Het Verhaal over Podolië of Podillia is een 15e-eeuws verhaal over de regio Podolië in zuidwestelijk Oekraïne, geschreven in het vroeg-Roetheens, dat voorkomt in de eerste versie van de Litouwse Kronieken. Het is naar schatting geschreven binnen de heersende kringen van het Groothertogdom Litouwen in Vilnius in het begin van de jaren 1430, na de dood van Vytautas de Grote in 1430, wat leidde tot de .

Inhoud De hoofdtekst van het Verhaal behandelt de geschiedenis van de regio Podolië vanaf ongeveer 1350 tot in de jaren 1430, evenals de inlijving ervan bij Litouwen. Het werk, geschreven in de Belarusische variant van het vroeg-Roetheens en zonder datering, onderscheidt zich door zijn journalistieke stijl en seculiere inhoud, aangezien religie in het verhaal vrijwel geen rol speelt. Het bevat enkele waardevolle verslagen over de lokale geschiedenis van Oekraïne en Wit-Rusland. Het is met name de eerste bron die vermeldt dat er rond 1350 drie Tataarse ‘tsaren’, genaamd Koetloeboeh, Chadzjibey en Dmytro, in drie verschillende delen van Podolië regeerden; in detail beschrijft hoe de Litouwse verovering van Podolië geschiedde door de zonen van Karijotas uit het vorstendom Navahroedak; en een verslag biedt van de Slag bij de Blauwe Wateren (1362/3).

Er wordt verhaald dat de zonen van Karijotas verscheidene steden hebben gesticht waaronder Kamjanets (heden Kamjanets-Podilsky), en dat zij Podolië hebben verdedigd tegen invallen van de Tataren van de Gouden Horde (vanaf 1441 Kanaat van de Krim). Vervolgens zou grootvorst Vytautas de Grote de verovering van heel Podolië door Litouwen hebben voltooid.

Doel thumb| De tekst was opgesteld als politiek document en had tot doel de Litouwse aanspraken op Podolië te rechtvaardigen en het beleid van de Poolse adel te veroordelen. Deze laatsten hadden zich na de dood van Vytautas in 1430 West-Podolië (ten westen van de rivier de Moerafa) toegeëigend. Historica Oksana Slipoesjko (2022) vatte het kort samen: "De taak [van het Verhaal over Podolië] was om aan te tonen dat de regio historisch gezien bij Litouwen hoort en niet bij Polen." Aangezien het Verhaal is geschreven met het politieke doel om de aanspraken van de Litouwse adel op Podolië tegenover hun Poolse rivalen te onderbouwen, geeft het geen objectief verslag over bepaalde personen of gebeurtenissen.

Felix Sjaboeldo (2005) waarschuwde dat de tekst erop gericht is de deugden van de zonen van Karijotas te verheerlijken in plaats van een nauwkeurig verslag van de militaire campagne te geven. Hij legde uit: "De naam van de auteur van dit geschreven monument is nog steeds onbekend. Zeker is dat hij deel uitmaakte van de hoogste regerings- en ambtelijke kringen van het Grootvorstendom Litouwen en zijn werk schreef in het begin van de jaren 1430, op het hoogtepunt van het Pools-Litouwse militaire conflict, waarin beide partijen bezig waren het politieke probleem op te lossen: aan wie precies – het Koninkrijk Polen of het Grootvorstendom Litouwen – het hele gebied van Podillia zou toebehoren."

Jaroslaw Pelenski (1998) raadde eveneens aan voorzichtig te zijn bij het gebruik van het Verhaal om de Slag bij de Blauwe Wateren te bestuderen, "...omdat het Verhaal over Podolië, getiteld Over het Podoolse Land (O Podols'koi zemli) in de Litouws-Roetheense Kronieken, die de belangrijkste bron vormen, misleidende informatie bevat." Historicus Vitaly M. Mykhailovskyj (2017) adviseerde ook voorzichtigheid te betrachten bij het gebruik van kroniekteksten zoals het Verhaal als bron voor de vroege geschiedenis van Podillia: "Het belangrijkste voorbehoud bij het gebruik ervan is dat de vroegste teksten, zoals Het verhaal van Podillia, dateren uit de jaren 1430–1450, en dus minstens 80–100 jaar verwijderd zijn van de oorspronkelijke geschiedenis van de regio. Een dergelijke vroege vermelding – wat betreft de nieuwe regio op het grondgebied van het huidige Oekraïne – in de bronnen zet de onderzoeker ertoe aan om dit omstreden gebied nader te bekijken."

