Het Sint-Dobrotiváklooster (Tsjechisch: ) is een augustijnenklooster in de Tsjechische plaats Zaječov. Het huidige, van oorsprong gotische gebouw werd in de veertiende eeuw voltooid, maar kreeg gedurende de zeventiende eeuw een barokke uitstraling. Het Sint-Dobrotiváklooster was het eerste augustijnenklooster van Bohemen. Dankzij de relikwieën van de heilige Benigna werd het een belangrijk bedevaartsoord.

Het gehele complex bestaat uit een kloostergebouw en de Maria-Boodschapkerk, en is aangewezen als beschermd monument.

Geschiedenis De bouw van het klooster met bijbehorende Maria-Boodschapkerk, gesticht door Oldřich Zajíc uit Valdek, werd in 1262 aangevangen. Hij deed dit uit dank voor de overwinning van koning Ottokar II van Bohemen op de Hongaarse koning Béla IV van Hongarije. Het klooster werd gebouwd op een plek die toen Ostrov heette. Een jaar later bracht Oldřich Augustijnermonniken naar het klooster. Het gehele kloostercomplex was uiteindelijk aan het einde van de veertiende eeuw voltooid.

Medio 1327 kreeg het klooster de overblijfselen van de heilige Benigna (Tsjechisch: ) in bezit, die in 449 werd vermoord. Sindsdien draagt het klooster haar naam en werd het, tot aan de Hussietenoorlogen (1419–±1434), een bestemming voor de jaarlijkse bedevaarten. Tijdens de oorlogen werd het klooster meermaals getroffen. De wederopbouw begon waarschijnlijk ergens na 1496 en duurde tot de jaren 1520. Een kleinere groep monniken woonde tot 1552 in het Sint-Dobrotiváklooster; toen vertrokken zij naar Praag. Het gebied kwam in handen van de familie Zajíc en later de familie Lobkowicz. In 1594 werd dit bezit van hen afgenomen en werd het eigendom van de koning. In 1620 liep het klooster opnieuw grote schade op. miniatuur|Zuidvleugel (2018) Ergens in 1676 werd het Sint-Dobrotiváklooster teruggegeven aan de Augustijnen. Er vond een grote renovatie plaats volgens plannen van de Italiaanse architect Domenico Canevalle en zijn zoon, waardoor het gebouw een barokke uitstraling kreeg. Eerst werd de kerk hersteld, daarna volgde de verbouwing van de kapel en vervolgens het gedeelde van de monniken. Ook werd een toren toegevoegd en de oost- en zuidvleugels van het klooster gerenoveerd. Deze werkzaamheden duurden tot het begin van de achttiende eeuw. De kerk werd daarna nog verder verbouwd, maar de geplande westvleugel werd nooit volledig gerealiseerd.

In 1785 werd het Sint-Dobrotiváklooster in eerste instantie gesloten door hervormingen van keizer Jozef II, doch in 1789 maakte hij een juridische uitzondering, waarna het klooster opnieuw in gebruik werd genomen, op voorwaarde was dat de lokale Augustijnen de kerkelijke zorg in de regio op zich zouden nemen. Vervolgens werd het kloostergebouw in gebruik genomen als een pastorie annex school. Medio 1866 liep het gebouw wederom schade op, nadat het door het Pruisische leger was beschoten. Kort daarop begon de restauratie van de kerk en kloostergebouwen. miniatuur|Toegangspoort (2023) Het Sint-Dobrotiváklooster werd in april 1950 opnieuw gesloten; de monniken werden naar werkkampen gestuurd. Vanaf dat moment begon het klooster in verval te raken. Na 1990 werd het klooster teruggegeven aan de Augustijnen, waarna een jarenlange renovatie begon. Sindsdien worden in de kerk weer regelmatig kerkdiensten gehouden, geleid door Augustijnen die vanuit hun eigen klooster in Praag hiernaartoe reizen.

Galerij

Externe link

Beschrijving in het monumentenregister

Categorie:Klooster in Tsjechië