Abraham (Ab) Jan Daniel van Oosten (Delft, 12 november 1898 – Rotterdam, 23 januari 1969) was een Nederlandse schrijver. Hij publiceerde zijn werk onder zijn naam met voorletters: A.J.D. van Oosten.
Leven en werk Van Oosten is in 1898 geboren als Abraham Jan Daniel van Oosten, zoon van de huisschilder Abraham van Oosten (vader) en van Johanna Hendrika Martina Westmaas (moeder). Hij groeit op in Delft waar hij, in navolging van zijn vader, aanvankelijk werkzaam is als huis- en decoratieschilder. Later wordt hij calculator bij het Delftse bedrijf Koninklijke Fabriek F.W. Braat NV waar al familie van hem werkzaam is. In de loop van de jaren twintig begint hij met schrijven en publiceren, de eerste bijdragen aan De Nieuwe Gids zijn van 1924. Naast gedichten, waardoor hij vooral bekend wordt, schrijft hij ook algemene psychologische beschouwingen. Deze worden vanaf 1925 onder meer gepubliceerd in het maandblad van de firma Van Houten, Ons Eigen Tijdschrift. Van Oosten wordt medewerker van het protestants-literair tijdschrift Opwaartsche Wegen. Verder levert hij in 1927/’28 bijdragen aan Stemmen des Tijds. Hij verwerft al doende een redelijke bekendheid als letterkundige en laat onder meer van zich horen door bijdragen voor de microfoon van de NCRV. Daar bespreekt hij bijvoorbeeld in 1929 Stille Opvaart, een bundel verzen bijeengebracht uit werk van jonge christelijke dichters, waartoe hij zelf behoort.
Overgang Maar Van Oosten blijft zoekende en komt mede door zijn literaire contacten in katholieke kring. In 1931 maakt hij de overstap naar de katholieke kerk. En daarbij komt hij in de bijbehorende literaire wereld. Hij wordt in 1931 redacteur van De Gemeenschap waarvan hij in 1934 redactiesecretaris wordt. Verder wordt Van Oosten medewerker kunst bij De Tijd en levert hij bijdragen aan Aristo en De Stem en Onze Vaan, het tijdschrift van de RK Volkspartij. Zijn geëngageerde poëzie en katholieke gedichten vinden weerklank binnen de katholieke gemeenschap. Zo wordt zijn gedicht 'Bombardement met vliegtuigen' (uit De Gemeenschap, 1934) voorgedragen bij vredesbijeenkomsten en door de RK Vredesbeweging gebruikt naast Pro Pace. Hij wordt later binnen de katholieke pers gekenschetst als een bekende bekeerling, mede op basis van zijn in 1935 verscheen brochures Mijn weg naar de kerk en Vreugden van den bekeerling. Van Oosten leeft inmiddels van de pen, hoewel hij bij zijn huwelijk nog te boek staat als administratief beambte. Betaald schrijfwerk is welkom zoals bijdragen in 1931-32 aan Rynbende's Blijmoedig Maandblad. Van Oosten is blijkens zijn publicaties geïnteresseerd in de hedendaagse kunstuitingen, film in het bijzonder. Samen met de filmer Piet van der Ham richt hij de katholieke filmgroep Kafilgro op. Op basis van zijn draaiboek verschijnt in 1937 de propagandafilm De kruisvaart roept. Inmiddels is Van Oosten in 1932 op 33-jarige leeftijd getrouwd met de 17-jarige Anna Maria Wilhelmina van Dam. Ondanks de weerklank en de waardering blijft Van Oosten ook weifelend en onzeker. Daarnaast spelen voortdurende geldzorgen. Na zijn ontslag bij De Tijd in 1938 neemt hij in 1939 ontslag als redactiesecretaris van De Gemeenschap. Voor zijn plan om een Nederlands kunstenaarscentrum in Oslo op te richten stuurt hij echtgenote en rest van zijn gezin vooruit, hij zelf blijft (met Piet van der Ham) maar kortstondig in Noorwegen. Na nog geen half jaar keert het gezin terug, de oorlogsdreiging is overal in Europa.
