Pakhuis De Hes is een voormalig pakhuis en provinciaal monument aan de Kromme Elleboog 59 in de Drentse stad Meppel. Het gebouw, dat in 1901 werd opgetrokken in een ambachtelijk-traditionele stijl met neorenaissancistische elementen, bevindt zich op een beeldbepalende locatie in het centrum van de stad. Het is gelegen aan een steeg die de historisch-functionele verbinding vormt met de Meppeler grachtengordel. Het forse pand herinnert aan de belangrijke positie die Meppel rond de eeuwwisseling van de 19e en 20e eeuw innam op het gebied van handel en scheepvaart binnen de provincie Drenthe.
Geschiedenis
Bouw en vroege geschiedenis Het pakhuis werd gebouwd in opdracht van de Meppeler koopman Mozes de Hes. De aanbesteding van het bouwwerk vond plaats op 20 maart 1901. Het ontwerp van het pand was in handen van de architect Gerhardus Otten. De bouw werd aangenomen en uitgevoerd door de aannemers P. en A. Withaar voor een som van ƒ 10.143,-. Na de oplevering werd het pakhuis onder meer gebruikt voor de opslag van ijzerwaren. Na de beëindiging van deze bedrijfsactiviteiten heeft het pand gedurende een lange reeks van jaren leeggestaan.
Herbestemming en verbouwing In 2018 werd een project gestart om het leegstaande gebouw een nieuwe invulling te geven. Dit herbestemmingsproject stond onder leiding van Frederik Pöll Bureau voor Architectuur. De grootschalige herontwikkeling en verbouwing werden in 2026 afgerond. Bij deze ingreep werd een nieuwe bovenverdieping op het pand gezet. Dit gebeurde op een wijze waardoor de monumentale kwaliteiten van het oorspronkelijke pand gewaarborgd bleven. Na de oplevering kregen de bovenliggende verdiepingen een woonbestemming in de vorm van appartementen, terwijl de onderste verdiepingen plaats bieden aan het Stedelijk Museum Meppel.
Architectuur en omschrijving
Het pakhuis bestaat uit vier bouwlagen op een rechthoekige plattegrond. Het is opgetrokken in rood-bruine baksteen, die aan de westzijde rust op een grijze plint. Het gebouw wordt gedekt door een plat dak dat wordt afgesloten met een aan de bovenzijde uitkragende, geprofileerde daklijst. De hoekligging direct langs het trottoir maakt dat het pand aan drie zijden goed zichtbaar is in het straatbeeld.
De symmetrisch opgebouwde westelijke gevel wordt door een verticale bouwnaad in twee gelijke helften gedeeld. Deze gevel wordt visueel geleed door terugspringende venstervelden. Op de verdiepingen bevinden zich getoogde stalen vensters met een negenruits roedenverdeling. De vensters op de begane grond zijn blind afgedekt met houten platen. De vensteropeningen zijn voorzien van een hardstenen onderdorpel en een gemetselde segmentboog met natuurstenen aanzet- en sluitstenen, afgewisseld met natuurstenen speklagen. Elke verdieping heeft twee getoogde, opgeklampte pakhuisdeuren met een natuurstenen onderdorpel. Boven de deuren in het rechter geveldeel bevindt zich een ijzeren hijsbalk met een katrol.
De noordelijke gevel wordt gekenmerkt door een ritme van negentien getoogde twaalfruits vensters met een gemetselde segmentboog en een hardstenen lekdorpel, waarbij de onderste vensters blind zijn afgedicht. Deze zijde bevat tevens een niet-originele, rechtgesloten inrijdeur onder een stalen latei en drie rijen smeedijzeren staafankers.
De oostelijke gevel grenst aan een parkeerplaats, waar bouwsporen wijzen op de eerdere verwijdering van een platte aanbouw. De oorspronkelijke getoogde vensters aan deze zijde zijn vervangen door niet-originele, rechtgesloten stalen vensters van verschillende afmetingen. Op de verdieping bevinden zich twee niet-originele opgeklampte deuren, waarvoor de oorspronkelijk getoogde gevelopeningen rechtgesloten zijn gemaakt door een deel van de segmentboog te verwijderen. De gevel bevat nog de originele smeedijzeren staafankers. Tegen de zuidelijke gevel staat een niet-originele aanbouw onder een schilddak, terwijl op de verdiepingen van deze gevel de originele stalen vensters vrijwel volledig bewaard zijn gebleven.
Monumentale waardering
Het pakhuis is aangewezen als een provinciaal monument van algemeen belang voor de provincie Drenthe op basis van de volgende criteria:
Cultuurhistorische waarde: Het gebouw vormt een bijzondere uitdrukking van de historische positie van Meppel als belangrijk handelscentrum in de provincie Drenthe omstreeks 1900. Architectuurhistorische waarde: Het pand is representatief voor een pakhuis uit circa 1900 in een ambachtelijk-traditionele trant met neorenaissancistische elementen. Het valt op door de esthetische kwaliteiten van het ontwerp, het kenmerkende materiaalgebruik en de zorgvuldige detaillering binnen deze bouwstijl. Stedenbouwkundige en ensemblewaarde: Het pakhuis heeft een beeldbepalende ligging aan de Kromme Elleboog en een historisch-functioneel belangrijke ligging aan de steeg die de verbinding vormt met de Heerengracht. Gaafheid: Er is sprake van een hoge mate van gaafheid van het pakhuis zelf, in combinatie met de waarde die het gebouw bezit in relatie tot de redelijke mate van gaafheid van de omliggende stedenbouwkundige structuur en het bebouwingsbeeld. Zeldzaamheid: Het gebouw bezit een redelijke mate van zeldzaamheid binnen de provincie Drenthe vanwege de combinatie van de genoemde cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige kenmerken.
Zie ook Lijst van provinciale monumenten in Drenthe
Categorie:Bouwwerk in Meppel Categorie:Provinciaal monument in Drenthe