thumb|Naz Hillmon van het Michigan Wolverines Women's Basketball Team Basketbal of basketball is een balsport die in 1891 door gymnastiekleraar James Naismith in Springfield, Massachusetts (Verenigde Staten) werd bedacht voor de jongens aan de school waar hij werkte. Het spel werd snel populair op scholen, colleges en universiteiten en werd vrijwel vanaf het begin ook door vrouwen gespeeld. Het huidige basketbal wordt op bijna elk continent door zowel mannen als vrouwen beoefend.
Twee ploegen van elk vijf aan het spel deelnemende spelers en maximaal zeven wisselspelers komen tegen elkaar uit op een rechthoekig speelveld met aan elk van de korte zijden een op 3,05 m hoogte gehangen horizontaal doel, een ijzeren ring met een net - de basket. Elk team probeert de bal in bezit te krijgen en deze zo vaak mogelijk door de basket van de tegenstander te werpen, is de bal niet in bezit, wordt de tegenstander zoveel mogelijk gehinderd hetzelfde in het eigen doel te doen. De ploeg die de meeste doelpunten heeft gemaakt, wint het spel.
Basketbalcompetities worden vooral in sporthallen gespeeld, maar het zogenoemde streetbasketball of streetball wordt buiten gespeeld. Binnen is de ondergrond doorgaans van hardhout of kunststof en buiten wordt op asfalt gespeeld. Internationale basketbalwedstrijden worden volgens de officiële regels van de Internationale Basketbalfederatie FIBA gespeeld. De Amerikaanse National Basketball Association (NBA) heeft hier sinds jaar en dag een grote invloed op en neemt vaak het voortouw in spelregelwijzigingen, die later door de FIBA worden overgenomen.
Spel In aanvallend opzicht wordt basketbal gespeeld door de bal op de grond te stuiten (stilstaand, dan wel dribbelend lopend met de bal) of door deze aan een medestander toe te spelen, te passen. Binnen de door de schotklok toegestane tijd van 24 seconden, moet een doelpoging worden ondernomen. Dat wil zeggen dat de bal binnen een bepaalde tijd de basket moet raken. De schotklok, die de duur van een aanval beperkt, is ingesteld om snelheid in het spel te brengen.
In het moderne basketbal worden, afhankelijk van de afstand van waarop wordt geschoten, met een velddoelpunt twee of drie punten gescoord (de zogenoemde twee- en driepunters). Een vrije worp levert één punt op.
De verschillende veldspelers nemen verschillende strategische posities in; de center en power-forward in de nabijheid van de basket, de small-forward en shooting-guard rond de driepuntslijn. De point-guard verdeelt het spel, brengt de bal van de ene naar de andere zijde van het speelveld en speelt zijn medespelers aan. Een FIBA-wedstrijd duurt 4 × 10 minuten, bij de NBA is dat 4 × 12. Een gelijkspel is niet mogelijk, dan wordt de wedstrijd een of meer keer verlengd met vijf minuten, zowel bij de FIBA als de NBA. Het scoreverloop en andere belangrijke wedstrijdgegevens worden bijgehouden op het wedstrijdblad.
Het verdedigende team probeert het aanvallende team van scoren te weerhouden en poogt zelf de bal te bemachtigen. Een aantal strategieën wordt toegepast om de tegenstander de bal te doen verliezen. Wanneer een aanvallend team het balbezit uit handen geeft, is er sprake van een turnover. Balverlies kan worden geleden als gevolg van een steal van een tegenstander, wanneer een speler met de bal buiten het speelveld komt of een loopfout begaat, wanneer hij een aanvallende fout begaat, als een schot door een tegenstander wordt geblokt of wanneer de bal na een mislukte doelpoging door de tegenstander via een defensieve rebound wordt bemachtigd. Wanneer een speler de bal aan een scorende medespeler toespeelt, die daarop een doelpoging kan doen, spreekt men van een assist.
Bepaald fysiek contact, met name wanneer hier voordeel mee wordt behaald, kan worden bestraft met een persoonlijke fout; onsportief gedrag wordt bestraft met een onsportieve fout. Commentaar op de scheidsrechters of technische staf kan een technische fout opleveren. Wanneer een speler een voor de wedstrijd bepaald aantal fouten begaat, wordt hij van het spel uitgesloten. Bij bepaalde niet-toegestane balbehandelingen, zoals lopen met de bal of tweemaal dribbelen (double dribble of second dribble), gaat het balbezit naar de tegenstander.
