Jean (de) Chapeauville (Luik, 5 januari 1551 – aldaar, 5 mei 1617) was een theoloog, historicus en vicaris-generaal (1598-1617) in het prinsbisdom Luik. Hij is inquisiteur en groot-penitentiaris geweest van het kapittel van Sint-Lambertus, het kathedraalkapittel van de prins-bisschop van Luik. Hij publiceerde meerdere historische en theologische boeken, zowel in het Frans als in het Latijn. Chapeauville was een exponent van de Contrareformatie in het bisdom Luik.
Namen Zijn naam in het Duits was Johann Chapeauville en in het Latijn Joannes Chapeauvillus. Zelf ondertekende hij met Jean Chapeaville. Levensloop Zijn ouders waren Guillaume Chapeauville en Marguerite de Meers, gegoede burgers van de stad Luik. Zijn vader wenste voor hem een carrière als rechter. Chapeauville koos evenwel voor een carrière als Rooms geestelijke. Hij studeerde daarom eerst filosofie aan de universiteit van Keulen. Nadien trok hij, met toestemming van de bisschop, naar de universiteit van Leuven waar hij na zeven jaar het diploma behaalde van licentiaat in de theologie ).In Leuven theologie studeren kon een Luikenaar enkel na de toelating door de prins-bisschop, want doorgaans studeerden de priesterstudenten in Keulen. Het College van Luik in Leuven bestond nog niet in de tijd van Chapeauville Nadien werd hij tot priester gewijd.
In 1574 benoemde Gerard van Groesbeek, kardinaal-prins-bisschop hem tot pastoor van Saint-Michel En-Sauvenière en tot kanunnik van de Collegiale Sint-Pieterskerk. Zijn prediking trok de aandacht van Luikenaars buiten de parochie. Toen de pest in 1581 uitbrak, begroef hij ’s nachts de doden en hielp hij de armen die alles kwijt waren door de sanitaire maatregelen. Chapeauville gaf les theologie, naast zijn pastorale activiteiten, aan de voornaamste kloosters van de stad.
Ernst van Beieren trad in 1581 aan als prins-bisschop van Luik, naast andere prinsbisdommen en abdijvorstendommen die hij al bezat. Hij maakte jacht op protestanten in zijn gebieden. In Luik stelde hij Chapeauville aan als inquisiteur. Dit ambt bekleedde hij van 1582 tot 1587. In 1587 benoemde paus Sixtus V Chapeauville tot groot-penitentiarisEen penitentiaris was een kanunnik die toezicht hield op de boetedoening of penitenties bij de medekanunniken. van het kapittel van Sint-Lambertus. Vanuit het kapittel hervormde hij de priesterschool in de geest van de Contrareformatie, zoals het Concilie van Trente dit bepaald had.
Chapeauville werd in 1598 vicaris-generaal van prins-bisschop Ernst. In 1599 benoemden de kanunniken van Sint-Pieter, waar zijn carrière begon, hem tot hun proost. In de Sint-Pieterskerk gaf hij zo catechese aan niet-geestelijken. In 1600 werd hij tevens aartsdiaken van de Famennestreek, zodat hij verantwoordelijk was voor de kerkelijke belastingen vanuit Famenne voor de schatkist van de bisschop. Toen Ernst’ neef Ferdinand van Beieren prins-bisschop van Luik werd in 1612, bleef Chapeauville vicaris-generaal tegen zijn wil. Chapeauville stierf in 1617 ten gevolge van een verwikkelde maagzweer.
