Jan Hanuš (Praag, 2 mei 1915 – Praag, 30 juli 2004) was een Tsjechisch componist en muziekpedagoog.

Levensloop Zijn grootvader František Augustin Urbánek, ook een Tsjechische componist, gaf hem het advies compositie te studeren. Hanuš studeerde dan ook van 1935 tot 1937 en van 1939 tot 1941 aan het Statelijke conservatorium te Praag orkestdirectie bij Pavel Dědecěk en privé compositie bij Otokar Jeremiáš van 1932 tot 1940.

Hij werkte als componist in de muziekuitgave Supraphon en was manager bij de Tsjechische Muziekfonds Panton. Verder was hij actief bij de federatie van Tsjechische componisten. Verder was hij bestuurslid van de Tsjechische Vereniging van muziekleraren en eveneens bestuurslid van de ISME (International Society for Music Education). Hij was (mede-)uitgever van wetenschappelijke volledige uitgaven van werken van Antonín Dvořák, Zdeněk Fibich en Leoš Janáček.

Als componist volgt hij de traditie van Antonin Dvořák, Bedřich Smetana en van zijn leraar Otokar Jeremiáš. Maar hij tracht naar nieuwe concepties, ook als zijn muzikaal idioom gedragen is van constante elementen, zoals melodie, ritmiek en instrumentatie. Zijn eerste werken zijn gekenmerkt door uitdruk rijke filosofische en patriottische gedachten. De naoorlogse werken betuigen lyriek in de nationale traditie en sinds het einde van de jaren 1950 zijn tendenties tot een dramatische zicht op de wereld en een muzikale expressieve innovatie herkenbaar.

Composities Werken voor orkest Symfonieën 1942, rev.1988-1989: 1e Symfonie in E-groot "Dolorosa", voor alt solo en groot orkest, op. 12 – tekst: Jacopon da Todi sequens uit het "Stabat mater" 1951: 2e Symfonie in G-groot "Píseň bratra slunce", op. 26 1953-1954: Concertante Symfonie, voor orgel, harp, pauken en strijkers, op. 31 1956-1957: 3e Symfonie in d-klein "Pravda světa", op.38 1960: 4e Symfonie "Píseň o Bernadetě", op. 49 1964-1965: 5e Symfonie "Horská řeč", op. 58 1978: 6e Symfonie "Noc bez luny", op. 92 1989-1990: 7e Symfonie "Klíče království", voor sopraan, bariton, gemengd koor en orkest op en Latijns, gewijde tekst, op. 116

Andere orkestwerken 1945: Eulogy – Idyll, sinfonietta in een beweging voor sopraan solo en orkest, op. 16 – tekst: Ladislav Stehlik 1952: 1e suite uit het ballet "Salt above Gold", voor orkest, op. 28a 1955: Petr a Lucie (Peter en Lucia), symfonische fantasie naar een verhaal van Romain Rolland, op. 35 1956: Suita z baletu "Othello" no. 1 (1e suite uit het ballet "Othello"), op. 36a 1956: Suita z baletu "Othello" no. 2 (2e suite uit het ballet "Othello"), op. 36b 1961: The Secret Trumpeter, ouverture voor trompet solo en orkest naar een thema van Walter Whitman, op. 53 1964-1965: Fragmenty z "Promethea" (Fragmenten uit "Prometheia"), 1e suite voor orkest en elektronische klanken, op. 54a 1965: Concerto doppio, voor hobo, harp en orkest, op. 59 1968: Staffette, symfonisch Allegro, op. 63 1970: Musica concertante, voor cello, piano en orkest, op. 67 1972-1973: Notturni di Praga (Prazská nokturna), ballet voor kamerorkest, op. 75 1975-1976: Three Essays, symphonisch drieluik, op. 86 1975: Passacaglia concertante, voor twee cellos, celesta en strijkers, op. 102 1977: Galeria Goldoni, Partia buffa voor klein orkest en geprepareerd piano, op. 42a 1982-1983: Variace a koláže (Variaties en collage), voor orkest, op. 99 1983: Tři dantovská preludia uit het ballet "Labyrinth", voor orkest, op. 98a 1986-1987: Concerto, voor viool en orkest, op. 112 1987: Aristofanovské variace, voor klein orkest en piano, op. 105a 1990-1991: Concerto-fantasia, voor cello en orkest, op. 117 1995: Věže babylonské (Toren van Babylon), symphonische parabel over trots, verval en erkenning voor orkest, op. 122 Co mi vypravovaly hudební nástroje, voor fluit, hobo, klarinet en fagot en strijkorkest