Tekstkritiek In kopieën van de Litouwse Kronieken zijn er drie versies van het Verhaal van Podolië bewaard gebleven. de eerste redactie, zoals weergegeven in: het Supraśl-manuscript (geschreven rond 1450, gekopieerd in 1519); de Kroniek van Vilnius (circa 1495, onderdeel van het "Manuscript van Vilnius / Kroniek van Avraamka"; onvolledig, de kroniek breekt halverwege het verhaal af); en de Kroniekschrijver van de grootvorsten van Litouwen (Oekraïens: Літописець великих князів литовських) (jaren 1420); de tweede redactie, ook bekend als de Kroniek van het Groothertogdom Litouwen, Roethenië en Samogitië (jaren 1520), zoals weergegeven in: de manuscripten van het Archeologisch Genootschap, Krasiński, Raczyński, Olszew/Alševa, Roemjantsev, Jevreïnovsky en andere manuscripten; en de derde redactie, ook bekend als de Kroniek van Bychowiec (circa 1519–1542), zoals weergegeven in: Narbutts kopie uit 1846 van het manuscript van Bychowiec (ontdekt in 1830, later verloren gegaan), en het Kraków-manuscript (ontdekt in 2011, gepubliceerd in 2018).

Manuscript Incipit Explicit Supraśl-manuscriptFol. 102r–108r(л.102.–л.108.). Коли господар был на Литовскои земли князь великы Олгирд и, шед в поле c литовъскимь воискомь, побиль татаров на СинЂи воде, трех братов: князя Хочебия ą Кутлубугу a Дмитрея. ляхове, пана Долькгирда из города ис Каменца созвали на раду к собе и до рады не допустивши самого иняли и огьрабили, и Каменець засели, и все тое забрали, што Подолъскои земли держать. Vilnius-manuscript (verloren; de kroniek breekt halverwege het verhaal af) (verloren; de kroniek breekt halverwege het verhaal af) Sloetsk-manuscriptFol. 41v–49r(л.41об.–л.49.). Коли господаремь был на Лито товьскои земли князь великии Олгирд и, шедь в поле c литовьским воискомь, побиль татар на Синеи воде, трех братовь: князя Хачебея a Кутлубуга и Дмитрия. леховЂ, и пана Долкгирда з города Каменца созвали на раду собе и до рады не допустили, самого иняли и ограбили, што Поидолъское земли держать. Archeologisch Genootschapл.73об. О Подолскои земли Опят отселе почнем. Коли князь Олкгирд пошол y поле з литовским воиском и побил татаров, татарских князеи, Качея... (manuscript breaks off mid-narrative) (verloren; de kroniek breekt halverwege het verhaal af) Krasiński-manuscriptл.82об.–л.84. О Подольскои земли Коли пак князь вЂликыи Витовт поехал з Литвы до великого Луцка, a князь вЂликыи Олькгирд пошол в полЂ з литовским воиском и побил татаров на Синеи ВодЂ, убил трех братов, татарьских князеи, Хачебея, Сакутлубуга a Дмитрея. ляхо†пана Довкгирда c Каменца созвали к собЂ на раду, и до рады не допустивши самого обрали и забили, и Каменець засЂли, иныи подолские городы. И до сих часов тым Подоле за ляхи зашло, и тепер держать. Raczyński-manuscriptл.260–л.262. О Подольскои земли Коли Витовт пошол y поле з литовъским воиском и побил татар и князеи татарских на имя Хачея a Колобута, a Дмитрея. ляхове пана Довкгирда c Каменца созвали к собЂ y раду, и до рады его не допустили, и забили, a Каменец засЂли и иншые городы подольские. И до сих часов тым Подолье за ляхи зашло, и тепер деръжать. Olszew/Alševa-manuscriptс.311.–с.314. Iako xiądz vielki Vitold z Litwi iechal do Podola Potem, gdi xiądz vielki Vitolt do Podolskiey ziemie iechal z Litwi do Vielkiego Luczka, a xiądz Olgird poszedł w pole z litewskim voyskiem i pobił tatarow na Siney Vodzie, vbil trzech bratow, tatarskich xiążąt, Chaczabeia, Kukubuha, Dmitreia. lachovie, pana Dolgirda s Kamienca zezvali do siebie na radą i, do radi nie dopusciwssi, iego zabili, i Kamienieć zasiedli i insse Podolskie zamki, i do tich czassow tym Podole za lachi zaszło, i teras dzierżą. Roemjantsev-manuscript О Подолскои земли Опять отселЂ почнем, коли князь Олкгирд пошол в полЂ c литовским воиском и побил татаров, татарских князеи ХачЂя a Колобуга, a Дмитрия. ляхове пана Довкгирда c Каменца созвали к собЂ на раду, и до рады не пустили, его забили, a Каменец засЂли и иныи городы подолскии, и до сих часов Подоле за ляхи зашло, и тепер держат. Jevreïnovsky-manuscriptл.495.–л.498. +л.506.–л.506об. И потом князь Оркгирд в поле c литовским воиском пошол воевати татар, и побил татарских князеи, Хочея и Лобуса, и ДмитрЂя. И князь Витовт послал королю Якгаилу 20 000 кои грошеи паном Немиром и Дмитрием Василевичем, и лоским БІоренком, a городы к себЂ поимал и посадил на них воеводу своево дворянина Грановскаго, а по Грановском дал пану Петру Мантикгардовичю, и под паном Петром дал пану Дидикголду, потом пану дал Дидикголду Смоленеск. (...) Того же лЂта по смерти князя великаго Витовта и приЂхали ляхове пана Олкгирда c Каменца Подолского призвали к себЂ на раду, и до рады его не пустили, и самого убили, и Каменец засЂли, и все Подоле побрали, что и до сего дни держат. Kroniek van Bychowiecстр.35.– 1351 hod. Kniaź weliki Olgierd, sobrawszysia so siłami swoimi litowskimi, y szodszy pobił tatar na Siney wode, troch bratow, Chaczy-beja, a Kutłubuhu, a Dmitreja. –

