De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon, ook wel jacksons kameleon (Trioceros jacksonii) is een hagedis uit de familie kameleons (Chamaeleonidae).

De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon komt voor in tropische bossen in delen van oostelijk Afrika, in de landen Kenia en Tanzania. In de Verenigde Staten is de soort bewust uitgezet op Hawaï en heeft zich hier weten te handhaven. Exemplaren die in de dierenhandel worden aangeboden zijn meestal afkomstig van Hawaï.

De kameleon eet insecten en andere kleine dieren, ook de eigen jongen zijn niet veilig. Vijanden zijn onder andere roofvogels en slangen. De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon is eierlevendbarend en baart levende jongen die direct zelfstandig zijn. De lichaamskleur is groen met witte en gele accenten, gestreste dieren kleuren donkerder.

Het is een van de bekendere soorten kameleons omdat de dieren populair zijn bij terrariumbezitters. Het is een vrij grote soort die een lichaamslengte tot 30 centimeter kan bereiken. Met name de mannetjes hebben drie opvallende kophoorns die dienen om elkaar te imponeren. De hagedis doet hierdoor in combinatie met de vergrote oorkwabben enigszins denken aan Triceratops, een bekende gehoornde dinosauriër.

Naamgeving en taxonomie In de Nederlandse taal worden ook de namen jackson(s)kameleon en driehoornkameleon wel gebruikt. In andere talen wordt vaak de naam jacksonkameleon gebruikt, zoals het Franse 'Caméléon de Jackson' en het Engelse 'Jacksons chameleon'.

De soortnaam jacksonii is een eerbetoon aan de bioloog Frederick John Jackson, een vogelexpert die tevens de eerste gouverneur was van de toenmalige Engelse kolonie Kenia, een van de landen waar de kameleon voorkomt.

De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door George Albert Boulenger in 1896. Oorspronkelijk werd de naam Chamaeleon jacksonii gebruikt, later werd de geslachtsnaam veranderd in Chamaeleo. De wetenschappelijke soortnaam wordt soms abusievelijk met een enkele i aan het eind geschreven. De wetenschappelijke naam was lange tijd Chamaeleo jacksonii, zodat deze in de literatuur vaak wordt gebruikt. Tegenwoordig wordt de soort toegewezen aan het geslacht Trioceros, een groep van ongeveer 40 soorten kameleons die vaak hoorns dragen.

Ondersoorten thumb|Ondersoort Trioceros jacksonii xantholophus, Haïti. Er worden drie ondersoorten erkend die verschillen in verspreidingsgebied en ook in uiterlijke kenmerken. De ondersoort Trioceros jacksonii xantholophus wordt het grootst van de drie en kan bereikt een gemiddelde kopromplengte van 12,4 centimeter. Deze ondersoort heeft een lichte kam aan de achterzijde van de kop die vaak geel van kleur is. Vrouwtjes hebben geen of een sterk onderontwikkelde hoorn aan de neus en hetzelfde geldt voor de hoorns boven de ogen. In de handel is dit de meest aangeboden ondersoort. Deze ondersoort komt voor in Kenia en is geïntroduceerd op Hawaï. De nominale ondersoort Trioceros jacksonii jacksonii wordt exclusief staart ongeveer 10 cm lang. Bij deze vorm hebben de vrouwtjes juist een meer ontwikkelde neushoorn. De hoorns boven de ogen kunnen zowel goed ontwikkeld zijn of geheel ontbreken. De kleur van de rand aan de achterzijde van de kop is zeer donker. Deze ondersoort is nooit verkrijgbaar in legale handel. Deze ondersoort komt voor in Kenia en Tanzania. De derde ondersoort Trioceros jacksonii merumontanus blijft het kleinst en bereikt een gemiddelde lichaamslengte van nog geen 8 cm. De vrouwtjes hebben een neushoorn die goed is ontwikkeld, de ooghoorns ontbreken meestal. De rand aan de achterzijde van de kop kan zowel donker als licht van kleur zijn. De ondersoortnaam is ook wel gespeld als merumontanum en 'merumontana. Deze ondersoort is zelden verkrijgbaar in de handel. Deze ondersoort komt voor in Tanzania.

In het verleden is ook nog een vierde ondersoort beschreven; Trioceros jacksonii vauerescecae. Deze ondersoort werd beschreven door Gustav Tornier in 1904 en werd gevonden rond Nairobi. De Nederlandse herpetoloog Dirk Hillenius ontdekte echter dat deze ondersoort in feite een exemplaar was van Trioceros jacksonii jacksonii.