Speelveld thumb|Basketbalveld Het basketbalveld bestaat uit een rechthoekig oppervlak met aan beide korte kanten een basket. In het professioneel basketbal, met name wanneer het binnen wordt gespeeld, is de ondergrond van hardhout, meestal van eiken. Buiten wordt basketbal meestal op asfalt gespeeld. Het spel begint vanaf de middencirkel met een sprongbal.
Volgens de spelregels van de NBA is een veld 94 feet lang en 50 feet breed, 28,65 bij 15,29 meter. Een FIBA-veld is met 28×15 meter iets kleiner en vanaf 26×14 meter kan een veld ook goedgekeurd worden. Het middelpunt van de basket is bij de FIBA op 1,575 meter vanaf de achterlijn, bij de NBA op 1,60 meter van de achterlijn.
Lijnen, afmetingen en gebieden internationaal: FIBA De uitvoering van het speelveld die hieronder besproken wordt, geldt voor de FIBA; de kleine verschillen bij de NBA komen verderop aan bod.
De delen van het speelveld worden aangegeven door lijnen van vijf centimeter breed, alle in dezelfde kleur. Het veld meet 28 bij 15 meter. Het wordt in tweeën gedeeld door de middenlijn met middencirkel en begrensd door zij- en achterlijnen. De grenslijnen behoren niet tot het speelveld. Verder zijn er korte markeerlijnen, bijvoorbeeld voor de plaats waar ingegooid moet worden.
Het hart van de basket bevindt zich op 1,575 meter van de achterlijn. De ring heeft een diameter van 0,45 meter en hangt voor volwassenen op een hoogte van 3,05 meter In jeugdcompetities is de hoogte doorgaans 2,60. De ring is bevestigd aan een backboard van 1,80 meter breed en 1,05 meter hoog.
Rond de basket worden verschillende gebieden aangegeven met lijnen:
In een kleine boog voor het backboard bevindt zich een gebiedje dat aangeduid wordt als no-charge-zone. Een verdedigende speler moet hier voldoende ruimte geven aan een aanvaller om na een sprong veilig te landen. Het is een halve cirkel met een straal van 1,25 meter, die bij het midden van de basket overgaat in rechte lijnen die doorlopen tot het board. Het ruimere deel rondom de basket wordt de bucket genoemd, maar wordt officieel aangeduid als beperkt gebied of restricted area. De laatste term wordt door de NBA echter gebruikt voor de no-charge-zone. De bucket ligt deels voor en deels achter de backboards. Tussen de achterlijn en de vrijeworplijn gemeten is hij is 5,80 meter lang, waarvan 1,20 meter achter de backboards ligt. De breedte is 4,90 meter. Tot 2010 was de bucket trapeziumvormig, daarna werd het een rechthoek. In een ruime boog om de bucket ligt de driepuntslijn. Die loopt op 6,75 meter vanaf het middelpunt van de basket; tot 2010 was dat 6,25 meter.Aanpassing spelregels 20 september 2010 (gearchiveerd) De driepuntslijn vormt bijna een halve cirkel die met een kleine knik aansluit op lijnen die op 90 centimeter van de zijlijnen naar de achterlijn lopen.
Lijnen, afmetingen en gebieden Amerika: NBA De maatvoering bij de NBA is gewoonlijk in feet en inches, zodat de maten altijd wat afwijken van de internationale metrieke maten. Er zijn echter ook andere verschillen, waarbij de cirkelstraal van de driepuntslijn het belangrijkste is. Deze is in de geschiedenis van het spel meermalen gewijzigd en is ook afhankelijk van de sterkte van de competitie. Internationaal is de cirkelstraal 6,75 meter, bij de NBA is dat 23 voet en 9 inch, ofwel 7,24 meter. Verder is ook het speelveld iets groter, dit meet 94 bij 50 voet (28,65 bij 15,29 meter). Een ander verschil is de cirkel rond de basket: bij de FIBA is de straal 1,25 meter, bij de NBA vier voet, 1,21 meter. Het hart van de basket bevindt zich bij de NBA op 1,60 meter van de achterlijn.
