Dit is een lijst van verschillen tussen het Nederlands in Nederland, Suriname en België.

Het bewaken en beschrijven van het Standaardnederlands is door de Nederlandse, de Belgische en de Surinaamse overheid toevertrouwd aan de Nederlandse Taalunie. De Taalunie publiceert werken waarin het taalsysteem is beschreven en regels zijn vastgelegd. Desondanks komen binnen het taalgebied verschillen voor, waarbij overigens niet gezegd is dat van de verschillende vormen er slechts één juist is. Ook binnen de grenzen van één land komen verschillen voor. De onderstaande lijst van verschillen is dan ook niet volledig en mogelijk niet in alle gevallen juist. Verder komen in het algemeen in de gesproken taal meer verschillen voor dan in de geschreven taal.

Woordenschat Verschillende woorden Vlaanderen Nederland Surinameajuin (In West-Vlaanderen vaak ook uitgesproken als [adjoen])ui (in Noord-Brabants dialect: juin; in Zeeuws-Vlaams dialect: juun) uiappelsien (met uitzondering van West-Vlaanderen waar sinaasappel het algemeenst is)sinaasappel (In Limburgse dialecten tevens appelsien)sinaasappelartikels artikelen artikelenautostrade/autosnelwegautobaan/(auto)snelwegbankkaartbankpas/pinpaspinpas(auto)batterij, batterieaccubatterij (auto)babbelenpraten (in Limburg tevens babbelen)baxter of infuusinfuusinfuusbeenhouwerslagerslagerbeiaardbeiaard/carillon/klokkenspelklokkenspelbelbelschelberoemd bekend populairbetogen, betoging demonstreren bijhoudenbewaren (Noord-Brabants dialect: bijhouden)bewaren, houdenbioscoop/cinemabios(coop)kino/ kinotheater (veroud.)/ de film/bioscoop/cinemabekomen/verkrijgenkrijgenvindenbomma, bompa, meme, pepe, oma, opa, moeke, vakeoma, opaoma/granma/ouma/owma, opa/granpa/oupa/owpabrugpensioen/SWT/vervroegd pensioenVUTvervroegd pensioencamionvrachtwagenvrachtwagen, autotruck, pick-up truck, truckcamionettebestelwagencaptatiewagenreportagewagenreportagewagenconstatatieconstateringconstateringcroque (monsieur)tostitoast/tostidampkapafzuigkapdiscuterendiscussiërendiscussiëren, halen en trekkendomiciliëringmachtigingmachtigingdoorgaan/weggaanervandoor gaan / weggaanweggaandossier (Nederlandstalige uitspraak)dossier (verfranste uitspraak)dossier (verfranste uitspraak)douchendouchenbadeneendeenddokselektriekerelektriciener was geen kat op de baaner was geen hond/kip op straatde straat was stilfauna en floraflora en faunaflora en faunafitness sportschool gymfoto trekken/foto pakken/foto maken/foto nemenfoto makenfoto maken/foto nemenfrisdrankfris, fris(drank)iets fris, soft, soft-drink/softdrink, iets zachtsfrituur/fri(e)tkotpatatzaak/patattent (in Limburgse dialecten: frituur)frieten, frietjespatat (over het algemeen in Zuidelijk Nederland: friet(es))patatappelsiensapsinaasappelsap (in Limburgse dialecten beide)sinaasappelsapgaragepoortgaragedeur (in Limburg tevens garagepoort)garagegazetkrant (in Limburgse dialecten gazet)(lees)krantgekendbekendbekendgeit (= Citroën 2cv)eend (= Citroën 2cv)(eind)generiekaftitelinggeld opdoen/uitgevengeld uitgevengeld bossen/geld uitgevengravengravengraven/diekengomgumvegergsmmobielcel/cellulairhebben zittenzitten hebbenhesphamvleeshoftuin (in Limburgse dialecten beide)in de mot hebbenin de smiezen/gaten hebbenin de gaten hebbenik zie u graag/ik hou van jouik hou van jeik houd van jeik vraag het aanik wil verkering met jeik wil met je gaanjajajawel/ja/aikakken/grote boodschappoepen/drukken/grote boodschap (in Limburg tevens kakken)grote boodschap/poepen/ontlastenklastitularis/klasleerkrachtgroepsleerkracht onderwijzerklierkoortsziekte van