Een accountant is iemand die beroepsmatig jaarrekeningen controleert, jaarrekeningen opmaakt of financiële administraties voert. Voor dit beroep is een specifieke opleiding vereist. In veel landen is, net als in Nederland en België, het voeren van een beroepstitel voor dit beroep wettelijk beschermd.

Beroepsorganisaties voor accountants spelen een belangrijke rol bij de opleiding tot en permanente bijscholing van accountants. Ook bevorderen zij de kwaliteit van de accountantswerkzaamheden door hier standaarden voor op te stellen. De nationale beroepsorganisaties hebben zich internationaal verenigd in de International Federation of Accountants (IFAC).

Werkzaamheden thumb|255px|

Controle Doel van de accountantscontrole van een jaarrekening is het verschaffen van zekerheid over de getrouwheid ervan, zodat de ondernemingsleiding, aandeelhouders, banken, beleggers, crediteuren, subsidieverstrekkers, enz. de jaarrekening kunnen gebruiken voor hun beslissingen. Wanneer een accountant een jaarrekening controleert, legt hij/zij het oordeel vast in een controleverklaring. Zo'n verklaring is verplicht bij de jaarrekening van middelgrote en grote ondernemingen waaronder de aan de beursgenoteerde bedrijven en bij de jaarrekening van diverse overheidsorganisaties zoals gemeenten. Niet iedere accountant mag deze wettelijk verplichte controles uitvoeren, hiervoor gelden aanvullende eisen.

Naast de controleverklaring met een eindoordeel, kan de accountant allerlei bevindingen die naar voren zijn gekomen bij zijn onderzoek, rapporteren aan de leiding van de organisatie in de vorm van een accountantsverslag of een management letter.

Behalve jaarrekeningen controleert een accountant ook andere (financiële) rapportages waarin verantwoording over iets wordt afgelegd, bijvoorbeeld een milieuverslag of een subsidieafrekening.

Geregeld zal een accountant bij zijn controle gebruik maken van de expertise van anderen. Voorbeelden zijn bevindingen van een IT auditor, belastingadviseur, advocaat of actuaris. In veel gevallen, zoals bij de grote accountantskantoren, worden deze diensten intern voorzien. De accountant blijft echter eindverantwoordelijk en dient dus de adequaatheid van de werkzaamheden van door hem ingeschakelde deskundigen te beoordelen.

Het axiomatisch voorbehoud is het voorbehoud dat accountants maken bij het geven van een goedkeuring. Het houdt onder meer in dat een accountant niet altijd georganiseerd bedrog door de bedrijfsleiding kan ontdekken.http://artikelen.foobie.nl/verslagen-scripties/controleleer-accountantscontrolerisico-een-inleiding. Gearchiveerd op 14 oktober 2017.

Samenstellen Als een accountant voor een klant een jaarrekening opmaakt, voegt hij er een samenstellingsverklaring bij. Hij heeft de jaarrekening dan niet gecontroleerd en kan dus geen zekerheid geven dat de jaarrekening juist en volledig is. Zijn deskundigheid en beroepsvoorschriften zorgen er echter voor dat het samenstellen van de jaarrekening op kwalitatief hoog niveau plaatsvindt.

Advies Een accountant is een gekwalificeerd adviseur op een breed terrein, onder meer management en organisatie, financiële administratie en fiscale aangelegenheden. Zijn brede financieel-economische kennis maakt een accountant tot 'huisarts' voor zijn cliënten en hij kan waar nodig doorverwijzen naar specialisten.

Als een accountant de administratie voert en/of de jaarrekening opmaakt, is deze natuurlijke adviesfunctie geen enkel probleem. Maar wanneer een accountant of accountantskantoor naast de controle van de jaarrekening ook allerlei los van de jaarrekeningcontrole staande adviesopdrachten uitvoert bij dezelfde cliënt, zou zijn onafhankelijkheid in het geding kunnen komen. Enerzijds omdat hij iets zou moeten controleren wat hij zelf of zijn collega heeft geadviseerd, en anderzijds omdat de cliënt dan zou kunnen dreigen de vaak lucratieve adviesopdrachten niet meer door hem te laten uitvoeren. Daarom is in veel landen deze dubbelrol als controleur en adviseur gesplitst.

