Mary Anne (of Marie-Anne) van Outryve (Ooigem, 24 februari 1674 – Brugge, 12 april 1746) was een Brugse koopvrouw en ondernemer. Zij bouwde in de eerste helft van de achttiende eeuw een internationaal handelshuis uit dat actief was in textiel, thee en andere handelswaren. Haar activiteiten droegen aanzienlijk bij tot de economische en latere sociale en politieke opgang van de familie Van Outryve in Brugge.
Jeugd en verhuis naar Brugge Mary Anne van Outryve werd geboren in Ooigem als dochter van Jean-Baptiste van Outryve, baljuw van Ooigem en schepen van de kasselrij Kortrijk, en Jacqueline van Landeghem. Over haar jeugd is weinig bekend, maar uit haar latere activiteiten blijkt dat zij kon lezen en schrijven en dus een zekere opleiding had genoten. In 1699 vestigde zij zich in Brugge, waar zij op 31 augustus 1707 werd ingeschreven in het poorterregister van de stad.
Vanaf circa 1720 huurde zij een huis in de Cordoeaniersstraat 17-19, bekend als het Huis Londen, waar zij haar handelsactiviteiten organiseerde en een winkel uitbaatte.
Oprichting van een handelshuis In 1715 richtte Mary Anne van Outryve samen met haar zus Catherine-Thérèse (1684-1756) een handelsvennootschap op, beschreven als een “societeyt van goederen ende commercie”. Aanvankelijk concentreerde het bedrijf zich op de handel in textiel. De winkel in Brugge verkocht stoffen, linten, knopen en andere goederen die vooral door de lokale adel en burgerij werden gekocht. In haar rekeningen uit de jaren 1730 worden meer dan honderd klanten vermeld, waaronder verschillende Brugse adellijke families. Naast textiel werden ook andere goederen verkocht, zoals thee, tabak, servies, koffie, chocolade en luxegoederen.
De zussen Mary Anne en Catherine-Thérèse van Outryve lagen met hun (internationaal gerenommeerde) handelsactiviteiten in het Brugse mee aan de basis van het familiepatrimonium. Omdat Mary Anne van Outryve nooit trouwde, stond zij niet onder de wettelijke macht van een echtgenoot zoals het toenmalige gewoonterecht in de Zuidelijke Nederlanden voorschreef. Als ongehuwde vrouw was zij juridisch handelingsbekwaam en kon zij zelfstandig contracten afsluiten, geld beheren en een handelsactiviteit uitbouwen. Dat gold ook voor haar zus Catherina van Outryve, die weduwe was vanaf 1712 en niet meer hertrouwde.
Internationale handel Mary-Anne van Outryve ontwikkelde een uitgebreid handelsnetwerk dat zich uitstrekte over de Zuidelijke Nederlanden, de Republiek, Frankrijk en Engeland. In haar handelsregisters uit de jaren 1730 en 1740 worden honderden zakenpartners vermeld, onder meer in Amsterdam, Middelburg, Parijs, Duinkerke en Londen. Een belangrijk deel van haar activiteit betrof de handel in textiel. Daarnaast handelde zij ook in wijn, die bijvoorbeeld vanuit Bayonne per schip naar Sluis werd aangevoerd. Haar registers vermelden ook andere goederen en transacties, zoals rogge, diamanten, geschilderde prenten en koloniale producten zoals koffie of chocolade.
De betalingen verliepen via verschillende financiële instrumenten zoals wissels, voorschotten en verzekeringen, wat wijst op een sterk ontwikkelde handelspraktijk.
Handel in thee Een belangrijk onderdeel van haar activiteiten werd de handel in thee. Deze werd aangevoerd via de Oostendse Compagnie, die vanaf 1722 een monopolie had op de vaart naar Azië vanuit de Oostenrijkse Nederlanden. Mary Anne van Outryve kocht grote partijen thee, waaronder variëteiten zoals Bouy, Congo, Pecko en Imperial. De goederen werden opgeslagen in Brugse magazijnen en vervolgens via haar netwerk verder verdeeld.
Reputatie en bezoek van Lodewijk XV Het handelshuis van Mary Anne van Outryve genoot een grote reputatie. In juli 1745 bezocht de Franse koning Lodewijk XV haar winkel in Brugge, samen met de dauphin, waar zij luxueuze oosterse en textiele goederen aankochten. In een geschiedenis van de Brugse handel uit 1775 werd zij geprezen als een uitzonderlijk begaafde en succesvolle koopvrouw en zelfs omschreven als een van de voornaamste handelaars van haar tijd.
Overdracht van het bedrijf Op latere leeftijd droeg Mary Anne van Outryve haar handelsactiviteiten over aan haar neef Augustin van Outryve. Dit gebeurde rond 1742, toen zij ongeveer 68 jaar oud was. Onder zijn leiding groeide het bedrijf verder uit tot een internationaal handelshuis met activiteiten in de scheepvaart en de handel met onder meer de Antillen en Amerika.
Testament en overlijden Mary Anne van Outryve stelde in 1738 een uitgebreid testament op met 49 artikelen. Daarin nam zij onder meer bepalingen op voor haar begrafenis en verschillende religieuze en liefdadige schenkingen aan kerken, kloosters en armen. Zij overleed blind geworden in Brugge op 12 april 1746, op 72-jarige leeftijd. Zij werd begraven in de kerk van het klooster van de Recolletten, naast het altaar van Sint-Antonius van Padua.
Bij haar overlijden liet zij een vermogen na dat naar schatting bijna 900.000 florijnen bedroeg, waarmee zij in belangrijke mate bijdroeg tot de latere welvaart van de familie Van Outryve.
Nalatenschap Mary Anne van Outryve is een bijzonder voorbeeld van een vrouwelijke ondernemer in de Zuidelijke Nederlanden van de achttiende eeuw. Haar handelsactiviteiten legden de basis voor de economische en maatschappelijke opgang van de familie Van Outryve, waarvan verschillende leden later belangrijke politieke en economische rollen in Brugge en de Zuidelijke Nederlanden zouden spelen. Het handelshuis dat zij oprichtte bleef nog decennialang actief en stopte pas in 1822 met zijn activiteiten.
De handelsregisters ("Cleen Bouck" en "Groot Bouck") van Mary Anne van Outryve bleven bewaard en werden samen met het familiearchief van Outryve d’Ydewalle ondergebracht in KADOC, Leuven.
Bronnen Bernard VAN OUTRYVE D'YDEWALLE, L’étonnante carrière de Mary Anne van Outryve (1674-1746). https://www.dydewalle.be/actualites/l-etonnante-carriere-de-mary-anne-van-outryve-1674-1746 Jan PARMENTIER, Oostende & Co: het verhaal van de Zuid-Nederlandse Oost-Indiëvaart 1715-1735. Ludion: Amsterdam, 2007. Jan D'HONDT, “Het handelshuis van Mary Anne van Outryve”, in Veelvuldige Chineesche gezichten: China-belangstelling in Brugge in de 18de en 19de eeuw. Brugge, Stadsarchief, 2006. Patrice BEAUCOURT, Beschryving van den Opgank, Voortgank en Ondergank der Brugschen Koophandel. J. De Busscher: Brugge, 1775.
Referenties
Categorie:Geschiedenis van Brugge