Heusden is een gerestaureerde vestingstad ANWB Topografische Atlas Noord-Brabant (2005) - kaart 22 138-416 . in de Nederlandse gemeente Heusden (provincie Noord-Brabant), gelegen aan de Maas en de Bergsche Maas. Zij telt ongeveer inwoners (). In 1968 is begonnen met het in oude stijl restaureren van de vestingstad Heusden. Dit grootscheepse restauratieproject liep twintig jaar. Heusden is de hoofdstad van het Land van Heusden. Dichtstbijzijnde steden zijn Waalwijk ten zuidwesten van Heusden en 's-Hertogenbosch in het oosten. Heusden draagt de bijnamen 'Galeriestad', 'Vestingstad' en 'Maasstad'.

Toponymie De toponymie van Heusden is onzeker. Deze naam en verwante vormen als Husdine, Houdain en Hesdin komen voor van Nederland tot Noord-Frankrijk, zodat geopperd is dat het een soortnaam betreft. Het is echter niet zeker dat alle vormen op dezelfde manier verklaard kunnen worden.

Het eerste deel van de naam kan duiden op een omsloten of verborgen plaats, wat een waaier aan mogelijkheden inhoudt, zoals binnenplaats, schuilplaats, toevluchtsoord of schatkamer. Het einde -en is te herleiden tot het Germaanse plaatsaanduidende suffix -inja. Een alternatieve verklaring leidt de naam af van Kusidiniom, 'de plaats van Kusidinios''', mogelijk verwijzend naar iemand met een goed gehoor, aangenomen dat de naam teruggaat op de Indo-Europese grondvorm keus, 'horen'.

Wapen 88px|left|Wapen van Heusden Het wapen van Heusden bevat een houten rad met zes spaken. De beschrijving luidt: In goud een rood rad. Het schild gedekt met een gouden kroon van 5 bladeren.Het wapen van Heusden op ngw.nl. Gearchiveerd op 6 maart 2016. De betekenis hiervan is niet geheel duidelijk. Een legende beweert dat de Engelse koningsdochter Sophia door de heer van Heusden zou zijn geschaakt. Dienaren van de koning werden op pad gestuurd om haar terug te halen en vonden haar, zittend achter een spinnewiel. Dit verhaal is alleen daarom al onwaarschijnlijk omdat het speelt in een tijd dat het spinnewiel nog niet was uitgevonden.

Waarschijnlijker is de uitleg dat het rad verwijst naar Catharina van Alexandrië, patroonheilige van de stad.

Geschiedenis thumb|260px|Vismarkt thumb|260px|Haven De eerste vermelding van Heusden dateert uit 722, als Hunsata Super fluvium Mosam. In 839 zou de plaats door de Noormannen verwoest zijn. Vermoedelijk ging het hierbij niet om de stad Heusden zoals we die in de moderne tijd kennen, die is van een latere datum. Het zou om een plaats kunnen gaan die overeenkomt met het huidige Oudheusden, dat aan de toenmalige loop van de Maas gelegen was.

Het Kasteel Heusden dateert uit de 12e eeuw. In de buurt van dit kasteel ontwikkelde zich het huidige stadje Heusden. In het jaar 1157 was er al sprake van een conflict tussen de abt van Sint-Truiden en een Tempelier over het bezit van de kapel. In het jaar 1210 werd vervolgens melding gemaakt van een kerk. Heusden lag op de strategische grens tussen het hertogdom Brabant, het graafschap Holland en het hertogdom Gelre, terwijl ook het graafschap Kleef er aanvankelijk rechten bezat. Hierdoor was de politieke situatie van Heusden onduidelijk. Zo werd Heusden in 1279 ingenomen door hertog Jan I van Brabant en dit wordt als het begin van de Brabantse invloed beschouwd, hoewel er al eerder schermutselingen waren tussen de drie machtsblokken.

Het is niet duidelijk wanneer de plaats stadsrechten kreeg. Diverse bronnen vermelden jaren als 1231, tussen 1290 en 1296, en 1318. Jan van Wijnvliet, burggraaf van Heusden verbouwde en versterkte de burcht in de jaren 1338-1339 met een muur. In 1340 werd Wijnric van Oyen door Jan van Wijnvliet aangesteld tot drossaard van het Land van Heusden. In 1357 werd het Land van Heusden verkocht aan het Graafschap Holland en werd dus Hollands. De reden van de verkoop lag in het feit dat de Graaf van Holland partij zou kiezen voor een Brabantse kandidaat in een opvolgingskwestie. Omstreeks 1810 werd Heusden bij de huidige provincie Noord-Brabant gevoegd.

