thumb|Lezing door Mark Post van de Universiteit Maastricht, over de kweekvleesburger - Universiteit van Nederland

Kweekvlees, ook wel slachtvrij vlees of in-vitrovlees genoemd, is een vleesproduct dat in een laboratorium gekweekt wordt uit stamcellen van dieren. Kweekvlees wordt geproduceerd met behulp van weefselmanipulatietechnieken die zijn ontwikkeld in de regeneratieve geneeskunde. Kweekvlees heeft het potentieel om de milieueffecten van de vleesproductie aan te pakken, het dierenwelzijn, de voedselveiligheid en de menselijke gezondheid te verbeteren en bij te dragen aan klimaatmitigatie.

Het productieproces evolueert voortdurend, gedreven door bedrijven en onderzoeksinstellingen. Volgens de niet-gouvernementele organisatie Good Food Institute werd er in 2021 door kweekvleesbedrijven in Europa 140 miljoen dollar binnengehaald. Het eerste restaurant dat kweekvlees serveert, werd in 2021 in Singapore geopend. Dat land werd in 2024 ook het eerste waar kweekvlees te koop was in voedingswinkels (een product met 3% kippencellen). Kweekvlees is echter nog niet overal verkrijgbaar.

Redenen De belangrijkste reden om kweekvlees te ontwikkelen is dat de traditionele vleesproductie zeer inefficiënt is. Zij is daarom onnodig duur, onnodig belastend voor het milieu, veroorzaakt onnodig dierenleed en zal in huidige vorm moeilijk in staat zijn om aan de groeiende menselijke vraag naar vlees te blijven voldoen (de wereldwijde vleesproductie groeide van 71 miljoen ton in 1961 tot 284 miljoen ton in 2007). Kweekvlees lijkt voor al deze zaken een gunstiger alternatief te zijn.

Hoge grondstofkosten: Het kost veel geld, grond en water om een dier van voedsel te voorzien en het dier moet lang groeien voordat het geslacht en geconsumeerd kan worden. Volgens Mark Post (Universiteit Maastricht) werd anno 2013/2015 70% van alle vruchtbare gronden (arable land) op Aarde gebruikt voor vleesproductie. Groeiende vraag: Vooral de groeiende vraag naar vlees, die naar schatting in 2050 1,7 keer hoger zal zijn dan in 2017, zou opgevangen kunnen worden door industriële kweekvleesproductie. Er is een direct verband tussen de vraag naar vlees en de hoogte van het bruto binnenlands product van een land: als mensen meer geld te besteden hebben, zullen ze vaker vlees kopen. Vooral de vleesvraag van India, de Volksrepubliek China en Rusland zal naar verwachting de komende decennia sterk stijgen, sneller dan dat de vleesconsumptie in westerse landen aan het dalen is. Milieuschade: Volgens een onderzoek van de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) van de Verenigde Naties is de vleesindustrie wereldwijd verantwoordelijk voor 8% van het waterverbruik, 30% van het landgebruik en 18% van de uitstoot van broeikasgassen. Dierenwelzijn en schaalvoordelen: Momenteel worden er jaarlijks 65 miljard dieren geslacht, vooral in de bio-industrie; zij hebben vaak een ellendig leven en sterven, indien onverdoofd, een pijnlijke dood. Met kweekvlees kan de veestapel drastisch worden gereduceerd: de stamcellen van slechts een enkele koe zijn naar schatting voldoende om 175 miljoen hamburgers te maken. Mark Post schatte anno 2015 dat de mondiale koeienpopulatie kon worden ingeperkt van 0,5 miljard tot zo'n 30.000. In januari 2018 stelde Post: "Wij kunnen met de stamcellen van één gram spierweefsel ongeveer tienduizend kilo vlees maken. In theorie betekent dit dat we met de stamcellen van honderdvijftig koeien de hele wereld kunnen voeden." Hierdoor zal de voedselindustrie aanzienlijk minder dierenleed veroorzaken. Veel mensen willen vlees eten: Hoewel vlees niet noodzakelijk is voor menselijke voeding en vegetarisme en veganisme gezonde en werkbare alternatieven zijn (naar schatting zijn 2 miljard mensen vegetariër, oftewel 28,6% van de wereldbevolking), willen veel mensen – vooral vanwege de smaak of andere subjectieve redenen – vlees eten. Het is moeilijk om ze – om bovengenoemde problemen op te lossen – allemaal vrijwillig over te halen om van slachtvlees af te stappen. Daarom kan voor de rest van de wereldbevolking kweekvlees een alternatief worden voor helemaal geen vlees eten.