Werken miniatuur|Sint-Lambertuskathedraal met prinsbisschoppelijk paleis in de 17e eeuw, Luik Als vicaris-generaal en kanunnik in de kapittels van Sint-Lambertus en Sint-Pieter had hij toegang tot archiefstukken. Zijn interesse bestond uit de geschiedenis van Luik alsook in theologische thema’s die hij in zijn lessen in de abdijen behandelde. De boeken die hij publiceerde, waren de volgende: Tractatus de necessitate et mode administrandi sacramenta tempore pestis, Luik 1586, met herdrukken in Keulen, Leuven en Salzburg. Het boek beschrijft de pastorale taken tijdens een pestepidemie. Petit traité des vices et des vertus, desquels est faicte mention ès évangiles, Luik 1594. Abrégé de la somme des péchez M.J. Benedicti, enrichi d’un petit traité des vices et vertus, Luik 1595. De casibus reservatis, in duas partes distributus, Luik 1596, met herdrukken in Luik en Milaan. Catechismi Romani elucidatio scholastica, Luik 1600, met herdrukken in Luik en Bresse. Historia admirandarum Curationum, ope deprecationeque Divi Perpetui Leodiensis episcopi et confessoris, ad ejus sacras reliquias Dionanti, anno 1599 et aliquot superioribus contingerunt. Adjecta est vita D. Perpetui, cum descriptione urbis Dionantensis. Luik 1601, met vertaling naar het Frans. Dit werk was in opdracht van Ernst van Beieren. Het is het levensverhaal van de heilige Perpetuus van Maastricht, bisschop van Maastricht, ook genoemd Perpetuus van Dinant. Chapeauville noemde hem bisschop van Luik. In dit werk gaf hij een beschrijving van de stad Dinant, dat deel uitmaakte van het prinsbisdom Luik. Summa Catechismi Romani, in gratia ordinandorum catechistorump et parochium diocesis Leodiensis edita, Luik 1605. Deze catechismus kende herdrukken, ook na de dood van Chapeauville. Henri Duykens, priester in Hasselt, verzorgde een vertaling naar het Nederlands, Luik 1609. Epistola ad catechistas, de taedio quod catechistis obrepere solet, ejusdemque remediis, Luik 1605. Dit werk werd meerdere malen herdrukt. Het is een aansporingsbrief aan de catechisten in de geest van het Concilie van Trente. Catechista, sive brevis tractatus de necessitate et modo administrandi doctrinam Christianum, Luik, 1608. Tractatus historicus primae originis festivitatis sacratissimi corporis et sanguinis Christi, ex vera, testaque revelatione divinitus factae S. V. Julianae, Luik circa 1662. Dit werk kende eerst versies in het Frans. Qui Gesta Leodiensium scripserunt auctores praecipui, ad seriem rerum et temporum collocati ac in tomos distincti, nunc primum, studio et industria R. D. Joannis Chapeauvilli canonici et vicarii Leodiensis, typis excusi et annotationibus illustrati, afgekort Gesta Leodiensium en bestaande uit drie volumes, Luik 1612, 1613 en 1616. Dit werk was zijn meesterwerk. Het behelst de geschiedenis van de bisschoppen van Luik, te beginnen met dezen in Tongeren en Maastricht. Het werk is opgedragen aan Ferdinand van Beieren. Dit werk was het grootste drukwerk dat de drukpersen in Luik tot dan ooit maakten. De drie volumes tellen samen meer dan tweeduizend bladzijden. Postuum gaf de uitgever nog een extra volume uit, waarin het portret van Chapeauville staat. De titel van het postume werk was Historia sacra, profana … pontificum Tungrensium, Trajectin. Leodens. Pontificum Romanorum, Imperat… etc.
Maison Chapeauville De residentie van Chapeauville bevond zich aan de Rue Saint-Laurent, in de wijk Burenville. Ze werd gebouwd in 1608. In 1617 erfde bij testament zijn neef Jean La Roche, schepen van de stad, het huis. In de 18e eeuw werd de Maison Chapeauville herbouwd. De residentie werd afgebroken in 1968 omwille van de aanleg van de autobaan A602.
Categorie:Persoon in het prinsbisdom Luik Categorie:Zuid-Nederlands kanunnik (voor 1830) Categorie:Zuid-Nederlands theoloog (voor 1830) Categorie:Inquisiteur Categorie:Zuid-Nederlands historicus (voor 1830) Categorie:Neolatijns schrijver Categorie:Zuid-Nederlands schrijver (voor 1830) Categorie:16e-eeuws schrijver Categorie:17e-eeuws schrijver