Jacqueline Hélène Christine Bel (Den Haag, 10 maart 1958) is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam (Multatuli-leerstoel) en auteur van boeken en artikelen. Haar specialisaties zijn (post)koloniale literatuur, het fin de siècle en de eerste helft van de twintigste eeuw, de Eerste en Tweede Wereldoorlog en leesbevordering. Bel is vicevoorzitter van het Multatuli-Genootschap en voorzitter van het Jacob Israël de Haan Genootschap, en was tot september 2022 vicevoorzitter van de Stichting Willem Frederik Hermans Instituut. Daarnaast was ze jurylid van diverse literaire prijzen.

Werk Bel promoveerde in 1993 bij Ton Anbeek aan de Universiteit Leiden op een proefschrift met de titel Nederlandse literatuur in het fin de siècle. Een receptie-historisch overzicht van het proza tussen 1885 en 1900.

Van 1985 tot 1996 was Bel lid van de redactie van het tijdschrift Literatuur. Van 2000 tot 2003 was zij universitair docent aan de Universiteit Leiden. Van 2001 tot 2019 was Bel universitair hoofddocent Nederlandse literatuur aan de Vrije Universiteit. In 2019 werd zij benoemd tot gewoon hoogleraar.

In 2010 publiceerde Bel samen met Thomas Vaessens het boek Schrijvende vrouwen. Een kleine literatuurgeschiedenis van de Lage Landen 1880-2010. Dit boek bevat een alternatieve literatuurgeschiedenis die louter uit Nederlandse en Vlaamse vrouwelijke auteurs bestaat. In 2015 publiceerde Bel haar eigen boek, Bloed en rozen. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1900-1945, deel 6 van de Taalunie-literatuurgeschiedenis van Nederland en Vlaanderen. Dit is wederom een alternatieve literatuurgeschiedenis met een ruime visie waarin vrouwelijke schrijvers, koloniale romans en tevens minder bekende genres een plaats krijgen. In 2018 bracht ze samen met Rick Honings en Jaap Grave "Multatuli nu. Nieuwe perspectieven op Eduard Douwes Dekker" uit.

Daarnaast is Jacqueline Bel redacteur van Over Multatuli (het jaarboek van het Multatuli Genootschap), het Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde en het tijdschrift Indische Letteren. Daarbij is ze ook nog eens lid van de adviesraad van het Vlaams-Nederlandse literair-historische tijdschrift Zacht Lawijd.

Vrouwen in de literatuur Jacqueline Bel stelt dat vrouwen in de literatuur serieus behandeld moeten worden en niet als een aparte categorie. In onderzoek focust zij zich dan ook op (vergeten) vrouwelijke schrijvers in de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Op de middelbare school merkte ze al dat er maar weinig werk van vrouwelijke schrijvers deel uitmaakte van de nationale canon. Ze vroeg zich af waar auteurs als Hella S. Haasse, Carry van Bruggen, Bea Vianen en Maria Dermoût waren gebleven. Er waren wel vrouwelijke schrijvers/dichters als M. Vasalis, Judith Herzberg en Ida Gerhardt, maar uiteindelijk draaide de literatuur om grote namen en dat waren vooral mannen.

Haar missie is om de verhalen van vrouwen op de voorgrond te zetten en de literatuurgeschiedenis meer divers, breder en completer te maken. In haar boeken over de literatuurgeschiedenis geeft Bel vergeten en onderdrukte vrouwelijke auteurs erkenning. Met Thomas Vaessens heeft Bel het boek Schrijvende Vrouwen (2010) geschreven. Dit boek bevat een soort alternatieve literatuurgeschiedenis waarin alleen vrouwen zijn opgenomen. In het boek Bloed en rozen (2015) schetst Bel een breed beeld van de Nederlandse en Vlaamse literatuur en geeft ze vrouwelijke schrijvers een serieuze plaats.

