Californië (Engels: California, ook in het Spaans) is een van de vijftig staten van de Verenigde Staten. Het ligt van noord naar zuid uitgestrekt langs de westkust van het land, aan de Stille Oceaan. De hoofdstad is Sacramento. Los Angeles, San Diego, San Jose, San Francisco, Fresno, Sacramento, Long Beach en Oakland zijn de grootste steden. Californië omvat twee van 's lands grootste stedelijke gebieden, de Greater Los Angeles Area en de San Francisco Bay Area. Met een bevolking van ruim 39,5 miljoen mensen (2018) heeft Californië meer inwoners dan enige andere staat in de VS.
De oppervlakte van de staat Californië bedraagt 423.970 km². Hiermee is Californië iets groter dan Duitsland of Japan en iets kleiner dan Frankrijk of Zweden. Californië is de op twee na grootste staat van de VS, na Alaska en Texas. Californië grenst in het zuiden aan de Mexicaanse staat Baja California, in het oosten aan de Amerikaanse staten Arizona en Nevada en in het noorden aan de staat Oregon. In het westen en zuidwesten wordt de staat begrensd door de Grote Oceaan. De Californische kustlijn is ongeveer 1400 km lang.
Californië kent veel natuurschoon, een rijke vegetatie en een diverse fauna. Het hoogste en het laagste punt van de 48 continentale staten liggen in deze staat. Er zijn omvangrijke natuurgebieden, onder andere met de hoogste bomen ter wereld. Er zijn bergketens met skigebieden, maar ook woestijnen, gletsjers, bossen, heuvelgebieden, meren en stranden. Het klimaat en de begroeiing variëren van droge woestijngebieden tot alpiene hooggebergtes.
Californië werd in 1846-1848 onderdeel van de Verenigde Staten; daarvoor was het een deel van Mexico. Het symbool van de staat is de Californische grizzlybeer, die ook op de vlag staat afgebeeld. De bijnaam van Californië is "the Golden State" (de gouden staat).
Geografisch overzicht thumb|left|250px|Fysisch-geografische kaart van Californië Central Valley en de Bay Area Het midden van de staat is een langgerekte laagvlakte, de Central Valley. Door de vruchtbare bodem en het gunstige klimaat is de valley een rijk en gevarieerd landbouwgebied, waar 230 verschillende landbouwproducten worden geteeld (een derde van het totale aantal in de VS). Mark Bittman, "Everyone Eats There", The New York Times Magazine, 10 oktober 2012, online geraadpleegd op 20-10-2012. Ook ligt er een aantal grote bevolkingscentra, zoals Sacramento (de hoofdstad van de staat), Modesto en Fresno. De Central Valley wordt gedraineerd door de San Joaquin (zuidelijke helft) en de Sacramento (noordelijke helft). De rivieren vormen samen een grote omgekeerde delta, de Sacramento-San Joaquindelta, die de Central Valley in tweeën deelt en via een irrigatiesysteem ruim 23 miljoen mensen (twee derde van de bevolking van de staat) van drinkwater voorziet. De delta komt uit in een groot estuarium, waarvan het grootste deel de Baai van San Francisco genoemd wordt, terwijl een deel in het noordoosten de San Pablo Bay heet. De rivierdelta wordt met de San Pablo Bay verbonden door Suisun Bay en de Straat van Carquinez.
Het gebied rond de San Francisco Bay bestaat uit een grote stedelijke agglomeratie. Deze wordt de Bay Area genoemd en bevat onder meer de steden San Francisco, San Jose, Oakland en Berkeley. Het zuidelijke deel van de Bay Area, bij San Jose, draagt de bijnaam Silicon Valley. In dit gebied ligt een concentratie van computerindustrie. De San Francisco Bay staat via een nauwe verbinding in contact met de oceaan. Deze verbinding, ten noorden van San Francisco, wordt de Golden Gate genoemd.
Noorden en oosten In het oosten wordt de Central Valley begrensd door een hoog gebergte, de Sierra Nevada (Spaans voor besneeuwde bergketen). Dit gebergte ontleent zijn naam aan de eeuwige sneeuw op de hoogste hellingen en vormt een barrière tussen de vruchtbare laagvlakten en kustgebieden van Californië en de rest van de Verenigde Staten. Enkele van de hoogste toppen zijn Mount Whitney (4421 meter, buiten Alaska het hoogste punt in de VS), Mount Darwin (4218 m) en Mount Ritter (4010 m). In de Sierra Nevada ligt een aantal meren, waarvan Lake Tahoe (gedeeltelijk in Nevada) en Mono Lake de grootste zijn.