Werken voor harmonieorkest 1964-1965: Scherzo uit de "5e symfonie", voor harmonieorkest 1971: Concerto grosso, voor klarinet, flügelhoorn, trompet, eufonium, kleine trom en harmonieorkest, op. 71

Missen, cantates en gewijde muziek 1940 rev.1957, 1987: Země mluví, cantate voor sopraan, mannen, vrouwen en gemengd koor en groot orkest, op. 8 – tekst: Viktor Dyk 1941-1944: Missa I, Pentocosta in Des a Pange lingua, voor sopraan solo, gemengd koor, strijkorkest, orgel, harp en pauken, op. 13 1945-1948: Zpěv naděje, avondvullende cantatencyclus voor sopraan, alt, bariton, koren, orkest en orgel, op. 21 – tekst: Kamil Bednar 1945: Karpatské requiem, melodrama voor orkest 1950, rev.1983: Missa II, Pastoralis in G a Pange lingua, voor solisten, gemengd koor, klein orkest en orgel, op. 25 1954: Missa III, Paschalis in D "Mors et vita", Pange lingua, Regina coeli, Terra tremuit, Haec dies, voor gemengd koor, koperblazers, pauken en orgel, op. 33 1956: Ave Maria, voor sopraan, viool, harp en orgel, op. 36c 1958: Povídám, povídám pohádku, voor alt solo, kinderkoor en piano, op. 43 – tekst: František Bartoš, Božena Němcová, Karel Jaromír Erben 1959: Missa IV et Tantum ergo (in honorem d'Immaculatae), voor gemengd koor, orgel en strijkers, op. 44 1966: Missa V (Ut omnes unum sint), voor solisten, schola, gemengd koor en orgel, op. 60 1969: Mešní proprium k svátku sv. apoštolů Cyrila a Metoděje, voor kinder- en gemengd koor en orgel, op. 65/II 1970: Dřevěný Kristus, voor alt en orkest, op. 40 1972-1973: VI. Mše, chorální ordinarium a Otče náš, voor solozang en orgel, op. 77/I 1975: Malá vánoční muzika, voor spreker, kinderkoor en klein orkest 1977-1978: Pašije podle Matouše, voor solisten en gemengd koor a capella, op. 65/VII 1 1977-1980: Ecce Homo "Svědectví z konce času", oratorium, op. 97 – tekst: Václav Renc en František Trtílek en woorden uit de Bijbel (Duitse vertaling: Dr. Kurt Homolka, Latijnse vertaling: Marketa Koronthalyova) 1982: Pašije podle Jana, voor solisten en gemengd koor a capella, op. 65/VII 2 1985: VII. Mše – "Hlaholská, ke cti českých patronů", bas solo, gemengd koor en orgel, op. 106 1987: Matka chudých, oratorium drieluik voor sopraan solo, gemengd koor, twee trompetten, strijkers, pauken en orgel, op. 113 1991-1995: Requiem Missa VIII – Pro defunctis, voor solisten, gemengd en kinderkoor, orkest en orgel, op. 121 1997: Litanie k Panně – "1997", voor solo, koor en orgel

Muziektheater Opera's Voltooid in titel aktes première libretto 1941-1944 Plameny (De vlammen), op. 14 2 aktes 1956, Pilsen de componist en J. Pokorný 1958 Sluha dvou pánů (De dienaar van twee heren), op. 42 5 schilderijen 1959, Pilsen J. Pokorný naar Carlo Goldoni 1961-1963 Pochodeň Prométhova (De toorts van Prometheus), op. 54 3 delen 30 april 1965, Praag, Národní Divadlo J. Pokorný naar Aischylos 1965-1968 Pohádka jedné noci (Het sprookje van een nacht), op. 62 J. Pokorný naar Duizend-en-een-nacht 1983-1984 Spor o bohyni (De strijd met de Godin), burleske tv-opera, op. 105 1 akte 1986 Praag, Tsjechische televisie de componist en Jan F. Fischer naar Aristophanes

Balletten Voltooid in titel aktes première libretto choreografie 1952-1953 Sůl nad zlato (Beter zout dan goud), op. 28 5 schilderijen 1954, Olomouc van de componist naar Božena Němcová 1955-1956 Othello, dansdrama, op. 36 7 schilderijen 1959, Praag van de componist naar William Shakespeare 1980-1982 Labyrint, choreografische meditaties, op. 98 1985, Praag van de componist en J. Pokorný naar motieven uit Dante's "De goddelijke komedie"

