Publius Licinius Egnatius Gallienus (218 - september 268) was van 253 tot 268 Romeins keizer, tot diens overlijden in 260 samen met zijn vader Valerianus I en gedurende een korte periode in het jaar 260 samen met zijn tweede zoon Saloninus. Zijn vader was afkomstig uit de oude patricische gens Licinia en beiden werden dan ook met veel enthousiasme aanvaard door de Senaat als Augusti (cf. keizers, letterlijk verhevenen), in plaats van als Augustus (cf. keizer) en Caesar (cf. vicekeizer).

Leven Voor het keizerschap Op basis van de getuigenis van Johannes Malalas en de Epitome de Caesaribus dat Gallienus op het moment van zijn dood ongeveer 50 jaar oud was, wordt algemeen aangenomen dat hij rond 218 werd geboren. Hij was een zoon van Valerianus I en Egnatia Mariniana, een vrouw die mogelijk afkomstig was uit een senatoriale familie. Zij was mogelijk een dochter van Egnatius Victor Marinianus. Gallienus had één broer, Valerianus Minor.Het wordt algemeen aanvaard dat hij ongeveer 35 jaar oud was toen hij in 253 tot de troon werd verheven, zie (1997), blz. 16. Opschriften op munten verbinden hem met de stad Falerii in Etrurië. Het is goed mogelijk dat dit zijn geboorteplaats was. De opschriften bevatten ook verwijzingen naar de familie van zijn moeder, de Egnatii. (1983), blz. 197.

Ongeveer tien jaar voor zijn troonsbestijging, zo rond 243 trad hij in het huwelijk met Julia Cornelia Salonina. Uit dit huwelijk werden drie zonen geboren. Valerianus II (gestorven in 258), Saloninus (die kort nadat hij tot mede-keizer was verheven in 260 in Colonia Claudia Ara Agrippinensium (Keulen) omkwam tijdens de opstand van Postumus) en Marinianus (1997), blz. 49-51. (die in 268 werd gedood, kort na de moord op zijn vader).

Toen zijn vader Valerianus op 22 oktober 253 tot keizer werd uitgeroepen, vroeg hij de Senaat om Gallienus' verheffing tot Caesar en Augustus te ratificeren, om zo de macht tussen twee personen te delen. Gallienus werd ook aangewezen tot consul ordinarius voor het jaar 254.

Net zoals Marcus Aurelius en zijn geadopteerde broer Lucius Verus honderd jaar eerder hadden gedaan, verdeelden Gallienus en zijn vader het Romeinse rijk; Valerianus reisde naar het Oosten om de Perzische dreiging het hoofd te bieden. Gallienus bleef in Italia om de Germaanse stammen aan de Rijn- en Donaugrens af te weren. Dit beleid was logisch, niet alleen omdat het ongelukkige lot van verschillende keizers in de voorgaande decennia duidelijk had gemaakt dat één man een rijk van een dergelijke omvang niet kon regeren; ook had men de ervaring opgedaan dat een 'barbaarse' vijand in vredesonderhandelingen de neiging had om te eisen dat men zich tot 'chef' of de 'koning' van de winnende partij kon wenden. Het was daarom een voordeel als er een keizer beschikbaar was om in dergelijke situaties te kunnen onderhandelen.

Keizerschap Benoeming Gallienus werd in 253 keizer, nadat zijn vader Valerianus keizer Marcus Aemilius Aemilianus in een veldslag in Italis had verslagen, waarna deze door zijn eigen soldaten werd vermoord en de troepen en de Senaat Valerianus tot keizer hadden uitgeroepen.

Eerste regeringsjaren en de opstand van Ingenuus Hoewel hij het grootste deel van zijn tijd in de provincies van het Rijngebied (Germania Inferior, Germania Superior, Raetia, Noricum) doorbracht, is het bijna zeker dat Galienus van 253 tot 258 bezoeken heeft gebracht aan het Donaugebied en Illyricum. Volgens Eutropius en Aurelius Victor was hij bijzonder energiek. Hij slaagde erin om invallen van Germaanse stamverbanden in de provincies Germania Inferior en Germania Superior te voorkomen, na de zwakte die in 253 werd veroorzaakt door Valerianus' mars op Italia tegen Aemilianus., (1999), blz. 33. Volgens numismatisch bewijs lijkt het er sterk op dat hij meerdere overwinningen behaalde. noemt er vijf: zie zijn , The Numbering of the Victories of the Emperor Gallienus and of the Loyalty of his Legions, in Numismatic Chronicle (1959) (herdrukt in New York, Attic Books, 1977) . Daarnaast boekte hij in dezelfde periode ook een overwinning in Romeins Dacië. Zelfs de hem vijandige Latijnse traditie merkt op dat hij in deze periode succesvol was. (1997), blz. 56-58.

