De Vlotramp op Albertkanaal vond plaats in Godsheide op 14 februari 1941 waarbij 35 kinderen en twee volwassenen om het leven kwamen. Voorgeschiedenis Tijdens de Tweede Wereldoorlog had het Belgische leger alle bruggen over het Albertkanaal opgeblazen. In Godsheide, dat door de komst van het Albertkanaal deels was opgesplitst, maakten de inwoners en schoolkinderen de oversteek met een vlot tussen beide oevers om naar school en hun werk te geraken.

Ramp Op 14 februari 1941 om 15u30 maakten vele schoolkinderen de oversteek. Op het bewuste vlot waren op het moment van de ramp 57 kinderen en vier volwassenen terwijl het vlot gemaakt was voor een vijftiental personen. Meteen na vertrek maakte het vlot water en kantelde halverwege de oversteek. Hierbij kwamen veel kinderen die niet konden zwemmen vast te zitten onder het vlot. Een naburige schipper kon een aantal kinderen uit het water halen. 35 kinderen en twee personeelsleden van De Scheepvaart kwamen om. De kinderen waren tussen de 7 en 14 jaar oud, 26 jongens en negen meisjes.

Nadien De slachtoffers werden nadien samen begraven op het kerkhof van Godsheide. 25 families in de omgeving verloren iemand in de ramp en kwamen alle jaren bijeen om de ramp te herdenken. In 1993 werd op het kerkhof al het Monument voor Verdronken Kinderen onthuld voor de slachtoffers, dit werd in 1999 vervangen – op de steen ontworpen door Boniface Thomis (broer van slachtoffer) staat een tekst van Constance Dekens die twee broers en twee zussen verloor in de ramp. In 2026 werd er een herdenkingsbord geplaatst om de ramp te herdenken.

Categorie:Ramp in Vlaanderen Categorie:Ramp in 1941