thumb|Duinen zijn eolische landvormen.|300px
Een landvorm of reliëfvorm of terreinvorm is een duidelijk waarneembare vorm van het aardoppervlak. Het is een geomorfologische eenheid die zich onderscheidt van andere landschapselementen door zijn uiterlijke kenmerken en zijn positie binnen het landschap.
Landvormen worden in de geomorfologie beschreven op grond van hun ontstaanswijze. Hierbij zijn de volgende factoren van belang: het moedergesteente, de geomorfologische processen die de vorm hebben gecreëerd, incl. de processen die nu actief zijn en de fase van de ontwikkeling.
Enkele voorbeelden van landvormen thumb|350px|Door glaciale of glaciofluviale processen ontstane landvormen. Landvormen voornamelijk ontstaan door: Stromend water: rivierdalen beekdalen oeverwal meander rivierdelta fluviatiel terras / rivierterras Stromend water en getijdenwerking: kreekrug (hier is ook sprake van antropogene invloed: klink) marien terras strandwal schoorwal tombolo Wind: paraboolduinen lengteduinen sikkelduinen Landijs en/of smeltwater: morene stuwwal drumlin esker sandr (ook wel spoelzandwaaier of smeltwaterwaaier) oerstroomdal Permafrost: polygoonbodem pingo palsa Oplossen van kalksteen (Karst): doline polje verdwijngat Sterke invloed van het moedergesteente,met daarbij invloeden alstektoniek, erosie en/of vulkanisme: horst slenk restheuvel bergketens vulkaan gebergte
Zie ook Reliëf
Categorie:Geomorfologie