Aleidis van Bourgondië (Leuven, 1233 — aldaar, 23 oktober 1273) was een dochter van Hugo IV van Bourgondië en diens eerste echtgenote Yolande van Dreux, dochter van Robert III van Dreux. In 1251 trouwde zij met hertog Hendrik III van Brabant en schonk het leven aan: Hendrik IV (1251-1272) Jan I (1253-1294) Godfried van Brabant (-1302), heer van Aarschot, gesneuveld in de Guldensporenslag Maria (1254-1321), gehuwd met Filips III van Frankrijk.

Na het overlijden van haar gemaal in 1261, werd hij opgevolgd door zijn zwakbegaafde zoon Hendrik IV. Aleidis was voogd over haar kinderen en oefende het regentschap uit, tot haar tweede zoon Jan in 1267 hertog werd. Ze deed dit ondanks de tegenstand van Otto II van Gelre, Hendrik I van Hessen en Hendrik van Leuven-Gaasbeek., Jan I. Hertog van Brabant: de dichtende en bedichte vorst, Leuven, 1994, p. 54. Zie ook: Jan van Herlu, Rymkronyk I rr. 150-178. Gearchiveerd op 15 mei 2021. De avonturenroman op rijm Sone de Nansay zou op haar verzoek zijn geschreven ter lering van Jan. (2003), De stem van de meester. De hertogen van Brabant en hun rol in het literaire leven (1106-1430), blz. 57-73

De hertogin-weduwe stichtte de priorij Hertoginnedal in de vallei van de Woluwebeek (1262) op een plaats waar het kasteel Hertoginnedal nog steeds aan haar herinnert. In het klooster verbleef de eerste religieuze vrouwengemeenschap van de Nederlanden die de regels van de heilige Dominicus de Guzmán volgde. Ook de Predikherenkerk van Leuven genoot haar patronage.

Vragen aan Thomas van Aquino Beroemd zijn haar vragen aan Thomas van Aquino over enkele beschikkingen uit het testament van de overleden hertog.Cluse meent dat de vragen van Margaretha van Frankrijk (1254–1271) kwamen, maar daar wordt op afgedongen. Zie , Studien zur Geschichte der Juden in den mittelalterlichen Niederlanden, Hannover, 2000 Hendrik had de uitdrijving bevolen van de joden en cahorsijnen, tenzij ze handel wilden drijven sine prestatione et usura ("zonder rente of woeker"). (2004), Een kleine geschiedenis van Brussel, blz. 62-63 - Lees op Google Books Aleidis weifelde hoe ze aan deze wens gevolg kon geven zonder zich in een lastig parket te brengen. Ze besloot om de grote dominicaanse intellectueel te raadplegen. Aquino antwoordde haar met het werk De regimine judaeorum. (1928), "La duchesse Aleyde de Brabant et le 'De regimine judaeorum' de saint Thomas d'Aquin", in: Revue néo-scolastique de philosophie, Vol. 30, Nr. 18, blz. 193-205. Gearchiveerd op 24 september 2015. Daarin adviseerde hij hare Excellentia om de joden met mate te belasten en om ze te verplichten tot het dragen van herkenningstekenen.

Aleidis stierf op 40-jarige leeftijd. Haar hart kreeg een rustplaats in de Sint-Annapriorij, maar voor het overige werd ze begraven in de Leuvense Predikherenkerk. Haar gebeeldhouwde hoofd, afkomstig van de ontmantelde graftombe, wordt bewaard in het M - Museum Leuven.

Zie ook Priorij Hertoginnedal Sint-Annakapel (Oudergem)

Voorouders Voorouders van Aleidis van Bourgondië (1233-1273)OvergrootoudersHugo III van Bourgondië (1148-1192)∞ 1165Adelheid van Lotharingen (1145-1200)Hugo van Vergy (-)∞ ? (-)Robrecht II van Dreux (1154-1218)∞ Yolande van Coucy (1164-1222) Thomas van Saint-Valery (-)∞ ? (-)GrootoudersOdo III van Bourgondië (1166-1218)∞ 1199Adelheid van Vergy (1182-1252)Robrecht III van Dreux (1185-1234)∞ Eleonora van Saint-Valery-sur-Somme (1192-1250)OudersHugo IV van Bourgondië (1212-1272)∞ 1199Yolande van Dreux (1212-1248)

Categorie:Partner van de hertog van Brabant Categorie:Huis Bourgondië Bourgondie, A