De regenwouden van Japen (Engels: Yapen rain forests) vormen een ecoregio op het Indonesische eiland Japen en enkele kleinere naburige eilanden. De ecoregio is onderdeel van de WNF-bioom tropisch of subtropisch regenwoud.
Geografie De ecoregio omvat het eiland Japen en de kleinere eilanden Num ten noordwesten en Kurudu ten oosten van het eiland. Japen heeft een oppervlakte van 2.230 km². Het eiland is lang en smal, met 166 km in oost-west richting en maar 26 km in noord-zuidrichting op het breedste punt. Heuvels en bergen liggen over de totale lengte van het eiland. De hoogste top is 1430 m hoog.
Klimaat De ecoregio heeft een tropisch regenwoudklimaat.
Flora De oorspronkelijke vegetatie was tropisch nat altijdgroen bos. De bossen bestonden uit drie hoofdtypen: alluviale bossen in de vlakten en rivierdalen, heuvelbossen op de hellingen en montane bossen op grotere hoogte.
Overheersende bomen aan de kust zijn Barringtonia asiatica, Calophyllum inophyllum, Terminalia catappa, Artocarpus sp. en Casuarina sp. Moerasbossen van Nypa fruticans komen veel voor achter de kust. Intsia bijuga, Octomeles sumatrana, Palaquium amboinense, waringin (Ficus benjamina) en soorten van Eugenia en Artocarpus bedekken laaglandhellingen. Palaquium amboinense, Octomeles sumatrana, Calophyllum sp., Terminalia sp., Manilkara sp., Pometia acuminata, en Pometia pinnata overheersen in laaglandbossen verder landinwaarts, met Anisoptera thurifera polyandra als opkomende boom op verspreide locaties.
Karakteristieke bomen van de hooglanden zijn Palaquium amboinense, Pometia acuminata en soorten van Cryptocarya, Tristania en Calophyllum. De conifeer Araucaria cunninghamii is een opkomende boom die te vinden is op verspreide berglocaties boven 500 meter hoogte.
Ultramafisch gesteente bevat concentraties metalen die giftig zijn voor veel planten en de ultramafische hellingen herbergen unieke plantengemeenschappen die zich hebben aangepast aan ultramafische bodems.
Fauna In de ecoregio leven 37 zoogdiersoorten. Twee soorten met een beperkte verspreiding worden gedeeld met de ecoregio regenwouden van Biak-Numfoor, die de eilanden ten noorden van Japen omvat: de rattensoort Rattus jobiensis wordt gevonden op Japen, Biak en Supiori en de vleerhond Pteropus pohlei, wordt gevonden op Japen, Numfoor en Rani.
Er leven 147 vogelsoorten in de ecoregio. Er zijn geen strikt endemische vogelsoorten. Er leven ongeveer 120 soorten in de laaglanden en 26 soorten in de hooglanden. In de montane wouden leeft de groene struikvliegenvanger (Pachycephalopsis hattamensis), die ook voorkomt in het Centraal Hoogland van Nieuw-Guinea en de hooglanden van Vogelkop. De grootste vogel van het eiland is de oranjehalskasuaris (Casuarius unappendiculatus).
Beschermde gebieden 48,31% van de ecoregio ligt in beschermde gebieden. Yapen Tengah Nature Reserve is het grootste beschermde gebied in de ecoregio met een oppervlakte van 590 km² midden op het eiland.
Categorie:Ecoregio van Oceanië Categorie:Tropisch of subtropisch regenwoud Categorie:Geografie van Papoea