Gustave Corten (Rotterdam, 8 september 1968) is een Nederlands ingenieur en uitvinder op het gebied van windenergie. Hij werkte als onderzoeker bij het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) in Petten en promoveerde in 2001 aan de Universiteit Utrecht op onderzoek naar luchtstromingen langs windturbinebladen.Martijn van Calmthout, Windturbine produceert hete lucht, de Volkskrant, 6 januari 2001.G.P. Corten, Flow Separation on Wind Turbine Blades (proefschrift), Universiteit Utrecht, 2001.

Samen met Herman Veldkamp toonde Corten in 2001 in het tijdschrift Nature aan dat op de bladen aangekoekte insecten het vermogen van windturbines bij harde wind kunnen verminderen, in sommige gevallen tot ongeveer de helft. Voor dit onderzoek ontwikkelde hij de stall flag, een methode om loslatende luchtstroming op draaiende rotorbladen zichtbaar te maken. Later ontwierp hij rotorbladen en was hij voorzitter van de Nederlandse Orde van Uitvinders.Gustave P. Corten en Herman F. Veldkamp, Insects can halve wind-turbine power, Nature 412, 5 juli 2001.Marc Ruyg, Uitvinder zegt dé oplossing te hebben voor stillere windmolens, maar niemand luistert, NH Nieuws, 10 april 2023.Gerard Reijn, Uitvinders vragen veel te snel octrooi aan, de Volkskrant, 8 juli 2016.

Loopbaan

Corten begon zijn onderzoek aan de Technische Universiteit Delft en stapte later over naar het ECN in Petten. In januari 2001 promoveerde hij aan de Universiteit Utrecht op het proefschrift Flow Separation on Wind Turbine Blades; zijn promotor was Cees Andriesse.Karel Knip, Achter de windmolen, NRC Handelsblad, 2 juni 2012.

Corten is uitvinder van meerdere octrooien voor windturbines, waaronder een ECN-octrooi voor opbrengstverbetering en ontwerpen voor rotorbladen met vortexgeneratoren.Jaarverslag 2002, ECN, Petten, 2003 (octrooi "Opbrengstverbetering windturbines", uitvinder G. Corten).Gustave Paul Corten – Inventions, Patents and Patent Applications, Justia Patents. Later ontwierp hij een rotorblad dat de geluidsoverlast, slagschaduw en vogelsterfte van windturbines moet beperken. Volgens NH Nieuws wordt een eerder door hem ontworpen rotorblad inmiddels op een meerderheid van nieuwe windturbines toegepast.

Corten was voorzitter van de Nederlandse Orde van Uitvinders (NOVU). In die hoedanigheid stelde hij in 2016 dat uitvinders te snel en te vaak octrooi aanvragen.

Onderzoek en uitvindingen

Tijdens zijn promotieonderzoek bestudeerde Corten het loslaten van de luchtstroming (overtrek) langs draaiende windturbinebladen. Hij ontwikkelde daarvoor de stall flag: een reflecterende sticker met een klepje dat opengaat zodra de stroming loslaat, zodat met een camera zichtbaar wordt waar overtrek optreedt.Windmolens, Trouw, 6 juli 2001.

Met deze methode onderzocht Corten samen met Herman Veldkamp van turbinefabrikant NEG Micon waarom windturbines in Californië bij harde wind soms veel minder vermogen leverden dan verwacht. Zij concludeerden dat insecten die bij zwakke wind op de voorrand van de bladen aankoeken, bij toenemende windsnelheid de stroming verstoren en zo het vermogen in stappen doen dalen.Windmolen werkt slechter door dikke laag vliegen, de Volkskrant, 5 juli 2001. De bevinding verscheen op 5 juli 2001 in Nature en werd ook internationaal opgepikt, onder meer door de BBC.Flying bugs get the chop, BBC News, 4 juli 2001.

Corten stelde ook vast dat een windturbine meer energie aan de wind onttrekt dan zij in bruikbaar vermogen omzet; een deel gaat als warmte verloren in het zog achter de turbine. Hij presenteerde deze berekening in 2000 op een symposium van het Internationaal Energieagentschap en nam die op in zijn proefschrift. Volgens Corten betekent dit dat de voorste rij turbines in een windpark niet op vol vermogen zou moeten draaien om de opbrengst van het geheel te vergroten.G.P. Corten, Heat Generation by a Wind Turbine, ECN-RX--01-001, ECN, 2001. Gepresenteerd op het IEA-symposium over de aërodynamica van windturbines, NREL, december 2000.

Categorie:Nederlands ingenieur Categorie:Nederlands uitvinder