Interpretatie Andere verhalen in deze manuscriptverzamelingen gaan onder meer over enkele conflicten tussen Litouwen en het Vorstendom Smolensk, die gepaard gingen met een negatief oordeel ten opzichte van Smolensk, met name toen Andrei van Polatsk de troonopvolgingsstrijd verloor van zijn halfbroer Jogaila en in 1387 naar Smolensk vluchtte.

De verhalen over Vytautas worden afgesloten met een afzonderlijke panegyriek, de Lof aan Vytautas. Dit zeer artistieke werk propageerde ideeën over Litouws patriottisme en politieke onafhankelijkheid; verschillende onderzoekers hebben sterke overeenkomsten opgemerkt tussen de Lof aan Vytautas en het Verhaal over Podolië. Het "heel-Roetheense" eerste deel van de vroege Belarusisch-Litouwse kroniek, Het verhaal van de trouwe heilige vorsten van Roes, is een zeer selectieve bloemlezing is van passages over Litouwen uit de eerdere Novgorodse Eerste Kroniek en Kievse Kroniek. Zowel het Verhaal van Podolië als de Lof aan Vytautas waren echter nieuwe composities en geen loutere bewerkingen van bestaande bronnen. Niettemin ondergingen de teksten van beide verhalen later ingrijpende wijzigingen. Volgens historicus Feoktyst Soesjytsky (1929) werd het Litouwse deel van de kroniek in Smolensk geschreven.

Serhii Plokhy (2006) merkte op dat het Verhaal "het verhaal van de Litouws-Poolse strijd om Podolië weergeeft vanuit het perspectief van de Litouwse vorsten. De lokale identiteit was in die tijd zo sterk dat er in het verhaal met geen woord wordt gerept over het Land van de Roes', terwijl het hoofdonderwerp, het Podoolse Land, evenveel aandacht krijgt als het Litouwse Land."

Zie ook Vorstendom Podolië Vorstendom Navahroedak Lof aan Vytautas (1432)

Categorie:Oekraïense kroniek