Soorten verklaringen Het 'eindproduct' van de controle- en samenstellingswerkzaamheden van een accountant is zijn verklaring. De tekst van deze verklaringen is internationaal gestandaardiseerd. Er worden drie soorten verklaringen onderscheiden, gerangschikt naarmate van zekerheid die ze bieden: Controleverklaring. Deze verklaring biedt de hoogste mate van zekerheid en wordt alleen afgegeven na een controle van een jaarrekening of van een ander document waarin verantwoording wordt afgelegd. De inhoud van de verklaring kan zijn: goedkeurend, afkeurend, oordeelonthouding of 'deels goedkeurend wegens bepaalde beperkingen'.

Beoordelingsverklaring. Deze verklaring biedt een beperkte mate van zekerheid en wordt gebruikt wanneer een accountant te weinig aanknopingspunten heeft om alles te kunnen controleren of wanneer de cliënt bijvoorbeeld uit kostenoverwegingen besluit dat de accountant niet alles hoeft te controleren.

Samenstellingsverklaring. Deze verklaring biedt de minste zekerheid, maar garandeert wel dat de accountant bij het opmaken van de jaarrekening de daarbij behorende werkzaamheden heeft uitgevoerd zoals die zijn voorgeschreven door zijn beroepsorganisatie.

Behalve een verklaring kan een accountant ook een rapport van bevindingen schrijven. Hij zal dit doen als hem gevraagd wordt specifieke onderzoekswerkzaamheden uit te voeren, bijvoorbeeld een onderzoek naar de juistheid en rechtmatigheid van onkostendeclaraties.

Accountantsberoep in diverse landen Nederland In Nederland is het accountantsberoep geregeld in de Wet op het accountantsberoep, die één regeling treft voor de twee soorten accountants die Nederland kent, RA's en AA's. Op 11 december 2012 is deze wet door de Eerste Kamer aangenomen. Per 1 januari 2013 zijn NOvAA, de organisatie voor de AA's, en NIVRA, de organisatie voor de RA's, gefuseerd tot de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). Samenwerking tussen de twee organisaties was er overigens al jaren. Sinds 2015 voert de organisatie het predicaat "Koninklijk", en luidt de volledige naam Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (Koninklijke NBA). Uit het voormalige NIVRA is ook de NOREA voortgekomen: de Nederlandse beroepsorganisatie van IT-auditors (die onafhankelijk is van de internationale beroepsorganisatie, ISACA).

Geschiedenis van het beroep Sinds 1928 is het wettelijk voorgeschreven dat grote ondernemingen beschikken over een verklaring van een accountant over de getrouwheid (nauwkeurigheid en volledigheid) van hun jaarrekening. Sinds 1978 geldt dit ook voor middelgrote ondernemingen. Dit staat in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Ook voor het verkrijgen van subsidie stelt de overheid vaak het overleggen van een accountantsverklaring als voorwaarde.

Rond de jaren zestig waren er wel 15 accountantsverenigingen actief die ieder hun eigen deskundigheidseisen stelden. Bovendien was het accountantsberoep niet beschermd. Iedereen kon zich accountant noemen. Voorts voerden accountants allerlei activiteiten uit, buiten de wettelijke controletaak. Om de functie van accountant te normeren werd in 1962 de Wet op de registeraccountants (WRA) ingesteld. De registeraccountant kreeg het monopolie op het afgeven van verklaringen van getrouwheid. Om de kwaliteit van registeraccountants te bevorderen en te waarborgen werd het NIVRA (Koninklijk Nederlands Instituut van Registeraccountants) opgericht. Het NIVRA kwam voort uit het in 1895 opgerichte Nederlands Instituut van Accountants, NIVA.

