Het Amstelpark is een stadspark in de wijk Buitenveldert-Oost in Amsterdam-Zuid. Het ligt aan de oostzijde van Buitenveldert, tussen de Europaboulevard en de Amstel. Het park werd aangelegd als het belangrijkste buitenterrein van de Floriade 1972 en vormt een van de meest herkenbare blijvende onderdelen van deze wereldtuinbouwtentoonstelling. Veel tuinen, bouwwerken, paden en recreatieve voorzieningen uit de Floriadeperiode bleven na 1972 behouden. Sinds 2022 is het park als geheel aangewezen als gemeentelijk monument.
Het huidige park heeft een oppervlakte van ongeveer 45 hectare. Kenmerkend zijn de afwisseling tussen dichtbegroeide parkdelen en open ruimten, de vele bijzondere tuinen en plantencollecties en een netwerk van waterpartijen en paden. Tot de uit de Floriade voortgekomen onderdelen behoren onder meer het rosarium, de Rododendronvallei, de oranjerie, kassen, de Amsteltrein, een doolhof en verschillende thematuinen.
Amstelpark is tevens de naam van de Amsterdamse buurt Amstelpark (KR04), waarin het park ligt, en van de gelijknamige weg door het park. Deze buurt maakt deel uit van de wijk Buitenveldert-Oost (KR) in stadsdeel Zuid.
Ligging Het Amstelpark ligt aan de westelijke oever van de Amstel, met de Amsteldijk langs de oostzijde en de Europaboulevard en de bebouwing van Buitenveldert aan de westzijde. In het noorden ligt de Ringweg Zuid; aan de zuidzijde vormt De Borcht de begrenzing. Ten noorden van de A10 liggen het Beatrixpark, de RAI Amsterdam en Station Amsterdam RAI, die tijdens de Floriade van 1972 deel uitmaakten van hetzelfde tentoonstellingsterrein.
Via het langgerekte Gijsbrecht van Aemstelpark, dat vanaf de Europaboulevard westwaarts door Buitenveldert loopt, vormt het Amstelpark een groene en ecologische verbinding met het Amsterdamse Bos. Voor onder meer eekhoorns zijn langs deze verbinding in 2012 zes touwbruggen over kruisende wegen aangelegd, zodat zij zich tussen beide leefgebieden kunnen verplaatsen.
Het park vormt daarmee een groene overgang tussen het stedelijke Buitenveldert en het oudere landschap langs de Amstel. De belangrijkste toegang bevindt zich aan de Europaboulevard. Andere entrees liggen onder meer bij De Borcht en aan de zijde van de Amsteldijk.
Een deel van het huidige parkterrein maakte vóór de aanleg deel uit van de historische buitenplaats Amstelrust. De buitenplaats strekte zich vroeger vanaf de Amstel aanzienlijk verder westwaarts uit. Een gedeelte van het landgoed werd rond 1970 afgestaan voor de aanleg van de Floriade en ging daarna op in het Amstelpark.
Bestuurlijk behoorde het park vanaf 1987 tot stadsdeel Buitenveldert. Dit ging in 1998 op in stadsdeel Zuideramstel, dat in 2010 onderdeel werd van het huidige stadsdeel Zuid.
Geschiedenis
Naam De naam Amstelpark was al vóór de aanleg van het huidige park in gebruik. Zij behoorde aanvankelijk bij een groenstrook langs de Amstel ten noorden van de latere Ringweg Zuid, tussen de toenmalige Rivierenlaan en de rivier. Dat park kreeg in 1968 de naam Martin Luther Kingpark. Het Stadsarchief Amsterdam gebruikt voor oudere afbeeldingen dan ook de omschrijving Amstelpark, later: Martin Luther Kingpark.
De naam werd vervolgens gebruikt voor het nieuwe park dat voor de Floriade van 1972 tussen de Europaboulevard en de Amstel werd aangelegd.
Voorbereiding en ontwerp De bestemming van het gebied als tentoonstellingsterrein had oudere stedenbouwkundige wortels. In het Algemeen Uitbreidingsplan van Cornelis van Eesteren was het gebied al als openbaar tentoonstellingsterrein aangegeven. Bij de voorbereiding van de Floriade werd hierop voortgebouwd.
Het ontwerp van het nieuwe park kwam voor een belangrijk deel tot stand onder leiding van tuin- en landschapsarchitect Egbert Mos van de Amsterdamse Dienst der Publieke Werken. Mos werkte vanaf 1964 aan de voorbereiding en inrichting van de Floriade.
Omdat de beplanting bij de opening van de tentoonstelling al een volwassen indruk moest maken, begon de aanleg jaren tevoren. Bomen en struiken werden van verschillende plaatsen aangevoerd. Een deel van de bomen kwam uit het Amsterdamse Bos, waar destijds een overschot aan bomen beschikbaar was.
thumb|Aanleg van het toekomstige Amstelpark voor de Floriade, juli 1970.
Floriade 1972 De Floriade 1972 was de tweede Nederlandse Floriade. De internationale tuinbouwtentoonstelling vond van eind maart tot 1 oktober 1972 plaats en trok volgens het Bureau International des Expositions ongeveer 4,3 miljoen bezoekers.
Het tentoonstellingsterrein was aanzienlijk groter dan het huidige Amstelpark. Naast het voor de tentoonstelling aangelegde park maakten ook delen van het Beatrixpark, de Amstelhal van de RAI en het dijklichaam waarop later de Ringweg Zuid en Station Amsterdam RAI werden gebouwd deel uit van het complex.
