Het kapucijnenklooster van Edingen (Frans: couvent des capucins d'Enghien) bestond van 1615 tot 1797 en van 1845 tot 1996. De gebouwen aan de Rue des Capucins, waaronder de 17e-eeuwse Sint-Franciscuskapel, zijn voor een groot deel bewaard en beschermd. Een bezoek aan de site is mogelijk door een rondleiding aan te vragen.Het Kapucijnenklooster, Stad Edingen (bezocht 26 september 2026)
Beschrijving De bewaarde kloostergebouwen bestaan uit verschillende onderdelen:Enghien : La chapelle des capucins, Paris-Match, 2 oktober 2021 De toegangspoort lang de Kapucijnenstraat, met de wapens van Karel van Arenberg en Anne de Croy De Sint-Franciscuskapel (Chapelle Saint-François) met het altaarstuk van Servaes de Coelx en de gestucte Onze-Lieve-Vrouw-van-Genadekapel (Chapelle Notre-Dame Reine de Grâce) De crypte met de sarcofagen en urnen van de familie Croy De 17e-eeuwse sacristie De neogotische bakstenen kloosterverblijven (1843-1851) De neogotische Sint-Jozefkapel (Chapelle Saint-Joseph) met het praalgraf van Willem van Croÿ door Jehan Mone (1528)
Geschiedenis De stichting gebeurde onder impuls van het hoogadellijke echtpaar Karel van Arenberg en Anne de Croy. Hun wens had reeds tegen 1610 vaste vorm gekregen en behelsde de aanleg van een familiale grafkelder onder de kloosterkerk. Op hun Kasteel van Edingen verbleven al drie kapucijnen, onder wie Annes geestelijke raadsman Gamaliel de Condé (Philippe du Buisson) en de lekenbroeder Eustache de Templeuve (Pierre Heddebault). Aan die laatste werd het bouwkundig ontwerp toevertrouwd. De eerste steen werd gelegd op 31 mei 1615,Hildebrand 1945, p. 268 en op 24 juni 1617 wijdde aartsbisschop Frans van der Burch de kloosterkerk in.Hildebrand 1945, p. 270 Tussendoor was de begin 1616 overleden Karel van Arenberg als eerste begraven in de crypte.
Het kerkinterieur volgde de sobere, witte kapucijnenstijl, die contrasteerde met het rijke meubilair. Een tabernakel van ebbenhout en ivoor werd overgebracht uit de Sint-Adrianuskerk van Naaldwijk. De Duitse beeldhouwer Steffen Mayer integreerde het in het hoofdaltaar, waarvoor Servaes de Coelx een Aanbidding der Wijzen schilderde.Hildebrand 1945, p. 269 Op dit doek waren portretten van de familie Croy en van de kapucijnen herkenbaar.
Onder Frans bewind werd het klooster in 1797 opgeheven en de gebouwen aangeslagen.Bertrand Goujon, Les Arenberg. Le gotha à l'heure des nations (1820-1919), Presses Universitaires de France, 2017, p. 285 De beschadigde kloostergebouwen werden in 1804 aangekocht door Hyacinthe Mary, voormalig hofraad van Lodewijk Engelbert van Arenberg. Hij transformeerde ze tot woningen. De kapel werd ten dienste van de parochie gesteld.
In de 19e eeuw keerde Prosper Louis d'Arenberg terug naar het Kasteel van Edingen, dat hij liet restaureren. In 1837 verwierf hij ook de voormalige kloosterkapel. Zijn vrouw Ludmilla de Lobkowitz kocht in mei 1841 de rest van het kloostercomplex terug voor 38.500 frank en liet het restaureren.Bertrand Goujon, Les Arenberg. Le gotha à l'heure des nations (1820-1919), Presses Universitaires de France, 2017, p. 286 Het plafond van de Sint-Franciscuskapel werd gestuct en in de Sint-Jozefkapel werd dynastieke kunst bijeengebracht.
