Reichsfeuerwehrehrenzeichen (Nederlands: Rijksbrandweerteken) werd op 22 december 1936 door de rijksminister van Binnenlandse Zaken Wilhelm Frick ingesteld. Het ereteken was ter erkenning van de verdiensten van brandweerleden. Deze onderscheiding werd al snel vervangen door het Feuerwehr-Ehrenzeichen. Het versiersel Het ereteken bestond uit een Grieks kruis met een laag wit email, waaruit in het midden rode, vlamachtige ornamenten in vier richtingen uitstralen. Tussen de armen loopt een vergulde inscriptiering, met een zilveren of gouden achtergrondkleur afhankelijk van de graad. In het midden van het kruis bevindt zich een witte medaillon met een hakenkruis. Tussen de armen van het kruis ligt een cirkel met de inscriptie:Für Verdienste im Feuerlöschwesen (Nederlands: Voor Verdiensten in Brandbestrijding).

Het ereteken van de 2e graad was zilverkleurig en hing aan een vermiljoen-wit-vermiljoen lint met donkerrode zelfkanten. Het was 43 mm in diameter en had een vlakke achterzijde. Het ereteken van de 1e graad was identiek aan dat van de 2e graad, maar dan goudkleurig. De diameter bedroeg 58–60 mm. De versierselen werden vervaardigd uit tombak.Feuerwehr-orden.de: Material: Tombak. Geraadpleegd op 27 november 2025. Het ontwerp was van de Berlijnse militair schilder en uniform-expert Herbert Knötel.Lumsden 2001, p.121.Angolia 1978, p.167.

Het versiersel der 1e graad werd gepresenteerd in een zwarte cassette van kunstleer met geen opschrift.Angolia 1978, p.169. Het heeft aan de binnenzijde een wit satijn voering aan de bovenkant en een zwarte fluwelen voering aan de onderkant. En een ondertekende oorkonde werd mee uitgereikt. De 2e graad werden in een papieren enveloppe uitgereikt.Feuerwehr-orden.de: Ausführung 1936 -1943. Geraadpleegd op 27 november 2025.

Graden 1e graad 2e graad

Kwalificatie voor toekenning 1. de eerste graad werd toegekend aan leden van de beroepsbrandweer, Feuerschutzpolizei (brandbeschermingspolitie) of leden van de vrijwillige brandweer en brandweerbestuurders; voor buitengewoon verdienstelijke dienstverlening, inclusief daden van moed.Littlejohn 1968, p.43.

2. de tweede graad werd toegekend aan leden van beroepsbrandweer (brandbeschermingspolitie) of vrijwillige brandweer die na 1 mei 1936 hun 25e dienstjaar als brandweerlid in eer en trouw hebben voltooid. Ook buitenlanders in dienst van de Duitse brandweer konden in aanmerking komen voor deze onderscheiding.Doehle 1945, p.66.

Het recht van toekenning De voordracht werd gedaan door de Reichsführer der SS en Chef van de politie Heinrich Himmler (in zijn capaciteit als chef van de politie, waar de brandweerkorpsen onder vielen). Hij gaf de voordracht weer door aan de rijksminister van Binnenlandse Zaken Wilhelm Frick. Hitler behield het recht om het ereteken 1e graad te accorderen, met de minister van staat en stafchef Otto Meißner om de 2e graad te accorderen.Angolia 1978, p.168.Wikimedia Commons: Reichsgesetzblatt Teil I, Vorschlag, Artikel 1 vom 30. Januar 1938. p.78. Geraadpleegd op 29 november 2025.

Draagwijze De onconventionele eerste graad werd als Steckabzeichen, een kruis met speld Ook het dragen van een miniatuur aan een kleine ketting op de revers van rokkostuums was toegestaan.

Na de Tweede Wereldoorlog Na de capitulatie van Duitsland verboden de geallieerde mogendheden het dragen van Duitse onderscheidingen, waaronder die van vóór 1918. In de DDR bleef dit verbod onverkort van kracht.

Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit die het dragen van onderscheidingen met hakenkruizen of SS-runen verbood. Het dragen, verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van dergelijke insignes werd sindsdien wettelijk gereguleerd. Een aantal onderscheidingen werd daarna in een “gedenazificeerde” uitvoering opnieuw toegestaan, waarbij het hakenkruis en soms ook de adelaar werden verwijderd.Ordensjournal.

Gedecoreerde Adolf von Bomhard, (1e Graad)

Externe links TRACESOFWAR: Reichsfeuerwehr-ehrenzeichen 2.Stufe Feuerwehr-Orden.de: Drittes Reich: afbeeldingen van het Reichsfeuerwehrehrenzeichen

Zie ook Ridderorden en onderscheidingen van nazi-Duitsland

Categorie:Onderscheiding in nazi-Duitsland