François-Joseph Michel Noël (Saint-Germain-en-Laye, 12 januari 1756 – Parijs, 29 januari 1841) was een Franse schrijver en diplomaat.

Biografie Vroege jaren François Noël werd geboren als de zoon van een handelaar in tweedehandskleding uit Saint-Germain-en-Laye. Hij kreeg een studiebeurs voor het Collège de Grassins en werd later ook toegelaten op het Lycée Louis-le-Grand. Vervolgens werkte hij als schoolmeester en doceerde hij aan het Louis-le-Grand. In 1786 schreef hij zijn Éloge de Gresset en een jaar later kreeg hij zijn eerste eervolle vermelding van de Académie française voor zijn ode aan hertog Leopold van Brunswijk. Ook voor zijn Éloge de Louis XII kreeg Noël dezelfde prijs van de academie.

Na de uitbraak van de Franse Revolutie stopte hij met doceren en verdedigde hij de nieuwe revolutionaire principes in de krant La Chronique. In 1793 verbleef hij als gezant voor een eerste keer in Den Haag en vervolgens was hij in 1794 gevolmachtigd minister bij de Republiek Venetië. Begin 1795 riep de Nationale Conventie hem terug om lid te worden van de Commissie voor Openbaar Onderwijs. Nadat de generaal Jean-Charles Pichegru de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden had veroverd werd hij naar Den Haag gestuurd als gevolmachtigd minister.

Ambassadeurschap Tijdens de twee jaar dat Noël als ambassadeur in Den Haag was gestationeerd werd hij continu geconfronteerd met hevige ruzies tussen het gewest Holland en de andere provincies, dat gepaard ging met dreigementen van ultrarevolutionairen, volksopstanden en oproeren. Om Friesland akkoord te laten gaan met de vorming van een Nationale Vergadering liet hij de Franse troepen in Leeuwarden in januari 1796 tijdelijk uit de stad te laten wegtrekken. Hierdoor kon een lokaal revolutionair comité de macht grijpen, waarmee Friesland akkoord moest gaan met de vorming van de vergadering.

Tijdens de discussies in de Nationale Vergadering over de komst van een nieuwe grondwet bood Noël op 20 juli 1797 een nota aan de vergadering aan om te stemmen voor het Ontwerp van Constitutie dat toen voorlag. Deze keuze van Noël om de vergadering te beïnvloeden werd hem niet in dank afgenomen. Volgens het weekblad De Democraten waren de kansen van het ontwerp hiermee geen goed gedaan.

Noël werkte tijdens zijn ambassadeurschap werkte hij bij voorkeur samen met de gematigde Republikeinen en de Moderaten in de Bataafse Republiek en toen de radicale republikeinen het plan kregen om een staatsgreep te plegen was Noël hierbij een obstakel. Mede met behulp van omkoping wisten de radicalen Paul Barras voor zich te winnen en riep deze Noël terug naar Parijs en werd hij vervangen door Charles Delacroix. Hiermee werd de weg vrijgemaakt voor de Staatsgreep van 22 januari 1798.

Latere jaren Na de Staatsgreep van 18 brumaire accepteerde Noël de post van commissaris-generaal van de politie in Lyon. In 1801 volgde de benoeming tot prefect van het departement Haut-Rhin. Het jaar daarop kreeg hij de positie van inspecteur-generaal van het onderwijs. In 1808 werd hij inspecteur-generaals van de universiteiten en deze functie behield hij onder de Restauratie en de Julimonarchie. Pas enkele maanden voor zijn dood ontving hij het Legioen van Eer.

Geraadpleegde literatuur

Categorie:Frans ambassadeur Categorie:Frans schrijver Categorie:Persoon in de 18e eeuw Categorie:Persoon in de 19e eeuw