De Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten (KVAB) is de Academie van Vlaanderen, een Koninklijk wetenschappelijk genootschap ter bevordering van de wetenschappen en kunsten.

De Academie is gehuisvest in het Paleis der Academiën te Brussel, waarin ook de Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique, de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België, de Académie royale de médecine de Belgique en de Académie royale de langue et de littérature françaises de Belgique gehuisvest zijn.

Geschiedenis Tijdens de Oostenrijkse Nederlanden (tussen 1715 en 1794) richtte men in 1769 te Brussel met goedvinden van keizerin Maria Theresia van Oostenrijk een Société littéraire (vrij vertaald: een letterkundig genootschap) op, op voorstel van de toenmalige Leuvense universiteitsbibliothecaris Cornelis Franciscus Nelis. President ervan werd, tot aan zijn dood het jaar daarop, Karl Johann Philipp von Cobenzl, de toenmalige gevolmachtigde minister voor de Oostenrijkse Nederlanden. De Société littéraire werd in 1772 omgevormd tot de Keizerlijke en Koninklijke Academie van Wetenschappen en Letteren van Brussel.Tom Verschaffel (1998) De hoed en de hond. Geschiedschrijving in de Zuidelijke Nederlanden 1715-1794, Hilversum, p. 68 en 69 Deze Thérésienne, zoals ze gemeenzaam ging heten, werd in de periode 1792-1793 en later in 1794 afgeschaft door de Fransen, maar weer opgericht door Willem I en in 1845 uitgebreid met een afdeling kunsten. Vanaf deze datum heet zij Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België (Frans: Académie royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique). Ondertussen was er in 1841 een aparte academie voor geneeskunde gesticht. De Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten was Franstalig en telde een aantal Vlaamse leden, waaronder Jan Frans Willems. In 1886 werd te Gent de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) opgericht. Na de Eerste Wereldoorlog werd de Rijksuniversiteit Gent vernederlandst (1930).

De wet van 28 juni 1932 op het gebruik van de talen in bestuurszaken regelde de administratieve tweetaligheid van de Belgische Academie. Het begrip cultuurautonomie kreeg rond die tijd meer inhoud en deed de wens ontstaan om het Vlaamse academiewezen te ontplooien.Hulde aan de Voorzitter-Stichter van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten, Brussel, 2009 Door het Koninklijk Besluit van 16 maart 1938Jaarboek 1970 Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België werd de oprichting van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten goedgekeurd. Frans Van Cauwelaert, reeds lid van de KANTL, werd benoemd tot eerste voorzitter. Het oprichtingsbesluit van de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België werd op 25 oktober 1938 goedgekeurd. Zij kwam onder voorzitterschap van Arnold Jozef Hendrix. Voor de Academies van Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten leidde dit tot een complexe situatie met enerzijds een nationale, officieel tweetalige academie met leden uit het noorden en het zuiden van het land en anderzijds een Vlaamse academie. In 1971, naar aanleiding van de Eerste staatshervorming, werd daar een einde aan gesteld door de oprichting van twee evenwaardige academies, een Nederlandstalige, behorend tot de Nederlandse Cultuurgemeenschap en een Franstalige, behorend tot de Franse Cultuurgemeenschap. Wet van 1 juli 1971 betreffende het gebruik der talen bij de "Académie royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique" en bij de Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België, raadvst-consetat.be De Nederlandstalige academie droeg de naam Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten (KAWLSK), de Franstalige de Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique. Beiden zijn evenwaardig en de geestelijke nazaat van de Thérésienne. In 1999 werd de naam ten slotte gewijzigd naar Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen en Kunsten van België. In 2009 werd de Klasse Technische Wetenschappen opgericht.

thumb|Paleis der Academiën In de loop van de twintigste eeuw kregen veel academies het moeilijker: waar ze in 1900 centraal stonden in het wetenschappelijk onderzoek met sponsoring, peer-review avant la lettre, publicatie van de resultaten etc., is hun impact hand over hand afgenomen als gevolg van het succes van de wetenschap, de toename van de middelen, de specialisering etc. In sommige landen is hun invloed nog bijzonder belangrijk (Verenigd Koninkrijk, Zweden, VS, ook Nederland).

