Portugal, officieel de Portugese Republiek (Portugees: República Portuguesa), is een land in het uiterste zuidwesten van Europa. Het vormt het westelijk deel van het Iberisch Schiereiland. In het oosten en noorden grenst het aan Spanje, het enige buurland, en in het zuiden en westen aan de Atlantische Oceaan. Tot Portugal behoren tevens de Azoren en Madeira, twee eilandengroepen in deze oceaan. Het land heeft een onmiskenbaar maritiem karakter. Op een grondgebied van - drie keer de oppervlakte van België en ruim twee keer de oppervlakte van Nederland - wonen 10,8 miljoen inwoners. De hoofdstad en tevens grootste stad van het land is Lissabon.
De geschiedenis van de staat Portugal gaat terug tot de middeleeuwen: Het jaar 1139, tijdens de Reconquista, wordt gezien als het jaar waarin het land onafhankelijk werd van de Moren. In de vroegmoderne tijd groeide het land uit tot het Portugese Rijk, een wereldmacht die overzeese gebieden in Afrika, Azië en Zuid-Amerika omvatte. In de daaropvolgende eeuwen nam het rijk weer in grootte af; in 1999 kwam met de overdracht van Macau aan China een eind aan de koloniale bezittingen. In de 20e eeuw was Portugal gedurende enkele decennia een dictatuur. Daaraan kwam met de Anjerrevolutie in 1974 een einde.
Portugal is een ontwikkeld land; volgens de Index van de menselijke ontwikkeling valt Portugal met een 41e plaats (2018) in de groep van zeer hoog ontwikkelde landen; en in de Global Peace Index staat Portugal op de 3de plaats (2019). Staatkundig is het land een parlementaire republiek. Het land is lid van een groot aantal internationale organisaties, waaronder de VN, de NAVO, de OESO en de EU. In 2002 verving de euro de escudo als nationale munteenheid.
Etymologie De naam van Portugal vindt zijn oorsprong in Portus Cale (Latijn voor haven van Cale), de oude naam voor een historische plaats en haven in het huidige Portugal. Portus Cale lag in het noorden van Portugal, in het gebied van het huidige Grande Porto.
Geschiedenis
thumb|rechts|Gravure van de aardbeving van Lissabon De geschiedenis van Portugal is die van een oud Europees land, waarvan de oorsprong teruggaat tot de vroege oudheid, een land dat dankzij zijn ontdekkingsreizen opklom van een Europees koninkrijk tot een wereldmacht, namelijk het grote Portugese Rijk.
Het land ontstond tijdens de Reconquista tegen de islamitische Moren uit het graafschap Portucale en werd in de 12e eeuw het onafhankelijke koninkrijk Portugal, het enige christelijke vorstendom op het Iberisch Schiereiland dat niet opging in het Spaanse Rijk (met uitzondering van de periode 1580-1640). Het hoogtepunt van zijn macht beleefde Portugal in de 15e en 16e eeuw. Daarna verloor het veel van zijn rijkdom en status waarbij naast verspilzucht en slecht beheer van de rijkdommen ook de vernietiging van Lissabon door de aardbeving van 1755, de bezetting door Napoleon en de onafhankelijkheidsverklaring van Brazilië in 1822 een rol speelden.
Een revolutie in 1910 schafte de monarchie af. De republiek Portugal vocht vanaf 1916 mee in de Eerste Wereldoorlog aan de zijde van de Entente. Na een periode van corruptie en opbouwen van een grote staatsschuld werd in 1926 door de Revolutie van de 28ste mei een dictatuur geïnstalleerd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Portugal neutraal. In 1949 was het land medeoprichter van de NAVO. De dictatuur zou duren tot 1974 toen na een linkse militaire coup, de Anjerrevolutie, democratische hervormingen werden doorgevoerd. Het jaar daarop werden de Afrikaanse koloniën onafhankelijk.
Portugal werd in 1986 lid van de Europese Economische Gemeenschap, de latere Europese Unie. Portugese bedrijven hadden nu eenvoudig toegang tot een grotere markt en dit zorgde voor een groei in de Portugese economie. Al snel werd Portugal een Europees succesverhaal. In 1995 startte het land met het uitvoeren van de regels ondertekend bij de Verdragen van Schengen. Vier jaar later, in 1999, behoorden de Portugezen tot de oprichters van de eurozone en het land voerde in 2002 de euro in. In 2004 werd toenmalig eerste minister José Manuel Barroso genomineerd als voorzitter van de Europese Commissie.