Publicaties (selectie) Monografieën Nederlandse literatuur in het fin de siècle. Een receptiehistorisch overzicht van het proza in Nederland tussen 1885 en 1900 (1993) Bloed en rozen: Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1900-1945 (2015) Schrijven, drukken, schrappen? Max Havelaar in tijden van sensitivity reading, laaggeletterdheid en ontlezing (Bert van Selm-lezing; 2023)

Redactie Schrijvende vrouwen. Een kleine literatuurgeschiedenis van de lage Landen (met Thomas Vaessens, 2010) Omtrent Hugo Claus: een themanummer (met Robert, J. & Vanhecke , J.; themanummer Zacht Lawijd, 2018) Multatuli Nu. Nieuwe perspectieven op Eduard Douwes Dekker en zijn werk (met Rick Honings en Jaap Grave; 2018) De postkoloniale spiegel. De Nederlands-Indische letteren herlezen (met Rick Honings en Coen van 't Veer; 2021). In 2024 verschenen in het Bahasa Indonesia als Cermin Poskolonial. Membaca Kembali Sastra Hindia Belanda, vertaald en ingeleid door Rhomayda Alfa Aimah. De Sjaalman Papers. Verborgen denkwerelden in Multatuli's Max Havelaar (met René van Woudenberg; 2024)

Artikelen (selectie) 'Indische letteren en het ghetto van de Nederlandse literatuur', in: Indische Letteren 14 (1999), p. 95-101. 'Modernisme in de Nederlandse literatuur', in: Modernisme(n) in de Europese letterkunde 1910-1940 (Jan Baetens, Sjef Houppermans, Arthur Langeveld & Peter Liebregts eds.; 2003), p. 45-66. 'Retour onbepaald vertraagd. De culturele herinnering in Indisch-Nederlandse en Molukse migrantenliteratuur', in: Identiteit en locatie in de hedendaagse literatuur (Aleid Fokkema en Maarten Steenmeijer eds.; 2003), p. 109-120. 'Vroeger kon je lachen. De lach in de poëzie van Tachtig', in: ’Daer omme lachen die liede.’ Opstellen over humor in literatuur en taal voor Fred de Bree (Ton van Strien en Roel Zemel eds.; 2004) 'Eén koloniaal systeem, twee visies? Notities bij de literatuur van Congo en Nederlands-Indië rond 1900 en 1930', in: Zacht Lawijd 6.2 (2007), p. 4-29. 'Dingen die voorbijgaan', in: Schrijven tegen de tijd. Over de kunst van het ouder worden (Arko Oderwald, Cees Hertogh, Koos Neuvel en Willem van Tilburg eds.; 2007), p. 229-241. 'De Groote Oorlog in proza en poëzie. Een inleiding', in: Armada 14.52 (2008), p. 4-11. 'Kanonballen, zingende groente en zeppelin, Vlaamse literaire dagboeken uit de Groote Oorlog: Loveling, Van de Woestijne en Streuvels', in: Armada 14.52 (2008), p. 33-43. 'Zieken in de zon', in: Opname. Ziek tussen vier muren (Arko Oderwald, Koos Neuvel en Willem van Tilburg eds.; 2009), p. 163-171. 'Boerenkoorts in de Nederlandse literatuur rond 1900', In: Suid-Afrikaans Institute reeks 13 (2013), p. 67-81. 'De eeuwige natuur op Java. Aanstekelijke reisverhalen van Franz Willem Junghuhn', in: Een tint van het Indische Oosten. Reizen in Insulinde 1800-1950 (Rick Honings en Peter van Zonneveld eds.; 2015), p. 75-84. 'Sabbat of socialisme. Het vergeten genre van de Joodse stadsroman', in: Zacht Lawijd 18.1 (2019), p. 73-93. 'Wij zijn allemaal de voortzetting van andermans trauma's. De Tweede Wereldoorlog na 1945', in: Nulpunt 1945. De Lage Landen een mensenleven later (2020), p. 181-188. 'Een gordel van smaragd? Van Multatuli tot Birney', in: Indische Letteren 35 (2020), p. 3-29. '’Eigenlijk ben ik zoo weinig als ik me voordoe’: Louis Couperus, de dandy', in: Iconische portretten. Geschiedenis van het Nederlandse auteursportret (Sander Bax, Lieke van Deinsen, Rick Honings & Bertram Mourits eds.; 2023), p. 150-160. 'Op zee en elders. Het imaginaire Indië van Marcellus Emants', in: Indische Letteren 39 (2024) 'Multatuli is de Shakespeare van de Lage Landen. Internationale visies op de auteur van Max Havelaar', in: Over Multatuli (2025) '‘We dronken champagne als water’. Feesten in de Nederlands-Indische literatuur,1860- 1940’' in: Indische Letteren 41 (2026)

Categorie:Nederlands schrijver Categorie:Nederlands neerlandicus