Aloïs Janssens (Zele, 26 januari 1887 – Leuven, 6 juli 1941) was een Vlaamse rooms-katholieke priester, scheutist, theoloog, docent en publicist. Hij werd geboren in Zele in Oost-Vlaanderen en volgde zijn middelbaar onderwijs aan het Klein Seminarie van Sint-Niklaas. In 1904 trad hij in bij de Congregatie van Scheut, de missionarissencongregatie die officieel bekendstaat als C.I.C.M. Hij werd op 17 juli 1910 tot priester gewijd. Omdat een blijvende hardhorigheid hem ongeschikt maakte voor het eigenlijke missiewerk overzee, kreeg hij een academische en vormende taak binnen de congregatie. Vanaf 1913 doceerde hij aan het Theologicum van Scheut in Leuven, waar hij gedurende 28 jaar jonge missionarissen opleidde.
Janssens doceerde aanvankelijk kerkelijk recht, patrologie en liturgie; later vooral dogmatiek en apologetiek. Zijn betekenis lag niet alleen in het onderwijs, maar ook in zijn poging om katholieke theologie in het Nederlands toegankelijk en wetenschappelijk bruikbaar te maken. In Vlaanderen gold hij als een pionier van Nederlandstalige theologische literatuur. Zijn leerboeken over dogmatiek en apologetiek kenden meerdere herdrukken en werden ook buiten België gelezen.
Naast zijn academische werk was Janssens Vlaamsgezind. Tijdens zijn theologische vorming kwam hij in contact met figuren uit de Vlaamse katholieke en intellectuele wereld, onder wie Lodewijk Scharpé, Jozef de Cock, Frans Olbrechts, Jozef Bittremieux en zijn zwager Maurits de Meyer. In 1910 was hij medestichter van het Vlaamsgezinde koloniale tijdschrift Onze Kongo. Tijdens de Eerste Wereldoorlog verbleef hij in Engeland en Nederland en werkte hij mee aan bladen als De Stem uit België, Vrij België en De Klok uit België. Na de oorlog legde hij zijn uitgesproken Vlaamsgezinde bedrijvigheid grotendeels neer en wijdde hij zich vooral aan theologie, publicatie en onderwijs.
Zijn publicaties bestrijken dogmatiek, spiritualiteit, Mariologie, missiegeschiedenis, anglicanisme en katholieke apologetiek. Tot zijn werken of bijdragen behoren onder meer Het leven van de heilige Lutgart, Katholieke Dogmatiek. De hoofdprincipes van het katholicisme, artikelen over Sint-Augustinus, de maagdelijkheid van Maria, missie en christelijke kunst, en studies over anglicanisme en Newman. KADOC vermeldt bovendien zijn dossier rond anglicanisme, waaronder correspondentie met Lord Halifax en stukken over de Gesprekken van Mechelen, wat wijst op zijn belangstelling voor de verhouding tussen katholicisme en anglicanisme.
Een belangrijk deel van zijn werk had een uitgesproken katholiek-vormend karakter. Hij schreef niet alleen voor vakgenoten, maar ook voor een breder katholiek lezerspubliek. Zijn teksten moesten geloofsleer, devotie en theologische vorming dichter bij Nederlandstalige katholieken brengen. In die zin was hij tegelijk professor, geestelijk auteur en popularisator van katholieke theologie.
Aloïs Janssens overleed onverwacht in Leuven op 6 juli 1941, op 54-jarige leeftijd. Volgens KADOC stierf hij aan voedselvergiftiging, meer bepaald botulisme. Kort na zijn dood werd hij herdacht als een van de voornaamste leerkrachten van het theologische studiehuis van Scheut en als een belangrijk figuur in de Nederlandstalige katholieke theologie van zijn tijd.
Publicaties Boeken en afzonderlijke publicaties Het leven van de heilige Lutgart door Thomas van Cantimpré, Verdietscht en ingeleid door Al. Janssens. Gent/Leiden: De Vlaamsche Boekenhalle, 1921, 128 p. De beweging van Oxford., 1ste druk, 1930. Anglicaansche en Protestantsche Bekeerlingen., Stanton, Johnson, Delany, Orchard, Legio. Brussel/Leuven: De Standaardboekhandel, 1933, 159 p. The Oxford Movement. Translated from the Flemish by Margaret Mac Culloch., Leuven, 1933, IV + 127 p.; volgens KADOC getypt en ingebonden. De wedergeboorte van het katholicisme in Engeland., 1ste druk, 1934. Katholieke Dogmatiek. De hoofdprincipes van het katholicisme., Overdruk uit Scientia. Handboek voor wetenschap, kunst en godsdienst, deel I, 1938, pp. 127–144. Gebeden, Oefeningen en Overwegingen voor Katholieke Geloovigen., Antwerpen: V. Van Dieren & Co., 1941, 132 p.; getypt, niet uitgegeven. Looft God. Gebeden en godvruchtige oefeningen. Antwerpen: V. Van Dieren & Co., z.j., 105 p.; onvolledig, getypt, niet uitgegeven.