Pfeifferziekte van Pfeifferkoppelstel (in Limburg tevens koppel)koppelkoffiekoekluxe­brood­jekraantjeswaterkraanwater/leidingwaterkraanwater/leidingwater/waterlanterfantenlanterfantenlanterfanterenlookknoflookKnoflooklopenrennenrennenmama en papapa en mama en pamicrogolf(oven)magnetron(oven)microwave(oven)miserieellende/misèreellende, jammer, misèrede frank is gevallenhet kwartje is gevallenhet kwartje is gevallenmangomangomanjamekaarelkaarmobilhomecamperwoonwagenmoerasmoeraszwampmoestmochtmortel/cementspecie (in Noord-Brabants en Zeeuws-Vlaams dialect beide)nagelspijker (in Noord-Brabants en Limburgs dialect beide)spijkerneef/kozijnneef (zoon van tante/oom)broerskind/zusterskind, neefnefastrampzalig, funestnonkeloomoomnormaal gezien/normaal gesprokennormaliter (In Limburg tevens normaal gesproken)normalitertelefoonnummer vormen, nummer draaientelefoonnummer kiezenonbeleefd/onbeschoftonbeleefd (In Zuid-Nederland tevens onbeschoft)onbeschoftonderlegger/schotelschoteltjeop verplaatsing spelen (sport)uit spelen (sport)spelen (sport)pint(je)biertje/pilsjepechstrookvluchtstrookperte-total(e) (naar het Frans: une perte-totale)total losstotaal gehavend, totelplatte kaaskwarkplat waterspa blauwpoepen/neuken/seksen/naaien/vrijenneukennaaien/seksenpompelmoesgrapefruitpompelmoes en grapefruit zijn verschillende vruchten in Surinaams-Nederlandspompierbrandweermanpostkaartansichtkaartbriefkaart/postkaartprivaat/privéprivéprivérechtstaan(rechtop) staanrechtstaanremorque (soms uitgesproken als romorque)aanhangerrondpuntrotonderotondeschuifla(de) (in Noord-Brabants dialect wordt ook schuif gebruikt)ladescheet, protscheet/windpufschepenwethouderschoonbroerzwagerschoonbroer/zwagerschoonzusschoonzusschoonzus/zwageres/zwagerinschrijnwerkertimmermantimmerman, tjapinder (gebruikelijk in Nickerie)sinusitis/sinusitbijholteontstekingsinusitis/zink (oud woord en niet meer gebruikelijk)siroopsiroop/stroopstroopslootsloottrenssportschoengymp/sportschoen (straattaal: pata)pata/patapata/patapedospuitwater/bruiswaterspa rood/prikwatersodawatersyndicaat/vakbondvakbondvakbondsyndikerenorganiseren (vakbond)organiserenkicker (West-Vlaanderen: bakkn)tafelvoetbalfietjebaltas(je)kop(je) (in Limburgs en Noord-Brabants dialect: tas)kopjetechniekertechnicustechnicusterril(mijn)steenberg(mijn)steenbergticket(je), bon(neke)/bon(netje)kaartje of bon(netje) (contextafhankelijk)kaartjetrottoir/voetpad (West-Vlaanderen: voorland)stoep, trottoirtrottoirvalies/kofferkoffervalieskruispuntverkeersknooppunt (In Limburg tevens kruispunt of kruising)kruisinglopenrennenverschietenschrikken (In Limburg tevens verschieten)schrikkenvertrekken vanuitgaan vanvijgen na Pasenmosterd na de maaltijdvol(zet)volvolvliegplein (bij uitbreiding ook in de betekenis van "luchthaven")vliegveldvrijen (in de figuurlijke betekenis van "uitgaan"/"een stel zijn")uitgaan, samen zijn, een stel zijnvuilbak/vuilnisbakvuilnisemmer (In Limburg vuilbak of vuilnisbak)vuilnisbakwagen/auto/voitureautostappen/wandelen/kuierenlopen/wandelenkuieren/voeteren/wandelenwetens en willenswillens en wetenswillens en wetenswijsheidstandverstandskiesverstandskieszeker en vastvast en zeker (in Noord-Brabants dialect beide)vast en zekerzetelbankbankstel/sofazeveren, onzin uitkramenonzin praten/uitkramen (In Limburg tevens zeveren)rommel uitkraaien/kletsen

