Edward Poynings (Southwark?, 1459 – Westenhanger, 22 oktober 1521) was een Engelse militair en diplomaat die tussen 1494 en 1496 onder koning Hendrik VII van Engeland de functie van Lord Deputy van Ierland bekleedde.
Biografie Vroege jaren Edward Poynings werd in 1459, waarschijnlijk in Southwark, geboren als de zoon van Robert Poynings en Elizabeth Paston. Zijn vader nam deel aan de opstand van Jack Cade en stierf in de Tweede Slag bij St Albans. Op zijn beurt steunde Poynings in 1483 de opstand van Henry Stafford, de hertog van Buckingham, tegen koning Richard III van Engeland. Hij vluchtte vervolgens naar Frankrijk, waar hij zich aan de zijde schaarde van Hendrik Tudor. Hij maakte deel uit van zijn invasieleger in 1485 en verwierf zijn ridderslag. Nadat Hendrik koning werd benoemde hij Poynings tot lid van de Privy Council en verkreeg hij de Orde van de Kousenband.
Poynings wist de landgoederen van zijn vader terug te krijgen die in beslag waren genomen. In 1492 werd voor een eerste keer met een leger naar de Nederlanden gestuurd om keizer Maximiliaan II om te helpen om de opstand neer te slaan. Nadat er tot een vergelijk met de opstandelingen was gekomen werd hij gouverneur van Calais en vanuit deze functie was hij betrokken om de kroonpretendent Perkin Warbeck verbannen te krijgen uit Bourgondisch grondgebied.
Lord Deputy In 1494 stelde Hendrik VII Poynings aan als Lord Deputy van Ierland. De aanhang van het Huis York was op het eiland nog steeds groot en de koning besloot om te experimenteren met een regime van militaire en financiële experts die het de Yorkisten onmogelijk moesten maken door wettelijke maatregelen te treffen om te voorkomen dat de regering in Dublin tegen de koning kon worden gebruikt en om de koninklijke inkomsten weer op peil te brengen. Poynings kreeg de opdracht om dit uit te voeren.
In militair opzicht was Poynings vrij succesvol in zijn opdracht. Zo wist hij met behulp van Gerald Fitzgerald en James Ormond de Ierse hoofdmannen Magennis en O'Hanlon voor de Engelsen te winnen. De wetgevende maatregelen die Poynings doorvoerde zouden hem blijvende "faam" bezorgen. Hij zorgde ervoor dat alle Engelse wetten voortaan ook in Ierland golden en zijn belangrijkste beslissing was om het Parlement van Ierland om de "Wet van Poynings" aan te nemen. Deze wet hield in dat de Engelse koning goedkeuring moest geven voor het bijeenkomen van het Ierse parlement. Met deze wetgeving zorgde hij ervoor dat het parlement tot 1782 niet bijeen kon komen, tenzij daar goedkeuring voor werd verleend. De financiële maatregelen van Poynings vielen dermate tegen dat de koning besloot om hem terug te roepen.
Latere jaren Om de alliantie tussen Hendrik VII en keizer Maximiliaan te bestendigen werd Poynings in 1511 met een compagnie Engelse soldaten naar de Nederlanden gestuurd om mee te vechten Karel van Gelre. Met dit leger nam hij deel aan het Beleg van Venlo, maar dit liep uit op een fiasco. Ze slaagden er niet om de stad in te nemen en werden verjaagd door de Venloënaars., Floris van Egmond (1469-1539): Veldheer in dienst van hertog, keizer en landvoogdessen (Zutphen: Walburg Pers, 2026) 119. Poynings keerde uiteindelijk terug naar Engeland en werd in 1517 benoemd tot kanselier van de Orde van de Kousenband. In 1520 was hij ook aanwezig bij het Goudlakenkamp. Een jaar later overleed hij op zijn landgoed in Kent.
Familie In 1580 huwde Poynings met Isabella Scott, dochter van John Scott. Zij kregen samen een zoon, John, die nog voor de dood van zijn vader zou overlijden. Naast hem had Poynings ook nog zeven buitenechtelijke kinderen, drie zoons en vier dochters.
Categorie:Engelse adel Categorie:Engels diplomaat Categorie:Persoon in de 15e eeuw Categorie:Persoon in de 16e eeuw