De Nama-Karoo (Engels: Nama Karoo) vormen een ecoregio in zuidelijk Afrika. De ecoregio is onderdeel van de WNF-bioom woestijnen en droge struwelen. Het beslaat het grootste deel van het binnenland van de westelijke helft van Zuid-Afrika en strekt zich uit tot in het zuidelijke binnenland van Namibië.
Klimaat Het klimaat van de Nama-Karoo is over het algemeen wisselvallig, onvoorspelbaar en vrij ruw, waardoor alleen de meest aangepaste organismen zich in deze regio kunnen vestigen. Het jaarlijkse droge seizoen, een periode van verzengende hitte en droogte, is lang en strekt zich vaak uit over de herfst en winter, tot in het vroege voorjaar. Zware regenval komt vooral voor in het natte seizoen, dat in de lente en zomer valt. Deze periode van overvloed kan ook variëren, waarbij de totale gemeten neerslag schommelt tussen 100 en 520 millimeter per jaar. De neerslag is bovendien sterk seizoensgebonden en bereikt zijn hoogtepunt tussen december en maart. De neerslag neemt doorgaans af van oost naar west en van noord naar zuid. Naarmate het klimaat verandert, worden de trends in de jaarlijkse neerslag steeds gevarieerder en is onvoorspelbaarheid te verwachten, vooral met steeds langere periodes van droogte. Temperatuurschommelingen van wel 25 °C tussen dag en nacht komen vaak voor. De gemiddelde maximumtemperatuur midden in de zomer (januari) ligt boven de 30 °C, terwijl de gemiddelde minimumtemperatuur midden in de winter (juli) onder het vriespunt ligt.
Flora De overheersende vegetatie bestaat uit dwergstruiken, zoals Drosanthemum, Eriocephalus, Galenia, Pentzia, Pteronia en Ruschia. Door begrazing, de grootste bedreiging voor de ecoregio, neemt het struikgewas steeds verder toe. Grassen (Aristida, Digitaria, Enneapogon, Stipagrostis) komen vaker voor in de laaggelegen gebieden en op zandgronden.
Fauna De fauna van de Nama-Karoo is relatief schaars en bevat weinig endemische soorten; slechts één zoogdiersoort wordt als strikt endemisch beschouwd, namelijk Visagies goudmol (Chrysochloris visagiei), een molachtige insecteneter. Eén soort, de hottentothaas (Bunolagus monticularis), wordt door het South African Red Data Book beschouwd als ernstig bedreigd, vanwege de achteruitgang van zijn leefgebied. Wat de vogels betreft, zijn de rode leeuwerik (Calendulauda burra) en de namaqualeeuwerik (Spizocorys sclateri) strikt endemisch.
Categorie:Ecoregio van Afrika Categorie:Woestijnen en droge struwelen