Artikelen: theologie en spiritualiteit De triomf van het Pausdom, in Ons Geloof, 15e jg., 1929, nr. 3, p. 97–102. Maria’s Hemelvaart in de werken van kardinaal Newman., uit De Standaard van Maria, 11e jg., nov.-dec. 1931, 14 p. Beteekenis der maagdelijkheid van O.L. Vrouw voor haarzelf en voor de Kerk., Overdruk uit De Standaard van Maria, april-juni 1934, p. 1–16. De Kerk in het leven en denken van Newman, in Ons Geloof, 22e jg., mei 1936, nr. 5, p. 202–207. In Memoriam G.K. Chesterton (+ 14 juni 1936)., in Ons Geloof, 22e jg., juli 1936, nr. 7, p. 289–299. Newman’s godsdienstige psychologie en de Dream of Gerontius., in Dietsche Warande en Belfort, jaargang 1937. Huwelijksmoraal in het anglicanisme, in Ons Geloof, 23e jg., februari 1937, nr. 2, p. 57–66. De Geest van S. Augustinus., in Ons Geloof, 25e jg., juli 1938, nr. 7, pp. 302–311. Geestelijke Oefeningen, gepubliceerd in Elckerlyc, 1938?–1939–11 mei 1940; volgens KADOC ca. 50 korte teksten.
Artikelen: anglicanisme, Newman, Oxford Movement De herziening van het Angicaanse Prayer-Book — vermoedelijk: Anglicaanse — in Ons Geloof, 13e jg., mei 1927, nr. 5, pp. 193–212. Lord Halifax, in Ons Volk ontwaakt, 15e jg., 1929, nr. 43, p. 673–676. The First Step Towards Reunion, Charity, z.j., 6 p.; geschrift in het dossier *Halifax/anglicanisme, niet noodzakelijk gepubliceerd. Halifax Papers nos. 1 and 2, 1923; geschrift in het archiefdossier. Memoranda of My Relations with Lord Halifax, augustus 1915, 13 p.; archiefstuk, twee kopieën.
Artikelen: missie, Congo, China Het Opperwezen bij de Bantunegers., Overdruk uit Congo. Algemeen tijdschrift van de Belgische Kolonie, 1923, 18 p. Het ontstaan der dingen in de folklore der Bantu’s., Overdruk uit Congo. Algemeen Tijdschrift van de Belgische Kolonie, Brussel, 1924, 26 p. Het aandeel van de vrouwen in de eerste christelijke propaganda, in Kerk en Missie, 7e jg., april 1927, nr. 2, pp. 50–52. De Franciscanen en de Chineesche Missie (1245–1669), in Kerk en Missie, 7e jg., 1927, nr. 4, pp. 138–143. Christelijke kunst in de missielanden, in Kerk en Missie, oktober 1928, nr. 4, pp. 145–147. Katholiciteit, in Kerk en Missie, 9e jg., 1929, nr. 4, p. 139–143. Theophiel Verbist, de Stichter van Scheut, in Ons Volk ontwaakt, 17e jg., 10 mei 1931, pp. 290–291 en 300.
Beauraing / Banneux met Bruno de Jésus-Marie, Etienne De Greeff, en Paul Van Genechten, Les faits mystérieux de Beauraing., Études, documents, réponses. Paris, 1933, 195 p. Beauraing. Articles d’Etienne De Greeff, Aloïs Janssens et Bruno de Jésus-Marie. Première rédaction, mei-juni 1933; ingebonden. Beauraing. Articles de Bruno de Jésus-Marie, E. De Greeff, G. Leurquin et son collaborateur. Première rédaction, september 1934; ingebonden. De “collaborateur” kan Janssens zijn, maar KADOC formuleert dat niet expliciet. Les évènements de Beauraing. Une réponse au P. Lenain, z.j., 2 p.; archiefstuk/geschrift Timant Côme, ses “Visions” et ses “Révélations” , z.j., 18 p.; archiefstuk/geschrift van Janssens, onvolledig. Overige bijdragen met Jules Persyn, J. Salsmans en E. Vliebergh, Boekennieuws, in Dietsche Warande en Belfort, jaargang 1913.
Categorie:Belgisch priester Categorie:Belgisch theoloog Categorie:Scheutisten