Arria (1e eeuw n.Chr.) was een Romeinse vrouw die vooral bekend werd door haar uitzonderlijke moed (virtus) en trouw (fides) aan haar echtgenoot, de generaal Caecina Paetus. Nadat Paetus in 42 n.Chr. betrokken was geraakt bij de mislukte opstand van Scribonianus tegen keizer Claudius, werd hij gevangengenomen en naar Rome gebracht. Daar kreeg hij het bevel zelfmoord te plegen. Toen hij aarzelde, stak Arria zichzelf met een dolk en reikte hem het wapen aan met de beroemde woorden: “Paete, non dolet” (“Paetus, het doet geen pijn”). Hierop pleegde Paetus eveneens zelfmoord.miniatuur|Arria met haar man Caecina Paetus|linksHet verhaal van Arria werd overgeleverd door Cassius Dio en door Plinius de Jongere. In een van zijn brieven vertelt Plinius ook hoe Arria de dood van haar zoon voor haar zieke echtgenoot verborgen hield om hem extra verdriet te besparen. Hierdoor werd zij gezien als een toonbeeld van moed, zelfopoffering en echtelijke trouw. Daarnaast werd zij geprezen als een waardige tegenstander van Claudius en vaak tegenover diens beruchte echtgenote Valeria Messalina geplaatst.
Voetnoten
Categorie:Romein Categorie:Persoon in de 1e eeuw