miniatuur|Auguste Brizeux Julien Pélage Auguste Brizeux (Lorient, 12 september 1803 - Montpellier, 3 mei 1858) was een Frans dichter, die schreef in het Frans en het Bretons.
Levensloop Brizeux werd geboren in de havenstad Lorient in Bretagne. Zijn vader, die scheepschirurgijn was, overleed in 1810. Hij liep school in een katholieke privéschool in Arzano en het Collège Saint-Yves in Vannes. In 1819 verliet hij Bretagne om verder te studeren, eerst in Arras, vervolgens in Parijs, waar hij rechten studeerde. Daar verkeerde hij in literaire en artistieke kringen. Hij was een kennis van Alfred de Musset, Alfred de Vigny, Sainte-Beuve en Victor Hugo. In 1832 raakte hij bekend bij het grote publiek. Ondanks een zeker populair succes en een toelage van de staat, te danken aan tussenkomst van zijn vrienden Alfred de Vigny en Alphonse de Lamartine, leefde Brizeux in relatieve armoede. Hij reisde verschillende keren naar Italië. In 1856 keerde een zieke Brizeux, hij leed aan tuberculose, terug naar Bretagne en trok in bij zijn moeder in Lorient. Zwaar ziek ondernam hij nog een reis naar zijn vriend Saint-René Taillandier in Montpellier waar hij overleed. Hij werd begraven op de begraafplaats cimetière de Carnel in Lorient.
Werk Zijn toneelstuk in rijm, Racine, werd in 1827 opgevoerd door de Comédie-Française. Brizeux' doorbraak kwam er in 1832 met zijn gedicht Marie over zijn jeugd in Bretagne en een jeugdliefde. Hij schreef gedichten in het Frans en het Bretons en was een verdediger van de Bretons cultuur. De gedichtenbundel Les Bretons (1845) wordt als het hoogtepunt van zijn oeuvre beschouwd. In 1847 werd dit werk bekroond door de Académie française. Kort voor zijn dood schreef hij een laatste gedicht, L'Élégie de la Bretagne. Verschillende gedichten werden op toon gezet door componisten als Hector Berlioz et Victor Massé.
Categorie:19e-eeuws schrijver Categorie:Frans dichter