In 255 en 257 werd Gallienus tot consul benoemd. Bij deze gelegenheden bracht hij mogelijk een kortdurend bezoek aan Rome. Hier zijn echter geen bewijzen voor. (1997), blz. 56. Tijdens zijn verblijf aan de Donau (Drinkwater suggereert in 255 of 256) verhief hij zijn oudste zoon Valerianus II tot Caesar en dus tot officiële erfgenaam van zichzelf en van zijn eigen vader Valerianus I; de jongen vergezelde Gallienus nu waarschijnlijk ook op campagne. Toen Gallienus zich in 257 naar de westelijke Rijn-provincies verplaatste bleef Valerianus II als belichaming van het keizerlijk gezag achter aan de Donau. (1987), blz. 21–22.

Ergens tussen 258 en 260 (de exacte datum is niet geheel duidelijk) werd Gallienus geconfronteerd met de eerste grote opstand tegen zijn bewind. Ingenuus, gouverneur van ten minste een van de Pannonia's, (1997), blz. 57; (1987), blz. 22 suggereert dat hij ook de verantwoordelijk voor Moesia droeg. maakte gebruik van Valerianus I verblijf aan in het Oosten om daar af te rekenen met de invasie van de Sassanidische koning der koningen Shapur I en de preoccupatie van Gallienus met zijn problemen aan de Rijngrens. Ingenuus liet zichzelf tot keizer uitroepen. Valerianus II is waarschijnlijk in 258 tijdens zijn verblijf bij de legioenen aan Donaugrens gestorven, (1987), blz. 22. Ingenuus was hier misschien verantwoordelijk voor - of misschien vreesde hij verantwoordelijk te worden gehouden voor deze ramp. Volgens een andere opvatting was de catastrofe van de gevangenneming van Valerianus I tijdens de slag bij Edessa echter de aanleiding voor de daaropvolgende opstanden van Ingenuus, Regalianus en Postumus.

Hoe dan ook, Gallienus reageerde met grote snelheid. Eerst liet hij zijn zoon Saloninus als Caesar achter in Colonia Claudia Ara Agrippinensium (Keulen), onder toezicht van Albanus (of Silvanus). De militaire leiding berustte bij Postumus. Daarna trok hij snel op naar de Balkan. Hij nam het nieuwe cavaleriecorps (comitatus) onder commando van Aureolus met zich mee. (1997), blz. 74-75. Hij versloeg de usurpator bij Mursa, XXXIII 2, , Historiae Adversus Paganos VII 10, , IX 8. of bij Sirmium., XII 24. De overwinning had hij voornamelijk aan zijn cavalerie en haar briljante commandant te danken. Ingenuus werd of door zijn eigen troepen gedood of hij pleegde na de val van zijn hoofdstad Sirmium zelfmoord door verdrinking. (1997), blz. 76, , Ingenuus et Regalien, blz. 44.

Invasie van de Alemannen Tussen 258 en 260 deed zich een belangrijke invasie van de Alemannen en andere Germaanse stammen voor (het is moeilijk om de precieze datum van deze gebeurtenissen vast te stellen (1997), blz. 47.). De reden was waarschijnlijk het vacuüm dat werd achtergelaten door de onttrekking van troepen aan de Rijn- en Donaugrens ter ondersteuning van Gallienus' campagne tegen Ingenuus.

