Hotel Gellért (Hongaars: Gellért szállóda) ligt in Boedapest, aan de Boedazijde, nabij de Sint Gellértheuvel, de Vrijheidsbrug (Szabadság-hid) en de Citadel. Het hotel werd geopend in 1918 en is ontworpen in de stijl van de Wiener Secession. Het is vernoemd naar Sint-Gellért, de beschermheilige van Hongarije. Destijds hoorden ook de achterliggende Thermen van Gellért bij het hotel. In 2021 startte een grote restauratie en naar verwachting zal het hotel in 2028 weer geopend worden. Het hotel diende mede als inspiratiebron voor de film The Grand Budapest Hotel.
Hotel Het hotel, aan de voet van de Gellértheuvel, was ooit een van de mooiste, modernste en duurste hotels van Boedapest. Met de bouw werd gestart in 1912, maar door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog kon het pas in september 1918 worden geopend. Het gebouw werd ontworpen door Ármin Hegedűs, Artúr Sebestyén en Izidor Sterk. De architectuur heeft zeer veel jugendstil-invloeden. In 1927 volgde een uitbreiding van het gebouw. Prinses Juliana en Prins Bernhard verbleven in 1937 tijdens hun huwelijksreis in het hotel. Tijdens het grootste deel van de Tweede Wereldoorlog bleef het hotel geopend om pas tegen het einde, met de Slag om Boedapest te sluiten. Tijdens deze slag werd het gebouw bijna volledig verwoest. Na de oorlog werd het stapsgewijs gerestaureerd en geopend. Oorspronkelijk heette het hotel nog Hotel Sint Gellért maar onder druk van de Communisten werd het woord Sint eruit gehaald. In 1948 werd het hotel volledig genationaliseerd om 1992 weer geprivatiseerd te worden.
Architectuur De gevel van het gebouw is gebouwd in de stijl van de Wiener Secession maar heeft sterke biomorfe kenmerken waardoor het gebouw wat organisch aandoet. De koepels geven het een van afstand herkenbaar uiterlijk. Het interieur is uitgevoerd in jugendstil. Het heeft glazen koepels, smeedijzeren decoraties en mozaïeken. Het grote trappenhuis is versierd met glas in loodramen waarin een tafereel uit de Hongaarse mythologie is uitgebeeld.
Badhuis De geneeskrachtige uitwerking van het hier aanwezige thermaalwater was voor plaatselijke bevolking al 2000 jaar geleden bekend. De Romeinen maakten er hier al gebruik van. In de Middeleeuwen werden in de buurt van de bronnen ziekenhuizen gebouwd. Later bouwden de Turken hier hun baden op.
Achter Hotel Gellért bevindt zich een overdekt bad en achter het hotel een openluchtbad. In het bad bevindt zich middelmatig radioactief kalkhoudend warm water met een temperatuur van 46° Celsius. Er zijn stoom-, kuip-, koolzuur- en zoutwaterbaden en hete luchtstoomcabines. Men kan er ook geneeskrachtige modderbehandelingen ondergaan. Voorts is er een inhalatorium, een zonne-, een golf- en een sproeibad. Men kan er genezing vinden bij gewrichtsziekten, neuralgie, ontstekingen en ziekten van de ademhalingsorganen. In het watermassagebad, dat dateert uit 1934, zijn nog de Turkse halve maanvormige beugels in de muren bevestigd, om het hoofd in te rusten tijdens de watermassage. Men krijgt een kussentje mee, dat men op de beugels legt om de baders nog meer te relaxen tijdens het luchtbellenmassagebad. In 1927 werd in het buitenbad het eerste golfslagbad van Europa geopend.
Categorie:Bouwwerk in Boedapest Categorie:Economie in Boedapest Categorie:Hotel in Hongarije Categorie:Kuuroord Categorie:Zwembad in Hongarije