Turgut Özal (Malatya, 13 oktober 1927 – Ankara, 17 april 1993) was een Turks econoom, politicus, minister-president en de 8e president van Turkije.

Özal studeerde economie in Ankara en werkte in de jaren '60 en '70 bij het staatsplanbureau. Na de staatsgreep van 1980 werd hij minister van Economische Zaken in de militaire regering-Evren. Toen generaal Evren onder een nieuwe grondwet in 1983 verkiezingen uitschreef, liet hij slechts drie deelnemende partijen toe. Een daarvan was de door Özal opgerichte Moederlandpartij (Anavatan Partisi), die een absolute meerderheid behaalde.

De Moederlandpartij was nationalistisch, economisch liberaal en conservatief, maar niet radicaal. Özal streefde naar samenwerking met de Europese Unie en het Midden-Oosten. Hij bleef het westers bondgenootschap NAVO trouw. Verder hield hij zich aan de regels van de parlementaire democratie, ook nadat hij generaal Evren was opgevolgd als staatshoofd.

Onder zijn regering kwam de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) in opstand. Voor haar eis van zelfbestuur voor de Koerden was er bij Evren en Özal geen enkel begrip en er ontstond een binnenlandse oorlog die Özals economische plannen flink dwarsboomde. Hij sloot in 1984 akkoorden met Iran en Irak over het recht op achtervolging van de PKK over de landsgrenzen heen.

Overlijden Özal overleed op 17 april 1993 in het presidentsambt aan een hartaanval. Sindsdien zijn er vele speculaties over zijn dood losgekomen. Nabestaanden beweren dat hij is vermoord door middel van vergiftiging. Er zou arseen zitten in de limonade die hij een dag voor zijn dood kreeg aangeboden. Het bloed dat was afgenomen voor onderzoek is zoekgeraakt en er heeft geen lijkschouwing plaatsgevonden. Bij de Turkse overheid werd in de jaren negentig meermalen aangedrongen op een onderzoek naar de doodsoorzaak. Pas in oktober 2012 kwam er weer enige beweging, toen het lichaam van Özal werd opgegraven voor forensisch onderzoek.Onderzoek dood Turkse president, NOS Nieuws, 2 oktober 2012

Dit bracht de aanwezigheid van vier verschillende giffen aan het licht. Om te beginnen vonden de artsen hoeveelheden van de insectenverdelger DDT die tien keer hoger waren dan normaal. Ook stuitten zij op sporen van het zware metaal cadmium, en van de radioactieve stoffen polonium en americium: producten die de president zouden hebben verzwakt. Het in voedsel of drank vermengde DDT zou dan het heengaan hebben versneld.

Categorie:Premier van Turkije Categorie:President van Turkije