In Heusden hebben zich meerdere rampen voorgedaan. In 1569 werd de stad door de Spanjaarden belegerd en geheel verwoest. Meerdere keren werd de stad getroffen door de pest. Tijdens de grote brand in 1572 werd bijna de hele stad in de as gelegd. Van het prachtige stadhuis was niets meer over. In 1680 werden het kasteel en omliggende huizen verwoest, doordat de bliksem in de kruittoren sloeg.

Jacob Kemp ontwierp aan het einde van de 16e eeuw een moderne omwalling volgens het oud-Nederlands vestingstelsel. De middeleeuwse ommuring had vier stadspoorten: de Wijkse poort, de Bossche poort, de Oudheusdense poort en de Veerpoort. Toen de ommuring werd gesloopt, ten behoeve van de aarden vestingwerken, verdween de Bossche Poort en werd de Herptse Poort gebouwd. De Wijkse Poort werd verplaatst en later uitgebreid tot de huidige vorm. De graaf de Mirabeau wees op de patriottische gezindheid van Heusden en nam het stadje op in zijn aanvalsplan. Ook Cornelis Krayenhoff zou in 1794 via Heusden optrekken.

De laatste tragische gebeurtenis vond plaats tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de geallieerden oprukten, zochten de Duitsers hun heil achter een nieuwe linie, de Bergsche Maas. Zij lieten de hoogste punten in de vesting, het stadhuis en twee kerktorens, opblazen. Dat deden de Duitsers ook elders, om de oprukkende geallieerden te beletten hoge gebouwen als uitkijkposten te gebruiken.

Het vorige stadhuis in Heusden was een neo-gotisch bouwwerk, wat vrij zeldzaam was in Nederland. Tijdens de geallieerde beschietingen hielden vele Heusdenaren zich schuil in de grote kelder van het stadhuis. Een deel ervan verbleef in de kelder tijdens de onaangekondigde opblazing. In de nacht van 4 op 5 november 1944 werd de toren van het stadhuis opgeblazen, maar het hele stadhuis stortte in en 134 mannen, vrouwen en kinderen kwamen om. Destijds was dit tien procent van de totale bevolking. Nog geen vier uur later reden de Schotse tanks en Poolse divisies Heusden binnen. De daders van de aanslag werden nooit gevonden, en Heusden verloor een deel van zijn inwoners en een historisch bouwwerk.

Bezienswaardigheden thumb|Vestingwerken thumb|Kanonnen op een bolwerk.

Vestingwerken In 1581 begon men, in opdracht van Willem van Oranje, met de modernisering van de vestingwerken van Heusden onder leiding van Jacob Kemp. Ook vestingbouwer Adriaen Anthonisz speelde hierin een rol. De haven en het kasteel kwamen daarmee binnen de omwalling te liggen. De vesting werd volgens het Oud-Nederlands vestingstelsel aangelegd. Tussen 1613 en 1620 vonden verdere verbeteringen plaats. Ook de Wiel, een plas ontstaan in 1679, kwam nu binnen de omwalling te liggen. Aldus werd de reputatie van onneembare vesting hooggehouden. Heusden speelde tijdens de Tachtigjarige Oorlog een belangrijke rol als bruggenhoofd voor de Staatsen. Van 1700 - 1730 werd de vesting aangepast aan het Nieuw Nederlands Vestingstelsel, waarbij de hoornwerken werden geslecht.

Toen het Koninkrijk der Nederlanden werd gesticht had de vesting, die deel uitmaakte van de Zuiderwaterlinie, geen functie meer. In 1821 verloor het stadje zijn vestingstatus en in 1879 ook zijn garnizoen. De verdedigingswerken werden verwaarloosd en menigmaal stond slechting ervan ter discussie. Dit gebeurde echter niet, waarop men geleidelijk de monumentale waarde ervan in zag. Uiteindelijk besloot men tot restauratie over te gaan.

Geruime tijd bestond onduidelijkheid naar welke tijdsperiode de vestingwerken gerestaureerd moesten worden. Men besloot uiteindelijk dat de restauratie moest plaatsvinden zoals de vestingwerken erbij lagen volgens de kaart van Joan Blaeu uit 1646, overeenkomstig het ontwerp van Jacob Kemp, inclusief de soms onhandige indelingen. Heusden heeft - na de restauratie van 1978 - negen bastions, zes ravelijnen, een beschermend eilandje en een natte gracht. Op enkele bastions staan standerdmolens en torens. In 1980 won Heusden de Urbes Nostrae-prijs voor zijn vestingrestauratie, de hoogste Europese prijs op het gebied van restauratie.