Na 2000 ging het echter slechter met de Portugese economie en in 2011, ten tijde van de Europese staatsschuldencrisis, vroeg Portugal een Europese lening aan om de economie te stabiliseren.
Geografie thumb|Praia da Marinha bij Lagoa in de Algarve Portugal heeft een oppervlakte van (exclusief Azoren, Madeira en Ilhas Selvagens: km²). Het heeft slechts één buurland, Spanje, waarmee het een 1214 km lange landgrens deelt. Het westen en zuiden van Portugal hebben een kustlijn van 832 km aan de Atlantische Oceaan.
Het Portugese vasteland wordt in het midden van het land doorsneden door de rivier de Taag. Het noordelijke deel van het land is bergachtiger dan het zuiden en heeft een koeler en regenachtiger klimaat. Andere grote rivieren zijn de Douro, de Minho en de Guadiana, die net als de Taag ontspringen in Spanje. Er zijn geen grote natuurlijke meren in het binnenland. Het grootste meer is het Alqueva-stuwmeer (250 km²), dat ook het grootste stuwmeer van Europa is. Het hoogste punt van Portugal is de Ponta do Pico op de Azoren, met een hoogte van 2351 m. Het hoogste punt van het vasteland is de Torre in de Serra da Estrela (1993 m).
De eilandengroepen Madeira, bestaande uit vijf eilanden, en de Azoren, bestaande uit negen eilanden, liggen ten westen van Portugal in de Atlantische Oceaan. De eilanden zijn van vulkanische oorsprong en hebben een subtropisch klimaat.
De hoofdstad en grootste stad van het land is Lissabon (Portugees: Lisboa). Enkele andere grote steden zijn Amadora, Aveiro, Braga, Coimbra, Funchal (Madeira), Guimarães, Porto, Setúbal en Vila Nova de Gaia.
Het land kent verschillende natuurparken en één nationaal park (Nationaal park Peneda-Gerês).
Klimaat miniatuur|rechtop=1.3|Kenmerkend landschap van Alentejo bij Elvas
Portugal heeft een mediterraan klimaat volgens de klimaatclassificatie van Köppen. In het noorden van Portugal heerst een zeeklimaat en regent het vaker. Sneeuw in de vorm van neerslag is in het land zeldzaam, maar tegen de grens met Spanje op de bergketen Serra da Estrela in de regio Centro de Portugal, daalt de temperatuur tot onder de 5 graden in de winter en kan er ook sneeuw vallen. Daarnaast is er een mediterraan klimaat in het zuiden van het land, waar het meestal het hele jaar door droog en zonnig is. Het is daar in de zomer met temperaturen van 35 tot 40 graden warmer dan in het noorden. Portugal kent tevens geregeld lange, droge periodes, vooral in de regio Alentejo.
Landgebruik Portugal bezit heel weinig natuurlijke rijkdommen en de landbouwgrond wordt vooral gebruikt om dieren te fokken of gewassen zoals olijven, druiven, kurkeiken of eucalyptus te verbouwen. Er zijn plannen om via een pijpleiding over Marokko en Spanje aardgas uit Algerije aan te voeren.
Demografie Portugal is, wat de autochtone bevolking betreft, in taalkundig, etnisch en religieus opzicht een erg homogeen land. In het hele land wordt Portugees gesproken, met uitzondering van dorpen rond Miranda do Douro waar een Asturisch dialect wordt gesproken, het Mirandees. Het grootste deel van de Portugezen is aanhanger van het rooms-katholieke geloof.
Bevolkingssamenstelling Portugal heeft inwoners, waarvan het grootste deel (circa 70%) woont in de dichtbevolkte kuststreek, die van de Spaanse noordgrens tot aan Lissabon loopt. Het zuiden en het achterland van de kuststrook zijn zeer dunbevolkt. Meer dan 10% van de bevolking woont in de steden Lissabon en Porto, terwijl de helft van de bevolking woont in plaatsen met minder dan 2000 inwoners. Desalniettemin is ook in Portugal een verstedelijkingstrend gaande. Binnen Portugal zijn er dan ook sterke migratiebewegingen van het achterland richting de industriële regio's van Lissabon en Porto en de toeristische regio's Algarve, Madeira en de Azoren.
