De Wonderbaarlijke visvangst is een schilderij van de Vlaamse kunstenaar Jacob Jordaens geschilderd rond 1616 of 1617. Het is in de collectie van de Sint-Jacobskerk in Antwerpen. Het is geïnspireerd door het verhaal van de wonderbaarlijke visvangst zoals verteld in het evangelie volgens Johannes (Johannes 21:1-14).De verschijning aan het meer van Tiberias, nederlandse vertaling De compositie werd in het verleden de Aanstelling van Petrus als opperherder van de kerk of de Opdracht aan Petrus genoemd.Jacob Jordaens, De aanstelling van Petrus als opperherder van de kerkJacques Jordaens, Christus benoemt Petrus tot het hoofd van Zijn kerk (Joh. 21:9-17), 1616-1617 (Joh. 21:9-17), 1616-1617 bij het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis
Bijbelse geschiedenis De compositie is een dramatische enscenering van een episode in het verhaal van Jezus' derde verschijning aan zijn volgelingen dat plaat vindt na zijn opstanding zoals verteld in Johannes 21:1-13. Volgens deze evangelieverzen gaan zeven volgelingen van Jezus, onder wie Petrus, Thomas (ook de Tweeling genoemd), Natanael van Kana in Galilea, de zonen van Zebedeüs (de apostels Johannes en Jakobus de Grote) en twee onbenoemde volgelingen, op een avond met hun boot gaan vissen in het Meer van Tiberias (ook het Meer van Galilea genoemd). Ze vangen de hele nacht geen vis. Net na zonsopgang staat Jezus aan de oever van het meer, maar de volgelingen herkennen hem niet. Hij vraagt of ze vissen hebben gevangen. Wanneer zij de vraag negatief beantwoorden, vertelt hij hun dat ze hun net aan de rechterkant van de boot dienen uit te gooien. Nadat zij hun net hebben uitgegooid zoals hen werd geadviseerd, vangen zij een groot aantal vissen, meer bepaald 153 grote vissen. Wanneer Johannes beseft dat de persoon op de oever Jezus is, vertelt hij dit aan Petrus. Petrus kleedt zich aan omdat hij naakt aan het vissen was en springt in het water om naar de oever te zwemmen, terwijl de anderen de vis binnenhalen. Wanneer ze de oever bereiken, merken zij een houtskoolvuurtje met vis en brood erop. Jezus vraagt hen wat van hun vangst mee te brengen. Petrus keert dan terug naar de boot en trekt het net tot op de oever. Het net breekt niet ondanks de grote en zware vangst. Jezus nodigt hen dan uit om ontbijt te eten. De volgelingen durven hem niet te vragen wie hij is, omdat zij weten dat het Jezus is. Jezus komt, neemt het brood en geeft het aan hen, en doet hetzelfde met de vis.
Beschrijving van het schilderij Jordaens heeft het moment afgebeeld waarop de zeven volgelingen op de oever zijn geland en Jezus hen gebaart om het ontbijt met hem te delen. Een halfnaakt, zeer atletisch uitziende Petrus is in het midden afgebeeld, gekeerd naar de toeschouwer terwijl hij met beide handen een grote vis vasthoudt. Jezus, gezien van de zijkant, staat onmiddellijk aan de linkerkant van Petrus die naar Jezus opkijkt. De andere zes volgelingen staan in een halve cirkel om Petrus en Jezus heen. De volgelingen kunnen niet met zekerheid worden geïdentificeerd. Het is mogelijk dat de apostel Johannes de jonge apostel is die Petrus met zijn hand aanraakt en Jezus aankijkt over de schouders van de grijzende en bebaarde apostelen aan de linkerkant. Johannes' broer Jakobus is misschien de zwartharige volgeling aan de linkerkant met een net over zijn linkerschouder. Het net verwijst naar de opdracht die Jezus aan zijn volgelingen had gegeven om vissers van mannen te worden (Mattheüs 4:18-22). De grijsharige man naast Jakobus is misschien Judas Taddeüs, die een roer en een boothak vasthoudt, zijn gewoonlijke attributen in kunstwerken. Aan de voeten van Petrus ligt een hoopje grote vissen. In de achtergrond links is een boot zichtbaar waarop een zeeman bezig is.
Onderaan links zien we de rug van een man die naar de twee volgelingen aan de linkerkant kijkt en een van de grote vissen naar Jakobus ophoudt. Onderaan rechts zit een man op een omgekeerde mand. Naast de zittende man staat een houtskoolvuur dat hij aanwakkert met een blaasbalg die hij vasthoudt. De zittende man is zo bleek als een lijk. Hij kijkt achterom naar de groep discipelen en Jezus. Door de herrezen Jezus direct achter de lijkkleurige man te plaatsen en door het zinnebeeld van het aangewakkerde vuur te gebruiken, symboliseert Jordaens de opstanding van Jezus uit de dood, een belangrijk thema van het schilderij, samen met het thema van het vieren van gemeenschap door gezamenlijk te eten en brood te breken (zoals tijdens het Het laatste avondmaal). Helemaal rechts staat een vrij jonge man met een stok in zijn hand, die met een glimlach op zijn gezicht naar het houtskoolvuur kijkt. De lucht op de achtergrond ziet er dramatisch uit, met de zon die door de zware wolken heen probeert te breken.Een kamer vol Jordaens in het Snijders&Rockoxhuis
Geschiedenis van het schilderij Er is weinig bekend over de geschiedenis van het schilderij. Het werd in 1844 geschonken aan de St. Sint-Jacobskerk in Antwerpen door Adriaan van Camp uit Antwerpen.
Het schilderij werd grondig gerestaureerd in 2025. Tijdens de restauratie werd het tentoongesteld in het Snijders&Rockoxhuis in Antwerpen.
Categorie:Werk van Jacob Jordaens