Werken voor koor 1954: Chudá láska, voor gemengd koor, op. 34 1961: Zem, z níž jsme vyšli, voor twee gemengde koren, op. 52 – tekst: Josef Hora en František Hrubín 1964: Antické zpěvy, cyclus voor koren a capella, op. 56 – tekst: Václav Renc naar Sofoklovy Antigony 1973: Modlitby, voor driestemmig gemengd koor (sopraan, lat, bariton) en orgel, op. 77/II – tekst: Kamil Bednář 1975: Dřevo se listem odievá, motet voor vrouwenkoor op een oud-Tsjechische tekst 1975-1976: Středověký triptych, oud-Boheemse Pasen voor solisten, koor, spreker en instrumenten 1977-1980: Tři chvály Nejsvětější svátosti, voor solozang, koor, orgel en strijkers, op. 65/VI 1982-1983: Píseň bratra slunce, voor gemengd koor, orgel en strijkers, op. 100 1992: Flos florum, voor drie gemengde koren a capella, op. 118 – tekst: Latijnse liturgische tekst 1993: Koledy z blízka i z dáli, voor blazerskwintet en kinderkoor 1996: Bratři? Lidová píseň k 1000.výr.smrti sv.Vojtěcha, voor gemengd koor en orgel Domovu, voor drie gemengde koren, op. 47 – tekst: Kamil Bednář Hrst orlích per, voor kinderkoor

Vocale muziek 1941: Dva žalmové zpěvy, voor bariton en orkest, op. 11 1945: Chvalozpěv, voor sopraan en orkest, op. 16 1969: Poselství, vocale drieluik voor bariton solo, gemengd koor, twee piano's, elektrische gitaar, twee slagwerkers en geluidsband, op. 66 – tekst: Kamil Bednář 1984: Deštník z Piccadilly, voor bas en orkest, op. 103 – tekst: J. Seifert Barcarola Florinda uit de opera "Sluha dvou pánů", voor bariton en piano Čas loučení. Cyklus písní na verše českých básníků, voor bariton en piano, op. 126

Kamermuziek 1979: Chvála komorní hudby, voor fluit, hobo, viool, altviool, cello en piano, op. 94 1994: Klavírní kvartet (Důvěrné rozhovory), voor viool, altviool, cello en piano, op. 120 Hudba věže, voor koperkwintet, op. 88 Musica concertante, voor piano, cello en blazersensemble, op. 67 De profundis Sursum corda

Werken voor orgel 1969: Contemplazioni, op. 64

Werken voor piano 1938: Meditace 1938 1996: Capriccio in 6

Werken voor harp 1974: Introduzione e toccate, voor vier harpen, op. 81

Elektronische muziek Concertino, voor pauken en geluidsband

Publicaties Jan Hanuš: Labyrint svět: svědectví z konce času, Praha, Odeon, 1996,

Bibliografie

Michal Nedělka: Analytické pohledy na mši v soudobé české hudbě. Habilitační práce, Ostrava: Ostravská univerzita, 2001. 220 p. Harald Müller: Autorizovaný seznam skladeb Jana Hanuše v: Jan Hanuš, Labyrint svět. Svědectví z konce času, Praha, 1996. Jana Marhounova: Biographical notes on the interview subjects, in: Czech music in the web of life, Empatie, 1993, Alena Martínková: Čeští skladatelé současnosti, zpracoval kolektiv autorů; redigovala Alena Martínková, Praha: Panton, 1985. Ladislav Šíp: Česká opera a její tvůrci, Praha: Editio Supraphon, 1983, 396 p. Stanley Sadie: The new Grove dictionary of music and musicians, Vol. 1-20, London: Macmillan, 1980, Jürgen Sieber: Jan Hanuš: ein Prager Komponist, Musica Sacra. 96 (1976), S. 327-330. Gösta Morin, Carl-Allan Moberg, Einar Sundström: Sohlmans musiklexikon – 2. rev. och utvidgade uppl., Stockholm: Sohlman Förlag, 1975-1979, 5 v. Paul Frank, Burchard Bulling, Florian Noetzel, Helmut Rosner: Kurzgefasstes Tonkünstler Lexikon – Zweiter Teil: Ergänzungen und Erweiterungen seit 1937, 15. Aufl., Wilhelmshaven: Heinrichshofen, Band 1: A-K, 1974, ; Band 2: L-Z, 1976, Storm Bull: Index to biographies of contemporary composers, Vol. II, Metuchen, N.J.: Scarecrow Press, 1974, 567 p.,

Wetenswaardig Hanuš verbleef regelmatig in zijn vakantiehuis in Nouzov.

Externe link Biografie en werklijst (gearchiveerd)

Categorie:Christelijke muziek Categorie:20e-eeuws componist Categorie:Elektronische muziek Categorie:Tsjechisch componist Categorie:Tsjechisch muziekpedagoog