Het duurde uiteindelijk nog tot 1850 vóór de kapucijnen effectief terugkeerden, vanuit hun Brugse huis. Twee jaar later wijdde bisschop Gaspard-Joseph Labis de kloosterkerk weer in. Van 1852 tot 1966 was het noviciaat van de Vlaamse kapucijnenprovincie in Edingen gevestigd.Guido Hendrix, "De bibliotheek van het novitiaat der kapucijnen te Edingen" in: Capuchins in the Low Countries. Studies, vol. 21, 2018, p. 1
In 1932 verkocht de familie Arenberg het klooster voor twintig frank aan de kapucijnen, mits zij voor de dodenkelder zouden zorgen.Godelieve Deschuyffeleer, EDINGEN – Nieuwe toekomst voor Kapucijnenklooster, Editie Pajot, 16 november 2012 Die had in 1872 nog een reeks sarcofagen van de familie Van der Mark ontvangen na de afbraak van de Lummense Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaartkerk. In 1964 schonk de familie ook haar archieven aan het klooster.Bernard Roobaert, "Les archives de la famille d'Arenberg: source majeure pour la toponymie et l'anthroponymie en Belgique" in: Handelingen van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie, 2014, nr. 1, p. 189.
Bij gebrek aan roepingen werd het klooster op 15 augustus 1996 opgeheven. De laatste pater, Jean-Pierre Tytgat, trok op 22 november 1997 de poort achter zich toe.
In 2011 is het historische klooster onder erfgoedbescherming geplaatst.
Eigendomsgeschil De kapucijnencongregatie verkocht het klooster in 1998 aan de firma WBJ Invest nv van de vastgoedmakelaar Marc Labeeuw. Hij was een broer van de kapucijn Frans Labeeuw. De oude kloostergebouwen en hun inboedel werden geschonken aan de vzw Memoriaal Karel Van Arenberg, ook onder Labeeuws controle. Het Arenbergarchief en de bijhorende gebouwen waren niet in de verkoop inbegrepen.
De stad Edingen was lid van de vzw Memoriaal Karel van Arenberg en kende ook subsidies toe, maar trok zich terug uit onvrede met de commerciële aanpak. In de voormalige kloostertuin liet WBJ Invest woningen bouwen. Prins Leopold van Arenberg betwistte de transactie in drie rechtszaken, die hij verloor bij gebrek aan belang.'Ik ga mijn doden toch niet terugkopen?', De Morgen, 13 september 2006 In 2007 verkocht de vzw Memoriaal Karel van Arenberg de historische kloostergebouwen aan WBJ Invest.Couvent des Capucins: la ville apporte des précisions, Notélé, 3 oktober 2018 Met financiële steun van Leopold van Arenberg begon de stad Edingen in 2018 een nieuw proces tot ontbinding van de vzw Memoriaal Karel van Arenberg, wat eveneens werd afgewezen.Couvent des Capucins : la ville d'Enghien perd son procès !, La Dernière Heure, 10 mei 2019
Arenbergarchieven Sinds 1964 berust een aanzienlijk archiefdepot van de familie Arenberg in het kapucijnenklooster van Edingen (ca. zeshonderd strekkende meter). Er werd een depotgebouw opgetrokken naast het klooster en voor de ontsluiting werden de verenigingen Studium Arenbergense (1970) en Archives et Centre culturel d'Arenberg (1997) opgericht.
De conservatoren van het archief waren achtereenvolgens: Auguste Roeykens (1966-1979) Jean-Pierre Tytgat (1979-1996) Arnout Mertens (1998-2001) Lieve Bické en Guy Lernout (2001-)
Literatuur Jean-Pierre Tytgat, "Les Capucins ont quitté Enghien" in: Annales du Cercle archéologique d'Enghien, XXXI, 1997, p. 217-240 Auguste Roeykens, "Le prince-comte Charles d'Arenberg et l'Ordre des Frères-Mineurs Capucins. Sa première idée de fonder un couvent des Capucins à Enghien" in: Annales du Cercle archéologique d'Enghien, XVI, 1970-1972, p. 59-70 Yves Delannoy, "Contribution à l'histoire du couvent des Capucins d'Enghien (1792-1852)" in: Annales du Cercle archéologique d'Enghien, XIII, 1962, p. 45-115 Landelin Hoffmans, Le centenaire de la réinstauration des Capucins au couvent d'Enghien sous les auspices des ducs d'Arenberg, Enghien, 1952 P. Hildebrand, De Kapucijnen in de Nederlanden en het Prinsbisdom Luik, vol. I, 1945, p. 266-270 en vol. II, 1946, p. 170-180
Voetnoten
Categorie:Kapucijnen Categorie:Bouwwerk in Edingen Categorie:Beschermd erfgoed in Wallonië Categorie:Voormalig klooster in Wallonië Categorie:Klooster in Henegouwen