De Central Valley wordt van de oceaan gescheiden door de Pacific Coast Ranges en in het zuiden begrensd door de Tehachapi Mountains. Beide ketens zijn nergens hoger dan 2500 meter. Ten noorden en noordoosten van de Central Valley liggen de Cascades, een gebergte dat in feite de voortzetting van de Sierra Nevada vormt maar geologisch recent vulkanisch actief was. De hoogste toppen, zoals Lassen Peak (3192 m) en Mount Shasta (4317 m), zijn slapende vulkanen. Langs de kust gaan de Coast Ranges naar het noorden over in de Klamath Mountains op de grens met Oregon.
thumb|250px|Zicht op het centrum van Los Angeles met op de achtergrond de San Gabriel Mountains Ten oosten van de Sierra Nevada en de Cascades begint de Basin and Range Province, een uitgestrekt gebied dat zich fysiografisch onderscheidt door een basin and range-topografie, een afwisseling van langgerekte bergketens en vlakke valleien. Ten oosten van de Cascades ligt het Modoc Plateau, dat gedeeltelijk in Oregon en Nevada ligt. De eerste vallei ten oosten van de Sierra Nevada is Owens Valley. Deze vallei scheidt de Sierra Nevada van de White Mountains, met als hoogste punt White Mountain Peak (4344 m). Door de vallei stroomt de Owens River, die tot het begin van de 20e eeuw nog uitmondde in het meer Owens Lake, maar zowel de rivier als het meer staat droog als gevolg van het aftappen van water voor de irrigatie en de watervoorziening van de stad Los Angeles.
Zuiden In het zuiden van Californië wijkt de kust inwaarts en bevindt zich een kustvlakte, waar Los Angeles ligt, de grootste stad van de staat. Los Angeles vormt het centrum van een grote stedelijke agglomeratie (de Greater Los Angeles Area), waar in totaal tussen de 13 en 18 miljoen mensen leven. Het verstedelijkt gebied in het binnenland, rond de steden San Bernardino en Riverside in de San Bernardino Valley, wordt als een aparte grootstedelijke agglomeratie gezien, die Inland Empire wordt genoemd.
Voor de kust liggen de acht Channel Islands waarvan vijf worden beschermd in het Channel Islands National Park. Landinwaarts van Los Angeles liggen de Transverse Ranges met als hoogste punt de San Gorgonio Mountain (3501 m) in de San Bernardino Mountains. Het binnenland heeft hier geen hoge bergketens, maar bestaat uit een basin-and-rangetopografie. Veel van dit binnenland bestaat uit woestijn, onder andere bij Death Valley, de Coloradowoestijn (deel van de Sonorawoestijn die in Mexico doorloopt) en de Mojavewoestijn. In Death Valley bevindt zich het laagste punt van Noord-Amerika (bij Badwater, 86 meter onder de zeespiegel).
Nog verder naar het zuiden ligt de Salton Sea, een groot endoreïsch zoutmeer. In het oosten wordt de grens met Arizona gevormd door de rivier de Colorado. In het uiterste zuiden ligt aan de kust de tweede stad van Californië, San Diego.
Fysische geografie Geologie Als gevolg van de westwaartse beweging van Noord-Amerika is in de loop van miljoenen jaren oceaankorst onder de rand van Noord-Amerika de aardmantel in bewogen, waarbij soms stukken van de aardkorst tegen het continent aangedrukt werden en er op die manier mee werden samengevoegd. De geologie van de westrand van Noord-Amerika bestaat uit op die wijze samengevoegde terreinen, die samen opgestuwd zijn tot de gebergteketens en bekkens van de Noord-Amerikaanse Cordillera. Bij het de mantel in bewegen van stukken aardkorst ontstonden grote hoeveelheden magma, die naar het oppervlak opstegen en daar voor vulkanisme zorgden. Er zijn alleen in de Cascades actieve vulkanen te vinden, maar vrijwel alle gebergten van Californië zijn in het verleden vulkanisch actief geweest.
