Wenedyk is een naturalistische kunsttaal, gemaakt door de Nederlander Jan van Steenbergen. Officieel is het een afstammeling van het vulgair Latijn met een sterke Slavische onderlaag, gebaseerd op de fictieve veronderstelling dat de voorouders van de tegenwoordige Polen werden ingelijfd in het Romeinse Rijk. Onofficieel probeert het Wenedyk simpelweg te laten zien hoe het Pools eruit zou hebben gezien als het een Romaanse taal was geweest in plaats van een Slavische. Woordenschat en grammatica zijn derhalve vrijwel volledig gebaseerd op het Vulgair Latijn, fonologie, orthografie en syntaxis op het Pools.
Het Wenedyk dient ter illustratie van bovengenoemd concept. In tegenstelling tot vele andere kunsttalen behoort het bevorderen van de internationale communicatie of het anderszins verwerven van een gebruikersgemeenschap niet tot de doelstellingen ervan.
Het idee voor Wenedyk ontstond naar aanleiding van soortgelijke, op het Keltisch gebaseerde Romaanse talen, zoals Brithenig, Breathanach en Kerno. Naast deze en andere kunsttalen speelt het Wenedyk een rol in de alternatieve geschiedenis Ill Bethisad, waar het een van de officiële talen is van de Republiek van de Twee Kronen.
Orthografie en uitspraak Het Wenedyk maakt gebruik van het Poolse alfabet, dat bestaat uit de volgende 32 letters:
A Ą B C Ć D E Ę F G H I J K L Ł M N Ń O Ó P R S Ś T U W Y Z Ź Ż
Voorts zijn er zeven klanken, die door twee letters worden weergegeven::
Ch Cz Dz Dź Dż Rz Sz
De uitspraak is gelijk aan die van het Pools. De klemtoon valt bijna altijd op de voorlaatste lettergreep. Een voorzetsel en een voornaamwoord samen gedragen zich over het algemeen als één woord, zodat het voorzetsel wordt beklemtoond wanneer beide uit één lettergreep bestaan.
Grammatica Zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden Het Wenedyk heeft geen lidwoorden. Dit onderscheidt het Wenedyk van de andere Romaanse talen en van andere op het Romaans gebaseerde kunsttalen, zoals het Esperanto en het Ido. De reden hiervoor is, dat in het vulgair Latijn de ontwikkeling van lidwoorden nog in een vroeg stadium verkeerde, terwijl lidwoorden in het Pools en de meeste andere Slavische talen niet voorkomen.
In mindere mate dan bijvoorbeeld het Nederlands is het Wenedyk een flecterende taal. Zelfstandige, bijvoeglijke en voornaamwoorden kunnen drie geslachten (mannelijk, vrouwelijk, onzijdig) hebben, enkel- en meervoud, alsmede drie naamvallen: de directe naamval duidt zowel het onderwerp als het lijdend voorwerp aan. In de zin Miej poterz leże libier "Mijn vader leest een boek" staat zowel Miej poterz "mijn vader" als libier "een boek" in de directe naamval. de genitief duidt bezit aan, bijvoorbeeld: siedź potrze "mijn vaders stoel", rzejna Anglie "de koningin van Engeland". de datief wordt gebruikt om het meewerkend voorwerp aan te duiden, bijvoorbeeld: Da mi ił libier "Geef mij dat boek", Da mi łu "Geef het aan mij". Het Wenedyk heeft ook een vocatief, die in de meeste gevallen dezelfde vorm heeft als de directe naamval. Er zijn echter uitzonderingen, zoals: O potrze! "O vader!"
Zelfstandige naamwoorden kunnen worden onderverdeeld in vier declinaties, die verwant zijn aan het Latijnse systeem: de eerste declinatie bestaat uit alle woorden op -a, waarvan verreweg de meeste vrouwelijk zijn; de tweede declinatie bestaat grotendeels uit mannelijke en onzijdige woorden die uitgaan op een medeklinker. Het is een combinatie van de Latijnse tweede en vierde declinatie; de derde declinatie bestaat voornamelijk uit vrouwelijke woorden die uitgaan op een medeklinker; de vierde declinatie zijn woorden op -ej en komt overeen met de Latijnse vijfde declinatie.
Bijvoeglijke naamwoorden komen in geslacht, aantal en naamval altijd overeen met het zelfdstandig naamwoord waarop zij betrekking hebben. Zij kunnen er zowel voor als achter worden geplaatst.
