Louis Gaulard Dumesny (Montauban, vóór 1635 - Parijs, 1702 of 1715Zie: Lacombe (2021).), ook bekend als Dumesnil, was een Franse tenor. Zijn zangkunst werd ontdekt toen hij als kok werkte, waarna een glanzende operacarrière volgde.
Levensloop Dumesny was in Montauban kok bij Nicolas-Joseph Foucault. Zijn zangstem viel dermate op dat componist Jean-Baptiste Lully hem rekruteerde. Lully verzorgde Dumesny's opleiding door een muziek- en een dansmeester in te huren. Dumesney zou al zeker veertig jaar oud zijn geweest toen hij bij het operagezelschap van Lully aan de slag ging.
In 1677 volgde zijn debuut in Lully's opera Isis. In 1680 zong Bernard Clédière in Saint-Germain de rol van Alphée in Proserpine, maar toen later dat jaar de uitvoeringen in Parijs plaatsvonden bleek Alphée te worden vertolkt door Dumesny. Mogelijk was Dumesny populairder geworden dan Clédière, zodat er voor die laatste geen ruimte meer was bij het operagezelschap van Lully.
Dumesny was in meerdere opera's van Lully te horen, zoals Persée (1682), Armide (1686) en Acis et Galatée (1686). Zijn grootste succes was de titelrol in de opera Phaethon (1683).
Na het overlijden van Lully in 1687 richtte Dumesny zich op opera's van andere componisten, zoals Enée et Lavinie (1690) van Pascal Collasse, Didon (1693) van Henry Desmarets, Médée (1693) van Marc-Antoine Charpentier en Issé (1697) van André-Cardinal Destouches. Verder was hij te horen in enkele heruitvoeringen van Lully's werken.
Tijdens de Paasdagen was Dumesny altijd in Engeland te vinden. Hij verdiende daar goed geld met het geven van optredens. Op de terugreis van een van deze optredens werd hij echter ziek en verloor hij zijn stem.
In 1700 ging Dumesny met pensioen. Zijn overlijdensdatum is onduidelijk.
Waardering Dumesny's stem was een hoge tenor, waardoor hij door kon gaan voor een haute-contre. Omdat hij geen noten kon lezen, moest hij zijn rollen onthouden door ze steeds weer te herhalen. Elke nieuwe rol moest hem noot voor noot worden aangeleerd. Zijn techniek was gebrekkig, zijn inzicht in muziek gering en hij zong regelmatig vals. Verder verscheen hij vaak dronken op het podium. Toch was hij een publiekslieveling en was hij de favoriete haute-contre van componisten als Destouches en Campra.
Over het uiterlijk van Dumesny was men positief: hij was lang, had donker haar en was knap. Hij kwam adellijk over en had een goed gebit. Op het podium kwam hij dan ook goed over en kon hij met succes worden ingezet voor romantische rollen.
Dumesny was privé een charmante persoonlijkheid die graag achter zijn vrouwelijke collega's aan ging. Zijn collega Julie d'Aubigny - ook wel bekend als La Maupin - was het op een gegeven moment zat dat hij de zangeressen seksueel lastigviel en besloot hem aan te pakken. Ze was een zeer goede schermster en overviel Dumesny 's nachts, terwijl ze zelf verkleed was als man. Ze wist hem te verslaan en zijn horloge te bemachtigen. Toen hij de volgende dag op het werk vertelde over zijn belevenissen van die nacht, liet La Maupin het horloge zien, zodat iedereen wist dat zij het was die hem had verslagen.
Categorie:Frans tenor