thumb|Arabische Palestijnen in de stad Ramleh geven zich over aan de Israëlische strijdkrachten tijdens de oorlog van 1948. thumb|Arabische Palestijnen worden ontheemd na de val van Haifa door gewapende Haganah. thumb|Arabische Palestijnse families vluchten uit Galilea, oktober – november 1948. De Nakba of Al-Nakba / Al-Naqba (Arabisch: النكبة – 'De ramp' of 'De catastrofe') is de etnische zuivering van Palestijnen door de gewelddadige ontheemding en onteigening van hun land, eigendom en bezittingen, samen met de vernietiging van hun samenleving en de onderdrukking van hun cultuur, identiteit, politieke rechten en nationale aspiraties. Ze vond plaats tussen 1947 en 1949 in het toenmalige Mandaatgebied Palestina. Gedurende de Nakba werden in totaal 700.000-800.000 Palestijnen uit hun land verdreven. Deze gebeurtenissen worden door Palestijnen wereldwijd elk jaar herdacht op 15 mei, de Nakba-dag.

Oorsprong, betekenis en evolutie van de term De term Nakba, wat in het Arabisch 'catastrofe' betekent, werd in 1948 als eerste geïntroduceerd door de Syrische intellectueel Constantin Zureiq (1909-2000), kort na de oprichting van de staat Israël en het uitbreken van de eerste Arabisch-Israëlische oorlog. Hij schreef in 1948 tijdens de wapenstilstand in de oorlog het boek Ma'na al-Nakba (De betekenis van de ramp). Het boek definieert de conceptuele parameters van de Arabische tragedie, die Zureiq al-Nakba noemt, om de Arabische nederlaag in de oorlog van 1948 te beschrijven.Constantine Zreik, Betekenis van de NakbaInternet Archive, Constantin Zureiq, Vertaling uit het Arabisch, de betekenis van de ramp.Internet Archive, Constantin Zureiq, vertaling Arabische tekst

Het gebruik van de term is in de loop der tijd geëvolueerd tot het synoniem voor de massale verdrijving en vlucht van honderdduizenden Palestijnen. De symbolische betekenis werd in 1998 wereldwijd versterkt toen Yasser Arafat, destijds leider van de PLO, 15 mei officieel uitriep tot Nakba-dag.

Onder Israëlische Joden was het begrip Nakba vrijwel onbekend tot in de late jaren 1980. Pas met de opkomst van de Nieuwe Historici vanaf 1987 kreeg de term bekendheid. Dat viel samen met de Eerste Intifada en het ontstaan van talrijke Israëlische organisaties die opkwamen voor Palestijnse rechten.Erasing the Nakba. Neve Gordon, Al Jazeera, 17 mei 2012"The Nakba, both as a word and as a historical phenomenon, began to surface among Jews in Israel – and indeed in the international arena – following a series of publications by the 'new historians'."

Voorgeschiedenis Na de publicatie van de Balfourverklaring, die het Verenigd Koninkrijk in de Eerste Wereldoorlog had opgesteld, kwam er tijdens het Brits Mandaat een massale immigratie op gang van Europese en Amerikaanse zionistische Joden, die zich in Palestina wilden vestigen om er een Joodse staat te stichten. De Arabisch-Palestijnse inwoners en de omringende Arabische landen verzetten zich tegen deze massa-immigratie in hun gebied – dat al eeuwenlang onder islamitisch bestuur stond – omdat zij tegen de vestiging van een Joodse staat waren.

Na jaren van onlusten tussen de westerse Joodse zionistische immigranten en de inheemse Arabische bevolking van Palestina besloot de Britse regering de toekomst van Palestina voor te leggen aan de Verenigde Naties. Een plan om Palestina op te delen in twee staten middels VN-resolutie 181 (1947) werd door de Arabische leiders afgewezen aangezien de Arabische staat minder land (42,9%) toebedeeld kreeg dan de Joodse staat (56,4%). Joodse groepen en milities als de Hagana, Irgun en Lechi, die door door de Britten als terroristische organisaties werden beschouwd, hadden intussen de verovering van Palestina voorbereid.