Vlaams (Zuid-Nederlands) vs. Nederlands-Nederlandshttps://web.archive.org/web/20200120104552/http://www.vlaamsetaal.be/artikel/24/algemene-vlaamse-woordenhttps://www.vlaamswoordenboek.be/. Gearchiveerd op 28 maart 2024. Belgisch-NederlandsNederlands-Nederlandsaan prijs snelheid personen (aan de deur zetten)aan voor, tegen tien euro met hoge snelheid reed hij over de weg ontslaan, de deur wijzen aanklagen (toestanden ~) aan de kaak stellen, veroordelen, afkeurenaflezenoplezen (Tijdens de presentatie las hij van zijn blaadje op)uitprinten/afprinten/afdrukkenprinten/afdrukkenafbollennaar huis gaan afstappen (van Openbaar Vervoer) uitstappen (uit OV) aftrekker, opendoender fles(sen)opener ajuin ui al bij al al met al algemene anesthesie algehele anesthesie akkoord zijn met akkoord gaan metals in verleden tijd inleiding van een indirecte vraag toen (toen ik vertrok) of (hij vraagt of ik morgen kom) 13px ambetant (uit het Frans - embêtant) vervelend, lastig appelsien sinaasappel autostop/liften liften autostrade/snelweg autosnelweg avant-première voorpremière baskuul (uit het Frans) weegschaal 13px baxter/bakster (in Nederland bedoelt men hiermee doorgaans de zgn. baxterverpakkingen: medicijnen verpakt in afgepaste porties per innamemoment) infuus beginnen altijd gevolgd door met (of te) (de muziek speelt, we kunnen beginnen met dansen) bekomen/verkrijgen/bemachtigen verkrijgen belangenvermenging belangenverstrengeling belastingscontroleur (met s) belastingcontroleur (zonder s) 13px berline sedan beroep doen op een beroep doen op bestemmeling geadresseerde, persoon voor wie iets bestemd is betalend parkeren (gallicisme) betaald parkeren bluts/deuk buts/deuk boks (gewestelijk) dreun (slag op gezicht) bivak kamp boksijzer boksbeugel 13px bollen rollen, (auto)rijden 13px borstel bezem bouwwerf/bouwplaats bouwterrein/bouwplaats 13px break stationwagen Bretoen(s) Bretons(s) buitenwipper uitsmijter/portier 13px camion (uit het Frans) vrachtwagen confituur (naar het Franse confiture) jam verlof vakantie betwijfelen betwisten 13px curieus (ontstaan door verwarring met de valse vrienden curieux (Frans) en/of curious (Engels)) (in de betekenis van merkwaardig ook in het Nederlands-Nederlands gebruikt) nieuwsgierig dampkap afzuigkap 13px denkpiste (piste uit het Frans) gedachtegang, gedachte, idee doorgaan (plaatsvinden, maar met deze nuance dat iets pas kan doorgaan als er sprake is geweest van afgelasting anders vindt iets plaats) plaatsvinden 13px droogkuis stomerij droogzwierder centrifuge 13px drukkingsgroep (organisatie) actiegroep, pressiegroep, lobby duimspijker punaise durven altijd gevolgd door te (hij durft dat niet te vragen) eender wat, eender wie om het even wat, om het even wie elektriek elektriciteit ereloon honorarium excuseert (u mij)! (als verontschuldiging) excuseer mij! (naar het Franse Excusez-moi)/neem me niet kwalijk! facteur postbode fier (ergens fier op zijn) trots (ergens trots op zijn) fol(l)ieke (uit het Frans - folie) lolletje, gekkigheidje 13px forfait geven (sporttaal) afzeggen, verstek laten gaan, zich terugtrekken frigo (uit het Frans)/ijskast koelkast fruitsap vruchtensap, sinaasappelsap fusioneren (naar het Frans) fuseren gaan lopen gans (ge)heel gazet krant gedaan Het feest is gedaan om vijf uur. Mijn school is om half vier gedaan. voorbij, uit (school) Het feest is voorbij om vijf uur. Mijn school is om half vier uit. 13px gegeerd gewenst, gewild, of gezocht gelijkaardig gelijksoortig geluidsmuur geluidsbarrière geraken Maandag kan ik niet op school geraken door het slechte weer. Hij geraakte bewusteloos door de klap. Zij geraakt nooit verkozen als voorzitter! komen, raken, worden Maandag kan ik niet naar school komen door het slechte weer. Hij raakte bewusteloos door de klap.