Eerst braken de Franken door de grens aan de Nederrijn. Zij begonnen een invasie in Gallië. Een groep van hen slaagde erin het zuiden van Hispania te bereiken, waar zij onder meer het Tarraco (het moderne Tarragona) plunderden. (1999), blz. 34. Daarna roken ook de Alemannen hun kans. Waarschijnlijk door de Agri Decumates (een gebied tussen de Boven-Rijn en de bovenloop van de Donau) vielen zij het Romeinse Rijk binnen. (1997), blz. 78. Daarin werden zij waarschijnlijk gevolgd door de Juthungen. Na delen van Germania Superior en Raetia (delen van het huidige Oost-Frankrijk en Zwitserland) te hebben verwoest, trokken zij naar Italia. Het was de eerste invasie van het Appenijnse schiereiland (afgezien van de meest afgelegen noordelijk gelegen gebieden) sinds de dagen van Hannibal, 500 jaar eerder.

Toen de indringers de buurt van Rome bereikten werden zij door een geïmproviseerd leger dat was samengesteld door de Senaat teruggedreven. Dat leger bestond uit plaatselijke troepen (waarschijnlijk leden van de pretoriaanse garde) en de sterkste mannen uit de burgerbevolking. (1997), blz. 79. Op hun terugtocht door het noorden van Italië, werden de Alemannen in de buurt van het hedendaagse Milaan door het leger van Gallienus onderschept. Gallienus' leger wist de Alemannen in de slag bij Mediolanum te verslaan. Gallienus kwam of vanuit Gallië, waar hij met de Franken had afgerekend of vanuit de Balkan. De Juthungen slaagden er wel in de Alpen met medeneming van buit en gevangenen weer naar het noorden over te steken. (2004), blz. 256. In elk geval bleek de overwinning in de slag bij Mediolanum doorslaggevend. De Alemanni vielen het Romeinse Rijk niet meer lastig.

Volgens de 19e-eeuwse historicus Victor Duruy zou dit initiatief van de Senaat aanleiding hebben gegeven tot jaloezie en achterdocht bij Gallienus, wat er weer toe zou hebben bijgedragen dat Gallienus de Senaat voortaan van militaire commando's uitsloot., History of the Roman Empire, vol VI, deel II, Londen, 1886, blz. 418.

De opstand van Regalianus Op een bepaald moment voor of na de Alemannische invasie werd Regalianus, een militaire commandant van Illyricum uitgeroepen tot keizer. De redenen voor zijn usurpatie zijn onduidelijk en de Historia Augusta, bijna de enige bron voor de gebeurtenissen, geeft geen geloofwaardig verhaal. Het is mogelijk dat de usurpatie kan worden verklaard door de ontevredenheid van de civiele en militaire provincialen over de verwaarlozing van de verdediging van hun provincie. (1997), blz. 82-83.

Toch lijkt het erop dat Regalianus gedurende ongeveer zes maanden aan de macht is gebleven. Er zijn munten bekend met daarop zijn afbeelding. Na enig succes tegen de Sarmaten werd zijn opstand neergeslagen door een invasie van Roxolani in Pannonia. Regalianus zou zelf zijn gedood toen de indringers de belangrijkste stad Sirmium innamen. (1997), blz. 83. Er is een suggestie dat Gallienus de Roxolani zou hebben uitgenodigd om Regalianus aan te vallen, maar andere historici verwerpen deze beschuldiging., Les moments historiques de Budapest, vol. II, 1962, voor de eerste en , Ingenuus et Regalien, blz. 50 voor het laatste, zoals geciteerd in (1997), blz. 83. Er wordt ook gesuggereerd dat de invasie uiteindelijk in de buurt van Verona zou zijn neergeslagen door Gallienus, waarna Gallienus de restauratie van de provincie, waarschijnlijk in eigen persoon ter hand zou hebben genomen., La Pannonie sous Gallien, in Latomus 148 (1976), blz. 5-81 (geciteerd in (1997), blz. 83).

De opstand van Postumus Nog een gevolg van de catastrofe van de slag van Edessa was dat Gallienus de controle over de Germania Inferior en Germania Superior, Britannia, Hispania en het grootste deel van Gallië aan generaal Postumus verloor. Deze mogelijk op het grondgebied van het huidige Nederland of België geboren generaal van naar men zegt Bataafse afkomst stichtte zijn eigen rijk, dat tegenwoordig meestal het Gallische keizerrijk wordt genoemd. De opstand van Postumus viel gedeeltelijk samen met die van Macrianus in het Oosten.