’t Getouw en meer Hoogstwaarschijnlijk via zijn katholieke vriendenkring vindt Van Oosten emplooi als redacteur annex uitgever van de bedrijfsuitgaven van Hatéma een van de grootste textielbedrijven van Helmond. In april 1940 arriveren zijn echtgenote en kinderen in Brabant waar ze onderdak vinden bij Anton Coolen, midden 1940 vestigt het hele gezin zich te Mierlo in huize Campania. In juli 1940 verschijnt de eerste editie van het huisorgaan van Hatéma, ’t Getouw, terwijl ook het bedrijfsblad onder redactie van Van Oosten staat. In beide verschijnen ook onregelmatig bijdragen van zijn hand, evenals van bekenden als Coolen en Louis de Bourbon (dichter). Maar papierschaarste leidt binnen een paar jaren een einde aan de verschijning van de eigen uitgaven, inclusief de boekenreeks waarin slechts één deel verschijnt, Hendrik Wiegersma's Volkskunst in de Nederlanden; klein beeldhouwwerk (1941). Wel is van Oosten ondertussen betrokken bij de sociale activiteiten van de ondernemingen, met filialen te Deurne en Geldrop waaronder exposities van kunstenaars in de schaftlokalen. Van Oosten levert ondertussen bijdragen aan het plaatselijke dagblad Zuidwillemsvaart (krant), aanvankelijk losse verhalen rond Kerstmis zoals een Oorlogshuiszegen dat apart uitgegeven wordt. Eind 1942 wordt hij medewerker voor de kunstrubriek. En vanaf begin 1942 is Van Oosten hoofdredacteur van het eveneens in Helmond uitgegeven weekblad de Nieuwe Eeuw. Huize Campania wordt ondertussen een regionaal artistiek centrum. Van Oosten is actief betrokken bij de plaatselijke historie, als secretaris van de stichting tot heropbouw van de molen, en bij de regionale beeldende kunstenaars.
Na 1944 Na de bevrijding van de regio september 1944 duurt het even voordat de oude bezigheden kunnen worden hernomen. In 1945 verschijnt er bij uitgeverij/drukkerij Helmond de verzenbundel Klein carnaval. Gedichten voor de generatie 1945. ’t Getouw verschijnt weer in april 1946, nog immer onder redactie van Van Oosten. Maar hoewel hij binnen het Brabantse inmiddels genesteld lijkt, voelt zijn vrouw zich er niet thuis. Medio 1947 verhuist het gezin naar 's-Gravenhage van waaruit van Oosten nog tot 1948 de redactie van ’t Getouw voert. Vrij werk van zijn hand verschijnt niet meer. Van Oosten gaat na enige jaren op zichzelf wonen te Rotterdam waar hij zich beperkt tot redactiewerk van tijdschriften als De Havenloods en Hier Rotterdam.
Literatuur en archief Diana van Dijk, A.J.D. van Oosten (1898-1969): ‘een dichter die zo wonderveel beloofde’, Jaarboek Letterkundig Museum 4 (1995), 117-131 Giel van Hooff, Helmonds glorie en 't Getouw. De dichter A.J.D. van Oosten en Helmond, Werkend Verleden 9 (1996), 1-6 Archief AJD van Oosten, Letterkundig Museum
Externe links Publicaties in de DBNL Vuursteen (1940) "His masters voice" twaalf verzen (1929) De wonderlijke weg een bundel verzen (1932) Banneling (1941) Klein carnaval Gedichten voor de generatie 1945 (1945) Glorie des harten Een bundel eenvoudige verzen (1937) ONZE ELFHONDERDDUIZEND VOOR GOD IN OPDRACHT VAN HET COMITÉ VAN KATHOLIEKE ACTIE «VOOR GOD» (1937) Film en gemeenschap (1936) Elsje Katrina. Een jeugdliefde in 't laagland (1937)
Categorie:Nederlands schrijver Categorie:Nederlands dichter