In 1974 werd er een wettelijk geregeld officieel diploma voor accountants-administratieconsulenten ingevoerd. De eisen voor een accountant-administratieconsulent (AA) lagen lager dan die voor een registeraccountant (RA). Sinds 1999 zijn deze eisen voor beide gelijk.Accountants-administratieconsulenten werken vaak voor het midden- en kleinbedrijf. Voor het toezicht werd de NOvAA (Nederlandse Orde van Accountants-Administratieconsulenten) aangewezen. Aansluiting bij de NOvAA werd naderhand voor AA-accountants verplicht gesteld en de regelingen voor AA-accountants en RA-accountants leken naar elkaar toe te groeien. Beide hebben nagenoeg gelijke bevoegdheden. Het verschil is, dat een RA-accountant universitair is opgeleid en dat een AA-accountant ook een hbo-opleiding kan hebben.

In het verleden bestonden veel grote accountantskantoren, waaronder de "Big Four" (Deloitte, EY, KPMG en PricewaterhouseCoopers), uit een afdeling met administratieve dienstverlening, een controletak en een adviesbureau-afdeling. Omdat dit tot strijdige belangen kon leiden (hetzelfde bedrijf dat een onderneming adviseerde over bijvoorbeeld het inrichten van logistieke processen of de aanschaf van een computersysteem, controleerde ook de boeken), zijn eind 20e eeuw vrijwel alle adviesfuncties verzelfstandigd. Sindsdien geven de accountantskantoren alleen nog advies vanuit hun eigen deskundigheid, zoals externe verslaggeving of administratieve organisatie.

Op 28 juni 2005 heeft de Tweede Kamer de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta) aangenomen. De Wta is per 1 oktober 2006 in werking getreden. In de Wta is het toezicht op accountants nader geregeld, waarbij - naast de eisen die aan accountants worden gesteld - ook de organisatie aan bepaalde kwaliteitsnormen dienen te voldoen. Voor wettelijke controles hebben accountantsorganisaties voortaan een vergunning nodig. Uitgifte hiervan en het toezicht komen te liggen bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM).

Op 23 november 2007 heeft de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) één set eindtermen voor de opleiding tot zowel accountant-administratieconsulent (AA) als registeraccountant (RA) vastgesteld, die voldoen aan de Europese richtlijn 2006/43/EG. Beide soorten accountants kennen echter een eigen opleidingstraject met een verschillend opleidingsniveau: hbo (AA) respectievelijk wo (RA). De nieuwe eindtermen geven duidelijkheid over de (kwaliteits)eisen die gesteld worden aan de opleiding tot wettelijk controleur. De CEA heeft met het vaststellen van deze eindtermen de overeenkomsten tussen AA en RA willen accentueren.

In april 2008 hebben NIVRA en NOvAA aangekondigd te onderzoeken op welke terreinen zij de samenwerking kunnen intensiveren. Dit heeft in november 2008 geresulteerd in het ondertekenen van een intentieverklaring om tot een volledige fusie te komen. Met ingang van 1 december 2010 is deze fusie effectief geworden en gaan het Koninklijk NIVRA en de NOvAA verder onder de naam Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). Sinds 1 januari 2013 is dat de enige overgebleven accountantsorganisatie in Nederland. Sinds 2015 voert deze het predicaat "Koninklijk", en luidt de volledige naam Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (KNBA).

Soorten accountants In Nederland worden vier soorten accountants onderscheiden: openbaar accountant: werkt bij een accountantskantoor of als zelfstandig accountant; interne accountant: werkt bij een accountantsafdeling van een bedrijf of organisatie; overheidsaccountant: werkt bij een accountantsafdeling van de overheid of werkt als accountant (belastingcontroleur) bij de belastingdienst; accountant in business: werkt niet als accountant, maar heeft een andere functie bij een organisatie, zoals (financieel) directeur, controller of administrateur.

Met de wettelijke term externe accountant wordt de openbaar accountant aangeduid die de wettelijk verplichte jaarrekeningcontroles mag uitvoeren. Dit is een wat verwarrende term, omdat in het spraakgebruik alle openbare accountants wel worden aangeduid als extern om daarmee aan te geven dat ze niet in dienstbetrekking werken zoals interne accountants (en overheidsaccountants).

Gedrags- en beroepsregels