Regels Basket, backboard en bal De originele basket was een rieten perzikmand, die bevestigd was aan het balkon van een gymzaal. Het type korf en de positie ervan waren echter onpraktisch en in 1897 werd het backboard geïntroduceerd. In 1914 werd de bodem uit de mand verwijderd, zodat de bal na een score door de mand heen kon vallen en niet na elke score de bal uit de mand gehaald hoefde te worden. In 1921 werd de basket 60 cm van de muur geplaatst, om te voorkomen dat de muur als hulpmiddel gebruikt werd, in 1940 werd de basket nog eens 60 cm verder in het speelveld geplaatst, om meer beweging onder de basket mogelijk te maken. De originele bal had een omtrek van 81 cm, in 1931 werd dit 79 cm en in 1935 met een basketbal tussen de 74,9 en 76,8 cm. De omtrek van het backboard is 1,80 bij 1,05 m. Het zwarte, rode, oranje of groene vierkant zit precies in het midden van het board, het is 0,59 bij 0,45 m.
Spelers, wisselspelers en teams De originele spelregels van Naismith vermeldden het aantal spelers dat op het speelveld was toegestaan. In 1900 werd een aantal van vijf spelers standaard, waarbij een speler steeds gewisseld mocht worden, behalve als hij 5 fouten maakte. Vanaf 1921 mocht een speler tweemaal gewisseld worden en in 1934 driemaal. In 1945 verdween de limiet op het aantal keer dat een speler gewisseld mocht worden. Coachen gedurende een wedstrijd was verboden, maar werd in 1949 gedurende time-outs toegestaan. Initieel werd een speler na twee fouten van het spel uitgesloten, in 1911 en 1945 veranderde dit in respectievelijk vier en vijf fouten. In de FIBA wordt een speler na vijf fouten uitgesloten, in het NBA na zes fouten.
Schotklok en tijdslimieten De eerste tijdslimiet werd ingesteld in 1933, waarbij een team verplicht werd binnen een tiental seconden nadat balbezit verkregen was over de middenlijn te komen. Deze regel werd tot 2000 in stand gehouden, waarna deze door de FIBA tot acht seconden werd gereduceerd, de NBA volgde een jaar later.
De drie-secondenregel, die aanvallende spelers verbiedt om langer dan drie seconden in de bucket te verblijven, werd in 1936 ingesteld. De regel werd oorspronkelijk geïntroduceerd om grof spel tussen de (grote) spelers onder de basket te voorkomen; nu wordt het vooral beschouwd als een regel om het voordeel dat verworven wordt door (te) dicht bij de basket te wachten op te heffen.
De schotklok werd in 1954 in de NBA geïntroduceerd, om tegemoet te komen aan de snelheid van het spel. Een team werd verplicht binnen 24 seconden na verkregen balbezit een doelpoging ondernomen te hebben, waarbij de ring van de basket wordt geraakt. Wanneer dit gebeurt, of wanneer de tegenstander de bal bemachtigt, wordt de schotklok gereset. In 1956 stelde de FIBA een soortgelijke 30-secondenregel in, waarbij de schotklok na een doelpoging gereset werd. De FIBA definieerde de term doelpoging minder strikt dan de NBA. De FIBA ging in 2000 over op de 24-secondenregel en adopteerde de strengere definitie van een schotpoging, waarbij de bal de ring van de basket dient te raken, van de NBA. Een gemist schot, waarbij de 24 seconden verstrijken wanneer de bal nog in de lucht onderweg is, gold als een overtreding van deze regel; in 2003 werd dit opgeheven, mits de bal de ring raakte. Vanaf 2018 werd de schotklok op 14 seconden gebracht als de aanvallende ploeg na een schotpoging de ring raakt en opnieuw in balbezit komt (offensieve rebound).
Er zijn twee mogelijkheden om 24 seconden te verkrijgen en drie mogelijkheden om veertien seconden te verkrijgen.
24 nieuwe seconden: Als de tegenploeg in balbezit komt. Als er een overtreding gemaakt wordt op de aanvallende ploeg op de verdedigende helft.
Veertien seconden: Als er een overtreding gemaakt wordt op de aanvallende ploeg op de aanvallende helft wanneer er minder dan 14 seconden overbleven. Als de bal met de voet geraakt wordt wanneer er minder dan 14 seconden overbleven. Als de bal de ring raakt bij een doelpoging en de aanvallende ploeg komt opnieuw in balbezit.
Fouten, vrije worpen en overtredingen