Vergelijkend onderzoek naar geschatte milieu-impact

Volgens onderzoek van Hanna Tuomisto uit 2011 scoorde kweekvlees op alle fronten beter dan gewoon rund, schaap, varken en gevogelte: minder uitstoot van broeikasgassen en minder verbruik van energie (alleen gevogelte scoort beter), land en water. In 2014 berekende Tuomisto bovendien dat veel van het vrijgekomen land kan worden teruggegeven aan de natuur door bossen aan te planten, waarmee veel CO2 weer kan worden omgezet in zuurstof, en dat er voor kweekrundvlees 50% minder water nodig is dan voor gewoon rundvlees.Environ Sci Technol. 2011 Jul 15;45(14):6117-23. doi: 10.1021/es200130u. Epub 2011 Jun 17. Environmental impacts of cultured meat production, Hanna L Tuomisto 1, M Joost Teixeira de Mattos

Een groep Amerikaanse onderzoekers kwam in 2015 echter tot genuanceerde conclusies.Environ Sci Technol 2015 Oct 6;49(19):11941-9. doi: 10.1021/acs.est.5b01614. Epub 2015 Sep 18. Anticipatory Life Cycle Analysis of In Vitro Biomass Cultivation for Cultured Meat Production in the United States Carolyn S Mattick 1, Amy E Landis 2, Braden R Allenby 3, Nicholas J Genovese 4 Zo zouden bij kweekvlees bijproducten uit de traditionele vleesindustrie zoals leer, cosmetica en geneesmiddelen wegvallen en op een synthetische manier moeten worden gemaakt, die mogelijk milieuonvriendelijker is. Zo lang er echter nog geen werkende kweekvleesindustrie is, is het echter lastig goed te vergelijken.

Techniek Kweekvlees wordt bijna overal volgens ongeveer dezelfde techniek geproduceerd: stamcellen worden uit een levend dier genomen en in een kweekvloeistof van suikers, aminozuren en vetten gelegd waarin ze zich vermeerderen en spiervezels vormen. Een van de ingrediënten die in de vroege ontwikkelingsfase veel werd gebruikt is een koeienfoetusserum, een bijproduct van de veeteelt. Onderzoekers proberen hier een alternatief voor te vinden om onafhankelijk van de reguliere vee-industrie en echt dierenleedvrij te kunnen opereren. Volgens Mark Post kan een (nog te ontwikkelen) 'bioreactor' van 25.000 liter jaarlijks 350.000 kilo vlees produceren, hetgeen genoeg zou zijn voor de jaarlijkse vleesconsumptie van tienduizend Europeanen.

In september 2018 beweerde de Nederlandse startup Meatable een oplossing te hebben gevonden voor het serumprobleem: er worden stamcellen genomen uit de navelstreng van een pasgeboren dier en deze worden vervolgens doorgekweekt tot vlees. Hierdoor hoeven er geen dieren meer gedood te worden voor vleesproductie.

Initiatieven Frankrijk In 1932 vroeg de Britse politicus Winston Churchill zich in zijn boek Thoughts and Adventures af waarom men een gehele kip liet groeien als men enkel de borst en vleugel at en of dat niet efficiënter kon. De met Churchill bevriende Franse Nobelprijswinnende fysioloog Alexis Carrel slaagde er in 1936 voor het eerst in om organen voor onbepaalde tijd buiten het lichaam 'in leven' te houden. Men had echter destijds nog niet de technologie om ze te kweken en laten groeien.

Israël en Duitsland Het bedrijf SuperMeat (slagzin: "Echt vlees zonder dierenleed!"), ontstaan rond 2016, wilde kippenvlees gaan kweken dat rond 2020 op de markt komt. In januari 2018 verklaarde de PHW-Gruppe, het grootste pluimveebedrijf in Duitsland, gevestigd in Visbek, een samenwerking met SuperMeat te zijn begonnen. Het is daarmee na Mosa Meat het tweede Europese bedrijf dat in kweekvlees investeert.

