John Robert Jones (Rockingham County, 12 maart 1827 – Harrisonburg, 1 april 1901) was een Amerikaans directeur van een school, militair, verkoper van landbouwbenodigheden en ambtenaar. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog nam hij dienst in het Confederate States Army en klom op tot de rang van kolonel. Op 23 juni 1862 werd hij bevorderd tot brigadegeneraal. Deze benoeming werd echter nooit officieel bevestigd door de Zuidelijke senaat.
Vroege jaren John R. Jones werd geboren op 12 maart 1827 in Rockingham County, Virginia. Hij was de zoon van David Jones en Harriet Yost. John had drie broers en drie zussen. Na zijn schooltijd werd hij toegelaten tot de Virginia Military Institute. Daarna werd hij aangesteld als directeur van een militaire school in Urbana, Maryland.
Hij huwde met Sarah Brashear. Ze was de dochter van Thomas Cook Brashear uit New Market. Het koppel bleef kinderloos.1870 U.S. Federal Census for Harrisonburg, Rockingham County, Virginia p. 9.
Jones werd vader van een dochter Marie Magdalene Rice samen met een vrijgelaten slavin Malinda Rice. Uiteindelijk zou Jones zijn dochter ook officieel erkennen.Carrie Allen McCray, Freedom's Child: the Life of a Confederate General's Black Daughter (Chapel Hill, North Carolina: Algonquin Books 1998)
Amerikaanse Burgeroorlog Na het uitbreken van de Amerikaanse Burgeroorlog rekruteerde Jones de Rockingham Confederates. Deze eenheid werd opgenomen in het Confederate States Army als company I, 33rd Virginia Infantry Regiment.Lowell Reidenbaugh, 33rd Virginia Infantry (Virginia Regimental History Series, Lynchburg, H.E. Howard Inc. 1987) ISMB0-930919378 Op 22 juni 1861 werd hij benoemd tot kapitein. Een maand later nam hij deel aan de Eerste Slag bij Bull Run. Op 21 augustus 1861 werd hij bevorderd tot luitenant-kolonel. Zijn regiment nam in de lente van 1862 deel aan Jacksons veldtocht in de Shenandoahvallei. Voor zijn moed en inzet werd Jones een brigade toevertrouwd in de Stonewall Division die hij aanvoerde tijdens de Zevendagenslag. Bij Malvern Hill raakte hij gewond, werd eervol ontslagen en nam onmiddellijk opnieuw dienst in het leger. Op 23 juni werd hij bevorderd tot brigadegeneraal. De bevestiging werd uitgesteld tot in oktober en later nooit meer opgenomen. Zijn benoeming werd nooit officieel bevestigd door de Zuidelijke senaat.
Na zijn herstel sloot hij zich opnieuw aan bij het leger om deel te nemen aan de Marylandveldtocht waar hij werderom het bevel op zich nam zijn oude brigade. Tijdens de Slag bij Antietam op 17 september 1862 was zijn brigade een van de eerste die in actie kwam. Ze slaagden erin om hun stellingen meer dan een uur te verdedigen voor ze zich deels moesten terugtrekken door de grote vijandelijke druk. Een kanonskogel viel niet ver van Jones in waardoor hij het bevel moest doorgeven aan brigadegeneraal William E. Starke die zelf dodelijk gewond neerviel waardoor kolonel A.J. Grisgby de bevelvoerdende officier werd. Na zijn herstel werd jones naar de Shenandoahvallei gestuurd om deserteurs te vinden.
Jones sloot zich de dag voor de Slag bij Fredericksburg opnieuw aan bij het Army of Northern Virginia. Na de slag werd Jones aangeklaagd voor lafheid waarbij verschillende officieren hem achter een boom hadden zien schuilen tijdens de zwaarste gevechten. Na een krijgsraad werd Jones in april 1863 vrijgesproken. De beschuldigingen van lafheid werden opnieuw geuit na de Slag bij Chancellorsville.David A. Welker, Cowards in the Cornfield: The Complicated Story of Virginia’s General John R. Jones, August 21, 2016Welker, David A. The Cornfield: Antietam’s Bloody Turning Point. Philadelphia: Casemate Publishers, 2020 Hij zou nooit meer het bevel voeren over een brigade. Op 4 juli 1863 werd hij bij Smithsburg, Maryland gevangen genomen. De Zuidelijke overheden deden geen moeite om Jones te ruilen met Noordelijke gevangenen. Jones werd vrijgelaten na het einde van de oorlog.
Latere jaren Na de oorlog keerde Jones terug naar zijn huis. Hij vond werk als verkoper van landbouwbenodigheden. In 1880 werd hij aangesteld als ambtenaar voor de financiën in Harrisburg, Virginia.Sifakis, Stewart. Who Was Who in the Confederacy: A Comprehensive, Illustrated Biographical Reference to More Than 1,000 of the Principal Confederacy Participants in the Civil War New York: Facts on File, 1988. .1880 U.S> Federal Census for District 71, Harrisonburg, Rockingham County, Virginia p. 5. thumb|Jones in latere jaren
Hoewel zijn buitenechtelijke dochter Mary opgevoed werd door haar oom en tante werkte Melinda nog altijd als huishoudster bij Jones. Mary kwam regelmatig op bezoek. Hij kocht boeken voor haar en nam haar mee naar haar grootmoeder. Na het overlijden van zijn echtgenote in 1878 verkocht Jones zijn huis. Hij trok in bij zijn oude vriend Jonas Lowenbach en kocht een huisje voor Malinda die ondertussen getrouwd was met Caleb Rice.
John R. Jones overleed op 1 april 1901 in Harrisonburg, Virginia. In 1998 werd een boek gepubliceerd over zijn relatie met Malinda en Mary.
Zie ook Lijst van generaals in de Amerikaanse Burgeroorlog zonder officiële bevestiging (Confederatie)
Categorie:Amerikaans generaal Categorie:Generaal van de Geconfedereerde Staten