Ongeveer 25 miljoen jaar geleden veranderde de beweging van de tektonische platen van een naar elkaar toe gerichte naar een langs elkaar schuivende situatie. Door deze beweging ontstond een stelsel van zijschuivingsbreuken, waarvan de grootste de San Andreasbreuk is. Het gebied ten westen van deze breuk (de kuststrook, met daarin de steden San Diego, Los Angeles en San Francisco) beweegt met een gemiddelde snelheid van rond de 5 cm per jaar naar het noorden ten opzichte van de rest van Noord-Amerika. Beweging langs de breuken gaat niet geleidelijk, maar stapsgewijs, waarbij de spanning zich opbouwt om in één keer vrij te komen in de vorm van een aardbeving. De staat heeft in het verleden diverse zware aardbevingen meegemaakt. Het bekendst is waarschijnlijk de aardbeving van 1906, waarbij een groot deel van San Francisco platgelegd werd. Ruim 80 jaar later werd grote schade aangericht door de Loma Prieta-aardbeving van 1989 in de Bay Area, waarbij een deel van de Bay Bridge instortte, en de Northridge-aardbeving van 1994 bij Los Angeles.
thumb|250px|De zomer brengt vaak mist in de kuststrook en de Central Valley, zoals hier rond de Golden Gate Bridge
Klimaat Vooral door de grote oppervlakte, de topografie en de nabijheid van de oceaan kent Californië grote verschillen in klimaat. De temperatuur van de oceaan wordt bepaald door de California Current, een koude stroming langs de Amerikaanse westkust. In de zomer veroorzaakt deze vaak mist langs de kust. De oceaan zorgt tevens voor zachte, natte winters en geeft de kuststrook in het noorden een zeeklimaat (Cfb in de klimaatclassificatie van Köppen) en in het midden en zuiden (ongeveer vanaf Cape Mendocino) een Mediterraan klimaat (Csb volgens Köppen). Ook is de oceaan verantwoordelijk voor neerslag, die vooral wordt opgevangen door de westelijke hellingen van de Pacific Coast Ranges en de Sierra Nevada. Op sommige plekken in de Coast Ranges valt meer dan 2500 mm neerslag per jaar. In het binnenland en in het zuiden wordt het klimaat droger. Van de kust af worden ook de temperatuursverschillen groter: het klimaat is in het binnenland continentaler.
thumb|250px|Steppe met typische "Joshua trees" (Yucca brevifolia), Joshua Tree National Park De Central Valley heeft een warm Mediterraan klimaat (Csa volgens Köppen), met subtropisch warme droge zomers en zachte natte winters. In grote delen van het zuiden en midden van de staat heerst in het binnenland een steppeklimaat (BSk volgens Köppen), met aanmerkelijk koudere winters en hetere zomers. In de kuststrook rond San Diego in het uiterste zuidwesten heerst een warm steppeklimaat (Köppen: BSh), terwijl veel gebieden in het binnenland van het zuiden van de staat een woestijnklimaat hebben (Köppen: BWh). In Death Valley zijn de hoogste temperaturen ooit op het westelijk halfrond gemeten. Op 10 juli 1913 steeg het kwik daar tot 57 °C. In juli bedraagt de gemiddelde dagtemperatuur in Death Valley 38 °C.
De hooggebergten, zoals de Sierra Nevada, de Cascades en de Klamath Mountains, hebben een hooggebergteklimaat (Köppen: EH) met veel sneeuwval in de winter en gematigd warme zomers. Het gebied in de regenschaduw ten oosten van de Sierra Nevada heeft een droog woestijnklimaat.
Californië wordt in tegenstelling tot het zuidoosten van de Verenigde Staten vrijwel nooit door orkanen getroffen, ondanks de nabijheid van de oceaan. Dit komt door de koude California Current en vanwege het feit dat orkanen zich op het noordelijk halfrond meestal westwaarts verplaatsen.
Flora en fauna Als gevolg van de grote verschillen in klimaat en de topografie heeft Californië een diverse ecologie. De staat ligt in het Nearctisch gebied en omvat een aantal sterk verschillende ecoregio's en biomen. Californië heeft een groot aantal endemische soorten, soorten die nergens anders voorkomen, zowel planten als dieren. Daaronder zijn zowel relictsoorten als soorten die ontstaan zijn door aanpassing aan lokale omstandigheden, zoals de plant Ceanothus. De flora van de gebieden ten westen van de regenschaduw kan gezien worden als een eigen florarijk, de California Floristic Province.