geografische wetenschap

Publikaties (een selectie) Pellenbarg P.H.(1985), Bedrijfsrelokatie en ruimtelijke cognitie, proefschrift, Rijksuniversiteit Groningen Rijksuniversiteit Groningen, Krips Pellenbarg, P.H. (1987), Citymarketing en city-image; Het informatieniveau van ondernemers bij vestigingsplaatskeuze, in: J.G. Borchert en J. Buursink, Citymarketing en geografie, Nederlandse Geografische Studies, 43, Amsterdam/Nijmegen, pp. 104-113 Pellenbarg, P.H. (1991) Identiteit, imago en economische ontwikkeling van regio’s. Inaugurele rede Rijksuniversiteit Groningen, Pellenbarg P.H. (1995). In: Bedrijfsverhuizingen als teken van ruimtelijke dynamiek in het bedrijfsleven, W. van der Velden, & E. Wever (Eds.), Nederland is meer dan de Randstad: de economische emancipatie van overig Nederland (pp. 49 - 65). Assen: Koninklijke Van Gorcum. Meester, W. J. & P.H. Pellenbarg (1996). Er gaat niets boven Groningen, Effectmeting 1996 Groningen: Rijksuniversiteit Groningen. Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen. Elerie, J. N. H., & Pellenbarg, P. H. (1998). De welvarende periferie. Beschouwingen over infrastructuur, economie en het mozaïek van functies in Noord- en Oost-Nederland, Groningen: Regio-PRojekt. Van Dijk, J. en P.H. Pellenbarg(1999). Demography of firms, spatial dynamics of firm behavior, (Nederlandse Geografische Studies). Utrecht / Groningen: KNAG/ Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen. Kooij, P, P. Pellenbarg (eds), Regional capitals. Past present, prospects. Ghent, Groningen, Münster, Norwich, Odense, Rennes, Van Gorcum Assen, 1994 Pellenbarg, P. H., & Kemper, N. J. (1999). Industrial mobility in the Netherlands; patterns, causes and impacts for spatial policy (ed.) Groningen: University of Groningen, SOM research school. Meester, W. J., & Pellenbarg, P. H. (2000). Effectmeting 2000 “Er gaat niets boven Groningen”; onderzoek bevolking Nederland, s.n.. s.n. Pellenbarg, P.H. & van Steen, P.J.M (2001). Making space, sharing space. Journal of Economic and Social Geography, 4, 503 - 511. * Van Langevelde, A., & Pellenbarg, P. (2001). What's in a Frisian business name? Regional identity in the Netherlands. Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie, 92(3), 309-323. Pellenbarg, P. Van Wissen, L. & J. van Dijk (2002). Firm migration, In P. McCann (Ed.), Industrial Location Economics (pp. 110-148). Cheltenham: Edward Elgar Publishing. Pellenbarg, P. H., & van Steen, P. J. M. (2004). Regional development patterns in the Netherlands. In T. Marszal, & T. Gök (Eds.), Urban and regional developments. Concepts and experiences. (pp. 73 - 96). Polish Academy of Sciences. Pellenbarg, P. H., van Steen, P. J. M., & van Wissen, L. J. G. (2005). Bedrijvendynamiek onder het vergrootglas. In P. H. Pellenbarg, P. J. M. van Steen, & L. J. G. van Wissen (Eds.), Ruimtelijke aspecten van de bedrijvendynamiek in Nederland (pp. 39 - 64). Assen: Koninklijke Van Gorcum. Pellenbarg, P.H. ,& Meester, W. J. (2005). Image van de Friese steden. Subjectieve waardering van ondernemers voor vestigingsplaatsen in Friesland. It Beaken. Tydskrift fan de Fryske Akademy, 2, 79 - 100. Meester, W.J., Pellenbarg, P.H. en Dijkema J. (2006) Effectmetingen 2004/2005 ‘Er gaat niets boven Groningen’, RUG, Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, Groningen Pellenbarg, P.H. (2005), How to calculate the impact of a university on the regional economy. A case study of the University Groningen, The Netherlands. Paper presented to the Conference on Knowledge and Regional Economic Development, organized by the Regional Quantitative Analysis Research Group, University of Barcelona, 9-11 June 2005. Wilhelm J. Meester & P.H. Pellenbarg (2006), The spatial preference map of Dutch entrepreneur: subjective rating of locations, 1983, 1993 and 2003, in: Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie, 97 (4), pp. 364-376 * Ashworth, G. J., Groote, P., & *Pellenbarg, P. H. (2007). A Compact Geography of the Northern Netherlands. (RuimteRijk reeks; Vol. 2). Assen: In Boekvorm Uitgevers. Pellenbarg, P.H. and E. Wever (eds), International Business Geography. Case studies of corporate firms, Routledge, London, 2008 van Dijk, J., & Pellenbarg, P. (2017). Firm Migration. In D. Richardson, N. Castree, M. F. Goodchild, A. L. Kobayashi, W. Liu, & R. A. Marston (Eds.), The international encyclopedia of geography: People, the earth, environment, and technology (pp. 1-12). American Association of Geographers. Piet Pellenbarg met medewerking van Oedzge Atzema en Peter Groote (2019), Keunings Erfenis. Beelden uit de geschiedenis van de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen, Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen RU Groningen P.H. Pellenbarg (2012), De mentale map van de Nederlandse ondernemer 1983-1993-2003-2012, Afscheidscollege , Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, RU Groningen Dertig jaar lang droeg Pellenbarg de verantwoordelijkheid voor de rubriek ‘The Netherlands in maps’ van het Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie

Pellenbarg, Piet