Organisatie De KVAB bestaat uit vier Klassen: natuurwetenschappen, menswetenschappen, kunsten en technische wetenschappen, elk met maximaal 40 gewone leden jonger dan 65 jaar. In 2011 telt ze 240 gewone en ereleden. De leden worden – meestal als vijftiger – gevraagd en verkozen door coöptatie en blijven lid voor het leven; vanaf hun 65 jaar kunnen zij het erelidmaatschap aanvragen. De bedoeling is om de meest succesvolle wetenschappers en kunstenaars samen te brengen, enerzijds om hun verdiensten te eren, anderzijds om met hun competentie en ervaring een raad van wijzen te vormen.

De Academie wordt geleid door de Bestuurscommissie, die bestaat uit de bestuurders van de Klassen, de voorzitter en de vast secretaris. De voorzitter wordt om de twee jaar gekozen, telkens uit een andere Klasse. De voorzitters sinds 1997 zijn Marcel Storme, Yvan Bruynseraede, Carl Van de Velde, Mark Eyskens, Jef Van Landuyt, Frans Boenders, Dominique Willems, Pierre Jacobs, Ludo Gelders, Willem Elias, Hubert Bocken en Joos Vandewalle, Karel Velle en Elisabeth Monard. De vast secretaris staat aan het hoofd van het secretariaat. Van 1997 tot 2010 was dit Niceas Schamp, van 1 september 2010 tot 2014 was dit Géry van Outryve d'Ydewalle, van oktober 2014 tot 2022 was dit Freddy Dumortier en van april 2022 tot 2025 was Karel Velle vast secretaris van de Academie. Op 1 september 2025 werd Bruno Tindemans aangesteld als eerste vast secretaris ad interim van de KVAB sinds haar oprichting in 1938.

De KVAB herbergt het Vlaams sabbatcentrum VLAC en verzorgt de publicatie van verhandelingen van jongere onderzoekers (tot 40 jaar) en van langlopende reeksen, zoals het Nationaal Biografisch Woordenboek, de Brieven van Justus Lipsius, e.a. Verder draagt zij bij tot de verspreiding van wetenschap en cultuur in de gemeenschap, stelt zij rapporten en standpunten ter beschikking over actuele maatschappelijke problemen, moedigt zij de wetenschappelijke en artistieke activiteit in Vlaanderen aan met prijzen en gesubsidieerde symposia en werkt ze samen met de Vlaamse, de Belgische en de internationale wetenschappelijke wereld.

In 2013 richtte de KVAB, naar buitenlands voorbeeld, ook een Jonge Academie, waarin vanuit het standpunt van de jonge academicus zal gewerkt worden rond drie pijlers: wetenschapscommunicatie, wetenschapsbeleid en interdisciplinariteit.

Klassen en leden van de KVAB De KVAB bestaat uit vier klassen die elk een vijftigtal effectieve leden tellen. Er zijn ook een aantal buitenlandse leden. Na hun 75ste verjaardag worden de effectieve leden erelid. Klasse Natuurwetenschappen Onder de huidige leden vindt men: Conny Aerts, Freddy Dumortier, Dirk Inzé, Karen Maex, Luc Moens, Jean Poesen, Niceas Schamp, Luc Steels, Stefaan Vaes, Dirk Thys van den Audenaerde, Christine Van Broeckhoven, Marc Van Montagu, Irina Veretennicoff, Frank Verstraete.

Onder de overleden leden zijn te vermelden: Walter Fiers, Jan Gillis, Roger Van Overstraeten

Klasse Menswetenschappen Onder de leden en ereleden van deze klasse bevinden zich: André Alen, Marc Boone, Geert Bouckaert, Bea Cantillon, Laurens Cherchye, Marc De Clercq, Herman De Dijn, Paul De Grauwe, Albert Derolez, Wilfried Dewachter, Karel Dobbelaere, Luc Duerloo, Bart Eeckhout, Mark Eyskens, Marie-Claire Foblets, Koen Geens, Luc Huyse, Joep Konings, Mathijs Lamberigts, Caroline Pauwels, Theo Peeters, Walter Prevenier, Ludo Simons, Nicolas Standaert, Hilde De Ridder-Symoens, Johan Tollebeek, Marnix Van Damme, Lutgart Van den Berghe, Willy van Eeckhoutte, Herman Van Goethem, Géry van Outryve d'Ydewalle, Paul Van Rompuy, Jan Velaers, Leni Verhofstadt-Denève, Lieven Verschaffel, Reinhilde Veugelers, Els Witte.