Met inachtneming van de resoluties 181(II) en 194(III) werd Israël op 11 mei 1949 met Resolutie toegelaten tot het lidmaatschap van de Verenigde Naties, in de resolutie omschreven als "vredelievende staat die de verplichtingen van het Handvest kan en wil uitvoeren".Tekst van Resolutie 273(III)."Decides that Israel is a peace-loving State which accepts the obligations contained in the Charter and is able and willing to carry out those obligations." Volgens het voorstel zou de Joodse staat ongeveer 55 procent van het mandaatgebied ontvangen, waaronder de dunbevolkte Negevwoestijn, terwijl de Arabische staat circa 45 procent zou omvatten, waaronder de Gazastrook en het bergland van centraal Palestina. De grenzen waren complex en bestonden uit meerdere afzonderlijke gebieden die door corridors met elkaar verbonden zouden worden.

De Joodse leiders, onder aanvoering van David Ben Gurion, aanvaardden het plan ondanks bezwaren tegen de voorgestelde grenzen. De Arabische leiders in Palestina en de omringende Arabische staten verwierpen het voorstel omdat zij de verdeling onrechtvaardig vonden en gekant waren tegen de stichting van een Joodse staat.

Oprichting staat Israël en Arabisch-Israëlische Oorlog Toen de Britten op 15 mei 1948 het mandaat over Palestina zouden beëindigen, riepen in de nacht van 14 mei de zionistische Joodse leiders onder leiding van David Ben-Gurion de staat Israël uit, een door de Zionistische Wereldorganisatie nagestreefd doel. Daarop trokken legers van de Arabische buurlanden het gebied binnen om de Palestijnse bevolking te steunen in de strijd tegen de zionisten en Arabisch grondgebied veilig te stellen en naar eigen zeggen 'de Joden de zee in te drijven'.New York Times d.d. 2 augustus 1948: AIM TO OUST JEWS PLEDGED BY SHEIKH; Head of Moslem Brotherhood Says U.S., British 'Politics' Has Hurt Palestine Solution

De oorlog leidde tot wederzijds bloedvergieten. Arabieren moordden Joodse dorpen uit (bijvoorbeeld het bloedbad van Kfar Etzion) en er waren zware bomaanslagen op Joodse doelen (Bomaanslag in de Ben Yehudastraat, 58 doden. Anderzijds waren er vele massaslachtingen en pogroms op de Palestijnse bevolking en meer dan 750.000 Arabische Palestijnen die uit het door de zionistische milities veroverde gebied werden verdreven of moesten vluchten.A Note on the Number of the Refugees Salman Abu Sitta, 2000

De verdreven Palestijnen zochten een heenkomen in naburige Arabische landen. Ongeveer twee derde van hen vluchtte naar de Gazastrook of de Westelijke Jordaanoever, die tijdens de oorlog door respectievelijk Egypte en Transjordanië bezet waren.

Systematische verdrijving van Palestijnen Na de wapenstilstand in 1949 waren er driekwart miljoen Palestijnse vluchtelingen verdreven of moesten vluchten uit het, door zionistische troepen en het reeds gevormde Israëlisch Defensieleger (IDF) veroverde gebied. Van de 850.000 Arabische Palestijnen die binnen de grenzen van de aangewezen Joodse staat woonden, bleven er nog 150.000-160.000 in de nieuwe staat Israël.The Routledge Atlas of the Arab-Israeli Conflict 8th edition, Martin Gilbert, pg. 55, Routledge (2005)A History of the Modern Middle East 6th edition, William L. Cleveland, Martin Bunton, pg. 255, Westview Press 2016VN-rapport onderzoekscommissie, para. 7, 14 aug 2025 (doc.nr. A/80/337). Speciaal rapport over land en wonen in de Bezette Palestijnse gebieden en Israël

Uit de rest van Palestina, inclusief Jeruzalem, vluchtten zo'n 152.000 Palestijnen, wat volgens de Shai het totaal op 391.000 bracht. De massale vlucht begon in april-mei. Volgens het document was de uittocht voor circa 70% het gevolg van militaire acties van de Haganah en de paramilitaire troepen Irgun en Lechi.Migration of Eretz Yisrael Arabs between December 1, 1947 and June 1, 1948. Moshe Sasson, Shai, 30 juni 1948. Migration wordt in de titel ook vaak vertaald als The emigration; de emigratie uit Israëlisch gebied, hier aangeduid als Eretz Yisrael (Land van Israël). Shai was een acroniem van de afdeling van de Haganah Intelligence Service en de voorloper van de Shin Bet (zie Israel’s Concealing of Nakba Documents Is Totalitarian)Burying the Nakba: How Israel Systematically Hides Evidence of 1948 Expulsion of Arabs haaretz.com, 5 juli 2019 In deze periode vond onder meer het beruchte Bloedbad van Deir Yassin plaats en werd onder andere de gehele bevolking van Al-Tantoera verdreven nadat er, volgens ooggetuigen, ook daar een bloedbad zou hebben plaatsgevonden.