400pxKaart van de vesting van Heusden.Overige bezienswaardigheden thumb|Grote of Sint-Catharinakerk thumb|Het nieuwe stadhuis in de stijl van de Bossche School. thumb|Commiezenhuis thumb|Haven thumb|Visbank thumb|Molen nr I

Het stadje is in zijn geheel bezienswaardig en historisch, ondanks het feit dat het zware verwoestingen heeft ondergaan op de vooravond van de bevrijding in november 1944. Vanaf 1968 werd een grootscheeps restauratieplan gestart. De binnenstad met omgeving is een beschermd stadsgezicht.

Het stratenplan stamt nog uit de middeleeuwen: Een hoofdstraat (Waterpoort-Hoogstraat-Botermarkt-Breestraat) en twee daaraan evenwijdig lopende straten: De Putterstraat en de Ridderstraat-Vismarkt-Stadshaven. Deze worden verbonden door een aantal dwarsstraten.

Resten van het Kasteel Heusden, in 1987 opnieuw opgemetseld, doch op een wijze die tegenwoordig als minder verantwoord wordt beschouwd. Grote of Sint-Catharinakerk, de centrale protestantse kerk in gotische stijl, Sint-Catharinakerk, de katholieke kerk uit 1950 in de stijl van de Bossche School, Gereformeerde kerk aan de Gasthuisstraat 3, uit 1865 en gerenoveerd in 2000. Het gebouw is voorzien van een ingezwenkte lijstgevel. Lutherse kerk, aan de Putterstraat 25, uit 1951. De Drie Hoefijzers, in de Zustersteeg, vernoemd naar de voormalige brouwerij "De Drie Hoefijzers" die hier van 1810 - 1920 gevestigd was. Sedert 1482 - 1588 was hier het Sint-Catharinaconvent gevestigd. In 1637 werd de kapel ervan gerestaureerd en geschikt gemaakt voor de Waalse Kerk en de Engelse Kerk, ten behoeve van huursoldaten uit de betreffende landen. Hierna werd het een Latijnse school en uiteindelijk een brouwerij. Nu zijn er woningen in gebouwd. De Vismarkt, het centrale plein in Heusden, is iets hoger gelegen dan de omringende straten. Er zijn vele historische panden te vinden. De Visbank is een gebouw uit 1796, bestaande uit een open galerijtje met twaalf Toscaanse zuilen, voorzien van twee zijvleugels. Een gevelsteen meldt: Anno Secundo Libertatis Batavae, het tweede jaar dus van de Bataafse Republiek. Heusden had overigens als eerste plaats in Nederland een Patriottisch stadsbestuur. De Visbank vormde de verbinding tussen de Vismarkt en de Haven. De gietijzeren Stadspomp uit 1850 werd vervaardigd door de Haagse gieterij Prins van Oranje. Drie standerdmolens, vlak bij elkaar op de noordelijke vestingwallen: Molen I, Molen II, en Molen III. Deze molens zijn gebouwd van 1971 - 1975. Voor Molen I is materiaal van een sloopmolen uit Lommel gebruikt. De Wijkse poort, is de - gereconstrueerde - stadspoort met uitzicht op de jachthaven. Vroeger gaf deze toegang tot de weg naar Wijk. Na 1904 moet men daartoe via een brug de Bergsche Maas passeren. Bij deze poort bevindt zich een grenspaal. De Veerpoort of Waterpoort leidde vanaf de 14e eeuw naar de veerpont die de verbinding met Nederhemert verzorgde. De huidige poort is een reconstructie op basis van de nog aanwezige oorspronkelijke fundamenten. De Herptse poort is een reconstructie van de plattegrond van deze poort op de oude fundamenten. Het Commiezenhuis dateerde oorspronkelijk uit 1648 en was aan de zuidkant van de haven gelegen. Gedurende de Franse tijd huisden hier de commiezen (douane) die tolgelden, accijnzen en invoerrechten moesten innen. In 1904 verdween het en later werd het, in iets gewijzigde vorm, nagebouwd. De Schuttersdoelen aan Putterstraat 42A-B, waar vroeger het Collegie van oude schutters van den voetboog van Sint-Joris te Heusden was gehuisvest. In 1905 werd het een patronaatsgebouw. De originele gevelsteen met Sint-Joris en de Draak werd bij een latere restauratie weer teruggeplaatst.