Het Amstelpark vormde met ongeveer 70 hectare het voornaamste buitenterrein van de tentoonstelling. De inrichting was opgebouwd uit afzonderlijke tuinen en plantencollecties. Tot de belangrijkste onderdelen behoorden een Dahliarama met meer dan 40.000 dahlia's, een Rododendronvallei met meer dan 8.000 rododendrons, het rosarium, een lelietentoonstelling, een vlindertuin, kassen en verschillende nationale en internationale tuinen.
Verschillende delen van het Floriadeterrein waren onderling verbonden met bijzondere vervoermiddelen. Er reden treintjes en zogenoemde Expo-auto's en tussen verschillende delen van het terrein hing een kabelbaan. Ook waren er hoge panoramagondels en stond bij de hoofdingang van het Amstelpark een reuzenrad. De kabelbaan, panoramagondels en andere tijdelijke attracties verdwenen na afloop van de tentoonstelling.
De huidige Amsteltrein, het rosarium, de midgetgolfbaan, de Rododendronvallei en de grote speeltuin behoren tot de voorzieningen die na de Floriade behouden bleven.
Van tentoonstellingsterrein tot stadspark Na de sluiting van de Floriade bleef een groot deel van het hoofdterrein als openbaar park bestaan. Het huidige Amstelpark beslaat ongeveer 45 hectare en is daarmee iets kleiner dan het Vondelpark. Veel van de voor één tentoonstellingsseizoen ontworpen beplantingen en ruimtelijke structuren kregen daardoor onverwacht een permanent karakter.
Ook verscheidene gebouwen en bijzondere tuinen bleven behouden. Daaronder waren de oranjerie, het Glazen Huis, de kassen, het rosarium, de Rododendronvallei, het doolhof, het Dahliarama en verschillende internationale tuinen. Andere onderdelen verdwenen in de loop van de tijd of kregen een andere bestemming.
Van 1974 tot 2001 bevond zich in het park een bassin met de zeehonden Dolf en Else. Nadat Dolf in 2001 was overleden, werd Else overgebracht naar Ouwehands Dierenpark in Rhenen.
In 2022 werd het vijftigjarig bestaan van het Amstelpark gevierd, onder meer met activiteiten rond de geschiedenis van de Floriade, een audiotour en de aanplant van een jubileumboom.
Gemeentelijk monument In 2022 werd het Amstelpark als geheel aangewezen als gemeentelijk monument. De monumentale waarde heeft niet alleen betrekking op afzonderlijke gebouwen of kunstwerken, maar vooral ook op de ruimtelijke aanleg uit de Floriadeperiode.
Bij cultuurhistorisch onderzoek zijn onder meer de bosranden, de hoofdpadenstructuur, belangrijke zichtlijnen, de Rododendronvallei en verschillende thematuinen als waardevolle onderdelen van het oorspronkelijke ontwerp aangemerkt. Kenmerkend is de afwisseling tussen besloten, dichtbegroeide ruimten en open tuinkamers. In het hart van het park liggen ook resten van de internationale tuinen uit 1972. De Romeinse tuin met haar rij zuilen behoort tot de duidelijkst herkenbare voorbeelden.
Omdat de oorspronkelijke Floriadebeplanting voor een tijdelijk evenement was ontworpen, stelt het behoud van het groene erfgoed bijzondere eisen aan het beheer. Sommige soorten zijn na meer dan vijftig jaar sterk uitgegroeid, andere zijn verdwenen of vatbaar geworden voor ziekten. Vanaf 2025 werd daarom onder meer de Rododendronvallei gerestaureerd. Daarbij wordt de oorspronkelijke compositie wat betreft beplanting, kleur, bloeitijd en ruimtelijke opbouw zoveel mogelijk gevolgd, terwijl ziektegevoelige of niet meer verkrijgbare soorten worden vervangen.
Ook oorspronkelijke zichtlijnen en delen van de hoofdpadenstructuur worden waar mogelijk herkenbaarder gemaakt. Niet alle latere toevoegingen worden daarbij behouden: het uitgangspunt is dat het karakter van het Floriadepark uit de jaren zeventig leesbaar blijft, terwijl het park bruikbaar en beheerbaar blijft.
Ontwerp en inrichting Het Amstelpark onderscheidt zich van veel oudere Amsterdamse parken doordat het niet geleidelijk als negentiende- of vroegtwintigste-eeuws stadspark is ontwikkeld, maar grotendeels in één periode als tentoonstellingsterrein werd ontworpen. De Floriadeopzet is nog herkenbaar in de brede hoofdroute, de opeenvolging van gespecialiseerde tuinen, de open gazons, vijvers en besloten beplantingsvakken.
De bosranden fungeren als ruimtelijke begrenzingen waarbinnen kleinere tuinkamers liggen. Zichtlijnen verbinden verschillende onderdelen van het park. De oorspronkelijke hoofdroute was ontworpen om grote aantallen bezoekers tijdens de Floriade te verwerken. Na 1972 werden delen van deze brede route versmald of met kleinere tuinen ingericht, waardoor sommige oorspronkelijke zichtlijnen minder duidelijk werden.
Het park heeft door zijn oorsprong een bijzonder grote verscheidenheid aan aangeplante bomen, heesters en vaste planten. Naast de historische thematuinen bevinden zich er gazons, waterpartijen, meer natuurlijk ingerichte gedeelten en recreatieve voorzieningen.
Tuinen, gebouwen en voorzieningen De Floriade-erfenis is vooral zichtbaar in de combinatie van gespecialiseerde tuinen en recreatieve voorzieningen. De gemeente noemt onder meer het doolhof, de midgetgolfbaan, het rosarium, de oranjerie, de kassen, de Rododendronvallei, de stadsboerderij, de grote speeltuin, de parkspoorlijn en het Glazen Huis als onderdelen van het huidige park.
Inrichting