Persoonlijke voornaamwoorden In tegenstelling tot zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijke naamwoorden en andere voornaamwaarden, maken persoonlijke voornaamwoorden onderscheid tussen de nominatief en de accusatief. De volgende tabel toont hoe zij worden verbogen:
+Persoonlijke voornaamwoordenenkelvoudmeervoud1ste persoon2de persoon3de persoon1ste persoon2de persoon3de persoonmannelijkvrouwelijkonzijdigmannelijkvrouwelijkonzijdigNom.Acc.Gen.Dat.jomiemiejmitycieciejciiłłułuliłałąlejlejłułułulinunosznosznówwuwoszwoszwówliłoszłórlewlełaszłarlewlelełórlew
Werkwoorden De vervoeging van werkwoorden maakt onderscheid tussen persoon, enkelvoud/meervoud, wijs en tijd. De vormen in de tegenwoordige tijd zijn: 1 sg. – jemu "ik bemin" 2 sg. – jemasz "jij bemint" 3 sg. – jema "hij/zij bemint" 1 pl. – jemamy "wij beminnen" 2 pl. – jemacie "jullie beminnen" 3 pl. – jemą "zij beminnen"
Afgezien daarvan heeft het Wenedyk de volgende tijden en wijzen: onbepaalde wijs – jemar "beminnen" tegenwoordige tijd – jemu "ik bemin" onvoltooid verleden tijd – jemawa "ik beminde" voltooid verleden tijd – jemie "ik heb bemind" onvoltooid toekomende tijd – joru jemar "ik zal beminnen" voltooid verleden toekomende tijd – jemaru "ik zal hebben bemind" voorwaardelijke wijs – jemarsi "ik zou beminnen, ik zou hebben bemind" gebiedende wijs – jem "bemin!" tegenwoordig deelwoord – jemęć "beminnend" verleden deelwoord – jematy "bemind"
Woordenschat De woordenlijst van het Wenedyk zoals gepubliceerd op het Internet bestaat uit meer dan 4000 woorden. De volgende lijst van dertig woorden geeft een beeld van hoe het Wenedyk eruitziet in vergelijking met acht andere Romaanse talen:
+Vergelijking tussen negen Romaanse talen Nederlands Latijn Portugees Spaans Frans Italiaans Reto-Romaans Roemeens Brithenig Wenedyk arm brachium braço brazo bras braccio bratsch braţ breich brocz dood mŏrs morte muerte mort morte mort moarte morth mroć ei ovum ovo huevo œuf uovo ov ou ew ów eiland īnsŭla ilha isla île isola insla insulă ysl izła groen vĭrĭdis verde verde vert verde verd verde gwirdd wierdzi hemel caelum céu cielo ciel cielo tschiel cer cel czał hond canis cão perro chien cane chaun cîine can kań ik ĕgo eu yo je io jau eu eo jo leven vīta vida vida vie vita vita viaţă gwid wita melk lac leite leche lait latte latg lapte llaeth łoc naam nōmen nome nombre nom nome num nume nôn numię nacht nŏx noite noche nuit notte notg noapte noeth noc oog ŏcŭlus olho ojo œil occhio egl ochi ogl okieł oor auris orelha oreja oreille orecchio ureglia ureche origl urzykła oud vĕtus velho viejo vieux vecchio vegl vechi gwegl wiekły paard ĕquus, cabăllus cavalo caballo cheval cavallo chaval cal cafall kawał school schŏla escola escuela école scuola scola şcoală yscol szkoła stad cīvĭtas cidade ciudad cité città citad oraş ciwdad czytać stem vōx voz voz voix voce vusch voce gwg wucz ster stēlla estrela estrella étoile stella staila stea ystuil ścioła taal, tong lĭngua língua lengua langue lingua linguatg, lieunga limbă llinghedig, llingw lęgwa tand dĕns dente diente dent dente dent dinte dent dzięć vader pater pai padre père padre bab tată padr poterz vis pĭscis peixe pez, pescado poisson pesce pesch peşte pisc pieszcz voet pĕs pé pie pied piede pe picior pedd piedź vriend amīcus amigo amigo ami amico ami prieten, amic efig omik vuur ignis, fŏcus fogo fuego feu fuoco fieu foc ffog fok water aqua água agua eau acqua aua apă ag jekwa wind vĕntus vento viento vent vento vent vînt gwent więt zwart nĭger negro negro noir nero nair negru nîr niegry
Voorbeeld Het Onze Vader in Wenedyk: Potrze nostry, kwały jesz en czałór, sąciewkaty si twej numię. Owień twej rzeń. Foca si twa włątać, komód en czału szyk i sur cierze. Da nów odzej nostry pań kocidzany. I dziemieć nów nostrze dziewta, komód i nu dziemiećmy swór dziewtorzór. I nie endycz nosz en ciętaceń, uta liwra nosz dzie mału. Nąk twie są rzeń i pociestać i głurza, o siąprz. Amen.
Referenties Dorota Gut: Now@ Mow@ ("Nieuwe Taal"), Wiedza i Życie, Februari 2004. Tilman Berger: Vom Erfinden Slavischer Sprachen. Ziemowit Szczerek: Świat, gdzie Polska nie jest Polską ("Een wereld, waar Polen Polen niet is"), Interia.pl, 26 september 2008.
Externe link Wenedyk
Categorie:Artistieke taal