Portugal was lange tijd een emigratieland; belangrijke groepen Portugezen zijn te vinden in Brazilië, Luxemburg en Frankrijk, vooral rond Parijs, dat weleens de op één na grootste Portugese stad ter wereld genoemd wordt. Ondertussen waren er sinds de dekolonisatie groepen immigranten uit voormalige koloniën die naar Portugal trokken. Sinds de toetreding tot de Europese Unie en de daarmee verbonden politieke en economische veranderingen is de immigratie, met name uit Afrika (Angola, Kaapverdië), Zuid-Amerika (Brazilië) en Oost-Europa (Rusland, Oekraïne, Moldavië) alleen maar toegenomen.
Een op de tien Portugezen is van niet-Portugese afkomst; een gedeelte hiervan heeft het Portugese staatsburgerschap inmiddels verkregen. Aan het eind van 2003 leefden er ongeveer 250.000 niet-Portugezen in Portugal. Meer dan de helft daarvan was afkomstig uit andere Portugeestalige landen met een gelijkende religieuze en culturele achtergrond. Ongeveer een kwart van de buitenlandse inwoners is afkomstig uit Europa. Een gedeelte daarvan bestaat uit gepensioneerden die overwinteren in Portugal. Een ander gedeelte zijn remigrerende Portugezen die inmiddels het staatsburgerschap van hun emigratieland hebben aangenomen.
De allochtone bevolking is voornamelijk in de regio Lissabon (ca. 50%) en de andere stedelijke gebieden in de kuststrook te vinden. In het binnenland bestaat slechts 0,5% van de bevolking uit allochtonen.
Taal thumb|300px|Kaart van Lusophonia Portugees is de officiële taal van Portugal. Portugees is een Romaanse taal, die zijn oorsprong vindt in de oorspronkelijke taal van wat nu Galicië en Noord-Portugal is, het Galicisch-Portugees. Het is afgeleid van het Latijn dat gesproken werd door de geromaniseerde pre-Romeinse volkeren van het Iberisch Schiereiland rond 2000 jaar geleden.
In de 15e en 16e eeuw verspreidde het zich over de hele wereld toen Portugal een koloniaal en commercieel rijk (1415-1999) stichtte. Als gevolg daarvan is vandaag de dag Portugees de officiële taal in Brazilië, Angola, Mozambique, Kaapverdië, Sao Tomé en Principe, Guinee-Bissau en Oost-Timor. Deze landen en Macau vormen Lusophonia, een term die is afgeleid van de oude Romeinse provincie Lusitania, die momenteel overeenkomt met het Portugese grondgebied ten zuiden van de rivier de Douro. Zo wordt Portugees gesproken als moedertaal op vier verschillende continenten, waarbij Brazilië het grootste aantal inheemse Portugese sprekers heeft van alle landen.
In de streek rond Miranda do Douro, het noordoosten van Portugal, is het Mirandees erkend als minderheidstaal. De taal wordt gesproken door ongeveer 15.000 mensen.
Tijd Portugal hanteert de West-Europese Tijd, in tegenstelling tot Spanje dat de Midden-Europese Tijd hanteert.
Religie De Portugezen zijn overwegend katholiek (zie Katholieke Kerk in Portugal). Volgens de census van 2001 was 84,5% van de Portugezen katholiek en 2,2% protestant.CIA — The World Factbook: Portugal Net zoals in andere Europese landen neemt door ontkerstening het aantal christenen af. Portugal kent een uitgebreide Mariaverering en het bekende bedevaartsoord Fátima, dat aan Maria gewijd is, ligt in Centraal-Portugal. De Heiligen Antonius van Padua, Franciscus Borgia, Gabriël, Joris (Georgius), João de Britto en Vincentius van Zaragoza zijn de patroonheiligen van Portugal.
Verder zijn er nog moslims, joden en hindoes (de hindoes komen uit Goa, dat vroeger een Portugese kolonie was) te vinden. Portugal kent vrijheid van godsdienst.
Politiek thumb|rechtop|Luís Montenegro, de huidige premier Portugal is een parlementaire democratie met Lissabon als hoofdstad. Het land is tevens een republiek met een president die voor een termijn van vijf jaar gekozen wordt door de bevolking. De huidige premier is Luís Montenegro (PSD), sinds 2 april 2024.