Barones Regina Sluszny (Antwerpen, 25 september 1939) is een Pools-Belgisch Holocaustoverlevende en voorzitter van het Forum der Joodse Organisaties.

Levensloop Regina Sluszny werd geboren in Antwerpen op 25 september 1939. Ze had twee oudere broers en groeide op in een orthodox-joods gezin. Haar ouders waren afkomstig uit Polen, maar verhuisden begin jaren dertig naar België. Na de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in België, dook het gezin onder. Via een secretaresse van de werkersbond in Antwerpen vonden ze een onderduikadres in een café-pension in Hemiksem.

Aangezien Sluszny nog erg jong was en daardoor niet stil kon zijn, dreigde het gezin ontdekt te worden. Toen er in 1942 een controle van de Duitse bezetter dreigde, werd Sluszny in huis genomen door Charel Jacobs en Anna Van Dijck die naast het café-pension woonden. Sluszny kreeg de schuilnaam 'Regina Desmet' en het kinderloze echtpaar zorgde tot de bevrijding van België in 1944 voor Sluszny alsof zij hun eigen dochter was. Haar jeugd bij Jacobs en Van Dijck was veilig en liefdevol. Sluszny voelde zich naar eigen zeggen destijds geen onderduikkind: ze zag er niet Joods uit en mocht vrij rondlopen in de kruidenierswinkel van Jacobs en Van Dijck, zelfs als er Duitse soldaten in de winkel waren. Ze stelde dat de hele buurt wist dat zij Joods was, maar dat niemand haar ooit verraden heeft.

De ouders en broers van Sluszny verbleven tijdens de oorlog op vijftien verschillende onderduikadressen. Deze adressen werden geregeld door Jacobs die was aangesloten bij de Witte Brigade. Hij zorgde tevens voor eten en bracht hen nieuwsberichten. Door zijn inzet wist het hele gezin de Tweede Wereldoorlog te overleven.

Na de bevrijding van België in 1944 keerde bijna vijfjarige Sluszny terug naar haar ouders en broers. Bij Jacobs en Van Dijck had ze een Vlaams-katholieke opvoeding genoten, waardoor de terugkeer naar het orthodox-joodse huishouden lastig voor haar was. Ze kende de regels van het Jodendom niet en overtrad per ongeluk de Joodse spijswetten, wat voor conflict zorgde. Elk weekend verbleef Sluszny bij Jacobs en Van Dijck, en ze beschouwde hen als haar tweede ouders. Ook na hun overlijden, in 1987 en 1989, bleef Sluszny in contact met hun familie. In 2011 kregen Jacobs en Van Dijck postuum de titel 'Rechtvaardigen onder de Volkeren'.

In de jaren negentig was Sluszny een van de initiatiefnemers van de organisatie dat zich inzette voor onderduikkinderen. Met de organisatie pleitte ze succesvol voor de officiële erkenning van voormalige ondergedoken kinderen als oorlogsslachtoffers. Sluszny is actief als spreker op scholen, bij verenigingen en officiële plechtigheden, waar ze spreekt over de thema's racisme, onverdraagzaamheid, antisemitisme en discriminatie. Daarnaast is ze als voorzitter verbonden aan het Forum der Joodse Organisaties en als ondervoorzitter aan de vzw ‘Het ondergedoken kind’. Voor haar jarenlange inzet kreeg ze op 21 juli 2022 de adellijke titel 'barones'.

Media Het levensverhaal van Sluszny werd opgetekend in de documentaire Regina Sluszny: Oorlogskind tussen twee werelden. Haar verhaal was tevens onderdeel van de Canvasreeks Kinderen Van De Holocaust.

Auteur Paul De Keulenaer belichtte het verhaal van Sluszny in het boek Vergeten oorlogskinderen: het levensverhaal van de ondergedoken Joodse kinderen Regina en Georges (2019).

Categorie:Belgisch Holocaustoverlevende