Italië In 2023 is in Italië een wetsvoorstel ingediend dat verbiedt om in laboratoria voedsel voor menselijke consumptie of veevoer te produceren.Italië sluit als eerste EU-land kweekvlees uit, om ‘traditie en cultuur te beschermen’. Gearchiveerd op 28 juni 2023.

Nederland Voorgeschiedenis Het VPRO-programma Noorderlicht heeft in 2006 een wedstrijd uitgeschreven om een beter woord te bedenken voor 'kweekvlees' of 'reageerbuisvlees' (destijds een gangbare term). Tweehonderd inzendingen kwamen binnen, waaronder 'vlaas', 'boeuf du professeur', 'bouwboutjes' en 'fopvlees'. De winnaars waren uiteindelijk 'La Brund', 'kreas' (Grieks voor vlees) en 'Happy meat'.Uitslag Noorderlicht-wedstrijd

Universitair onderzoek thumb|Voedingswetenschapper Hanni Rützler proeft 's werelds eerste kweekhamburger op 5 augustus 2013. In 1999 verwierf de Nederlandse arts en onderzoeker Willem van Eelen een patent voor de productie van vlees uit stamcellen.

Sinds midden 2000 heeft Nederland internationaal voorop gelopen in onderzoek naar kweekvlees, dat werd uitgevoerd aan de universiteiten van Utrecht, Amsterdam en Eindhoven. Het onderzoek werd aanvankelijk betaald door de Nederlandse overheid, maar deze vond dat het bedrijfsleven de fakkel over moest nemen. Hier was echter weinig animo voor en de betrokken wetenschappers dreigden naar het buitenland te vertrekken toen het geld in 2009 begon op te raken. De Universiteit Maastricht wist echter een anonieme buitenlandse investeerder (in 2013 onthuld als Sergey Brin) aan te trekken en het onderzoek voort te zetten.

In december 2011 kondigden de Maastrichtse hoogleraar vasculaire fysiologie Mark Post en zijn team aan praktisch onderzoek te doen naar de productie van kweekvlees. Zij hadden het plan om tegen september 2012 een gekweekte hamburger te produceren. Hierbij zouden gekweekt vet- en spiervlees gemengd worden.NU.nl: Onderzoekers werken aan kweekhamburger 20 februari 2012. Gearchiveerd op 6 december 2021. De kosten van 's werelds eerste kweekvleesburger waren 250.000 euro. Uiteindelijk is deze op 5 augustus 2013 in Londen gepresenteerd aan het publiek. Hij smaakte volgens Oostenrijks voedingswetenschapper Hanni Rützler als gewoon vlees, maar was nog wat droog. Dezelfde dag werd bekendgemaakt dat de anonieme investeerder van het project Sergey Brin was, een medeoprichter van Google. In juni 2013 en oktober 2015 beweerde Post dat het in de toekomst mogelijk zou kunnen worden dat burgers zelf thuis vlees kweken, dat binnen 7 tot 9 weken klaar is.

Mosa Meat

thumb|De eerste gekweekte hamburger ging op 5 augustus 2013 in de pan. In 2016 richtte Post samen met voedseltechnoloog Peter Verstrate het kweekvleesbedrijf Mosa Meat ophttps://www.brightlands.com/brightlands-maastricht-health-campus/over-de-campus/ondernemers-gezondheidszorg/spannende-tijden. Gearchiveerd op 26 april 2023. dat in 2020 kweekvlees op de markt wil brengen. Het bedrijf is van plan om te beginnen met luxevoedsel van 60 euro per kilo, waarna de verwachting is dat de kosten zodanig kunnen worden gereduceerd en de smaak verbeterd dat het mogelijk zal zijn om met supermarktvlees te kunnen concurreren. Om goedkeuring van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit te krijgen en verder onderzoek te financieren, had het bedrijf 6 miljoen euro nodig. Mosa Meat is gevestigd te Maastricht en wordt gefinancierd door buitenlandse investeerders uit de vleesindustrie en de milieu- en dierenwelzijnsbeweging.

Vanaf april 2017 experimenteerde men met tanks van 25 duizend liter om het vlees in te kweken. Er werd een alternatief gezocht voor het koeienfoetusserum (een bijproduct van de veeteelt) waarin de cellen groeien om onafhankelijk van de reguliere vleesindustrie te kunnen opereren.