In het voorjaar van 1948 werden Palestijnse dorpen, zoals Al-Tantoera systematisch ontvolkt en meestal ook verwoest door troepen van de Haganah; na mei 1945 door de IDF die uit de Haganah was voortgekomen. Dat gebeurde met name in de "Operatie Nachshon" (5–16 april), "Operatie Bi'ur Hametz" (21–22 april) en "Operatie Namal" (april-mei). Deze etnische zuiveringen waren onderdeel van het Plan Dalet. Van april tot juni veroverden Joodse troepen district na district, waarbij hele dorpen met de grond werden gelijkgemaakt.The Tantura 'Massacre’ Affair, p. 22. Benny Morris, Jerusalem Report, 9 februari 2004"In April-June whole villages were being leveled by Jewish units as they conquered district after district."

Na mei 1948 werden nog eens zo'n 350.000 Palestijnen uit Palestina verdreven bij de verovering van nog meer gebieden door het Israëlische leger. Dit gebeurde onder meer door aanvallen op Lydda (al-Ludd) en Ramla (Ramleh), waarbij in juli in "Operatie Dani" (9-19 juli) de totale Arabische bevolking van beide plaatsen, op dat moment 75.000-100.000 burgers, werden vermoord of verdreven.The Palestinian Exodus in 1948, p.111. Citaat Childers, The Wordless Wish, p. 194 in: Steven Glazer, Journal of Palestine Studies, vol. 9, no. 4; Summer 1980 Deze plaatsen waren in het VN-verdelingsplan toegewezen aan de te vormen Arabische staat.Expulsion of the Palestinians —Lydda and Ramleh in 1948. Donald Neff, Washington Report on Middle East Affairs, July/August 1994, p. 72

Periode na 1948 Ook na 1948 en onder de militaire bezetting van de Westelijke Jordaanoever door Israël vanaf 1967 worden Palestijnen gedwongen hun woningen te verlaten.Mass forced displacement in Gaza highlights urgent need for Israel to uphold Palestinians’ right to return amnesty.org, 15 mei 2024 Vaak wordt hun woning als vorm van collectief straffen vernietigd of worden de bewoners gedwongen deze zelf te slopen. Hun levensomstandigheden worden door de Israëlische bezetter zeer bemoeilijkt. De door Israël gebouwde Israëlische Westoeverbarrière doorsnijdt hun land, en dorpen worden afgesneden van hun landbouwgrond.

Op Palestijns grondgebied zijn door Israël nationalistische Israëlische nederzettingen gebouwd, die steeds verder uitgebreid worden en via kolonistenwegen, die ontoegankelijk zijn voor de Palestijnse bevolking, met elkaar en met het grondgebied van de staat Israël worden verbonden.https://www.plands.org/en/articles-speeches/speeches/2008/al-nakba-still-goes-on Daarbij wordt de wapenstilstandsgrens door Israël niet gerespecteerd. Op de Westelijke Jordaanoever van Palestina dreigt Israël sinds 1967 steeds meer over te gaan op annexatie van de Westoever. Sinds 2005 is de Gazastrook, met acht Palestijnse vluchtelingenkampen,Where we work, Gazastrip UNRWA door Israël geheel militair ingesloten en gecontroleerd.

In een paneldiscussie van het UN Committee on the Exercise of the Inalienable Rights of the Palestinian People op 17 mei 2024, vergeleek de voorzitter Ardi Imseis de Oorlog in Gaza (2023-2025) met de Nakba en stelde dat dit geen twee aparte of te onderscheiden gebeurtenissen zouden zijn maar een aaneengesloten proces dat generaties Palestijnen raakt. Imseis waarschuwde dat de Israëlische regering zijn ware intenties niet langer zou verbergen en de Palestijnen drie opties zou laten: verdrijving, onderwerping of dood.“The Nakba and the UN’s Permanent Responsibility for the Question of Palestine” press.un.org, 17 mei 2024

Roof en plunderingen Tijdens de Nakba werden leegstaande Arabische woningen geplunderd en in bezit genomen. Israël heeft veel van de geroofde bezittingen, zoals boeken, brieven, documenten, foto's en films, in archieven en bibliotheken verzameld en weggestopt.