Onder de overleden leden zijn te vermelden: Roger Blanpain, Fernand Collin, Herman Deleeck, Louis Dupré, Gaston Eyskens, Camille Huysmans, Herman Liebaers, Marcel Storme, Raoul Van Caenegem, Frans Van Cauwelaert, Walter Van Gerven, Marc Waelkens, Honoré Van Waeyenbergh.

Klasse Kunsten Onder de leden en ereleden van deze klasse bevinden zich: Barbara Baert, Frans Boenders, Michaël Borremans, Ignace Bossuyt, Dirk Braeckman, Dirk Brossé, Stijn Coninx, Thomas Coomans de Brachène, Roland Coryn, Siegfried De Buck, Anne-Teresa De Keersmaeker, Carl De Keyzer, Chris Dercon, Luc Devliegher, Catherine de Zegher, Willem Elias, Jan Fabre, An Fonteyne, Hugo Heyrman, André Laporte, Mauro Pawlowski, Lucien Posman, Paul Robbrecht, Marc Ruyters, Herman Sabbe, Raoul Servais, Marcel Smets, Piet Swerts, Peter Swinnen, Koenraad Tinel, Ana Torfs, Fien Troch, Katlijne Van der Stighelen, Jan Van der Stock, Barbara Van der Wee, Hilde Van Gelder, Anne van Grevenstein-Kruse, Marie-José Van Hee, Anne-Mie Van Kerckhoven, Jan Van Landeghem, Annelies Van Parys, Bob Van Reeth, Peter Verhoyen, Vera Vermeersch, Bart Verschaffel.

Onder de overleden leden zijn te vermelden: Geert Bekaert, Renaat Braem, Luc Brewaeys, Felix De Boeck, Gustaaf De Smet, Elisabeth Dhanens, Paul Gilson, Wim Henderickx, Bernard Huys, Panamarenko, Constant Permeke, Albert Servaes, Edgard Tytgat, Henry Van De Velde, Hilde Van Sumere, Geo Verbanck.

Klasse Technische Wetenschappen (KTW) De Klasse Technische Wetenschappen, opgericht in 2009, heeft als doel toekomstgerichte aanbevelingsrapporten te maken voor het beleid over actuele, maatschappelijke problemen met technische inslag. Hiervoor rekent zij op de expertise en bereidwilligheid van eminente ingenieurs en onderzoekers uit de industrie en uit de Vlaamse universiteiten, zowel leden als niet-leden. De voorloper van de KTW is de Commissie van de Academie voor Wetenschap en Techniek of CAWET, opgericht als commissie binnen de Klasse van de Natuurwetenschappen in 1989 en afgeschaft in 2009. Voor de omvorming van CAWET tot een volwaardige Klasse konden ingenieurs enkel lid worden van de Academie als lid van de Klasse van de Natuurwetenschappen. Door die omvorming werden de meeste leden van het vroegere CAWET opgenomen als volwaardige leden van de Academie.

In zijn 20-jarig bestaan was CAWET een van de eerste Europese voorlopers van wat nu in de meeste landen Technologische, Technische of Ingenieursacademiën zijn geworden (cf. Royal Academy of Engineering en Académie des Technologies de France). Vlaanderen heeft gekozen om geen afzonderlijke Ingenieursacademie op te richten maar een volwaardige Klasse te creëren binnen de Koninklijke Academie.

Onder de leden en ereleden van deze klasse bevinden zich: Guido Beazar, Ronnie Belmans, Koenraad Debackere, Hugo De Man, Dirk Frimout, Derrick-Philippe Gosselin, Hilde Heynen, Patrick Maselis, André Oosterlinck, Rik Van de Walle, Pierre Verbaeten, Dirk Wauters, Jacques Willems, Pascal Verdonck.

Onder de overleden leden zijn te vermelden: Daniël Vandepitte, Ludo Gelders.

Taken De Academie organiseert wetenschappelijke en culturele activiteiten, tracht de interuniversitaire samenwerking in Vlaanderen te stimuleren, zorgt voor vertegenwoordiging in internationale organisaties en fora, trekt buitenlandse onderzoekers aan, formuleert adviezen aan de regering, industrie, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en reikt prijzen uit aan talentvolle vorsers en kunstenaars.

Denkersprogramma