Verspreiding en habitat thumb|270px|Verspreiding van de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon in het rood. De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon komt voor in het centraal-oostelijke kustdeel van Afrika: in Kenia en Tanzania. Op de kaart rechts is het verspreidingsgebied aangegeven, echter alleen de landen waar de soort voorkomt zijn aangegeven en niet het exacte verspreidingsgebied. De soort is op Hawaï geïntroduceerd, en wordt nu zelfs als plaag beschouwd. Oudere literatuur vermeldt soms dat de soort ook in Oeganda voorkomt, maar dit is gebaseerd op een misverstand. Als een dier voor het eerst wetenschappelijk wordt beschreven, wordt dit individu geconserveerd en bewaard en krijgt een nummer en een label. Dit 'eerste' exemplaar wordt het holotype genoemd en het nummer van het holotype van de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon is BMNH 1946.8.21.81. Op het label was aangegeven dat het exemplaar werd gevonden in de omgeving van Nairobi, maar desondanks werd de kameleon beschreven als afkomstig uit Oeganda in het artikel 'Discription of a New Chameleon from Uganda' door Boulenger.

In Kenia is de kameleon te vinden in de omgeving van de hoofdstad Nairobi, bij de plaats Kikuyu in het zuiden van het land. Het verspreidingsgebied loopt verder via de laaglanden in het midden van het land tot de Aberdaregebergte en de westelijke en zuidwestelijke hellingen van Mount Kenya. In Tanzania is de soort bekend van Mount Meru, een stratovulkaan in het uiterste noordoosten van het land bij de Keniaanse grens.

De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon is een bewoner van vochtige bergbossen en komt voor op een hoogte vanaf ongeveer 1520 tot 2440 meter boven zeeniveau. In de gebieden waar de kameleon van nature voorkomt valt er per jaar gemiddeld meer dan 125 centimeter regen. Overdag is de temperatuur ongeveer 16 tot 27 graden Celsius, terwijl het 's nachts tussen de 4 en de 18 graden wordt. De habitat van de kameleon bestaat uit bergbossen, voornamelijk secundaire bossen. Vroeger kwam ook primair bos voor maar door toedoen van de mens zijn dergelijke bossen grotendeels verdwenen. Open plekken in bossen zijn niet geschikt, aangezien de kameleon bladeren en takken nodig heeft om zich in te verschuilen. Ook in plantages komen ze veel voor, omdat hier een hoge concentratie planten groeien en er veel insecten leven die op de planten afkomen. Hierdoor worden de kameleons door de telers gewaardeerd om hun insectivore levenswijze.

Verspreiding in Hawaï thumb|270px|right|Een exemplaar van het eiland Maui van Hawaï. Naast het natuurlijke verspreidingsgebied is de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon te vinden op de Hawaïeilanden die vrijwel aan de andere kant van de wereld zijn gelegen. De kameleon is hier door de mens bewust uitgezet, het betreft exemplaren van de ondersoort Trioceros jacksonii xantholophus. Omdat de kameleon zich prima kon handhaven en zich voortplanten, wordt de soort beschouwd als een exoot. Meestal zijn exoten het gevolg van het dumpen van dieren, maar de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon werd legaal ingevoerd. Een dierenwinkel vroeg in 1972 een vergunning aan voor de Hawaïaanse overheid voor de invoer van twaalf exemplaren, waarna deze werd verleend. De dieren werden van een kweker uit de staat Californië gekocht en vonden gretig aftrek. Hierdoor werd opnieuw een aantal exemplaren ingevoerd voor de verkoop. De tweede groep was echter niet goed verzorgd en de kameleons leden aan vermagering en uitdrogingsverschijnselen. De Hawaïaanse importeur besloot om de dieren in zijn plantenrijke tuin op kracht te laten komen, waarna enkele exemplaren ontsnapten. Eind jaren zeventig hadden de dieren zich gevestigd in vochtige delen van het eiland Oahu. Ze blijven zich verspreiden, een van de redenen is dat ze regelmatig langs wegen worden gezien. Automobilisten die een kameleon tegenkomen nemen deze uit nieuwsgierigheid weleens mee naar huis om als huisdier in de eigen tuin te houden, waardoor de kameleons over het gehele land zijn verspreid. Daarnaast zijn recentelijk ook exemplaren op het oostelijk gelegen eiland Maui aangetroffen. Veel bezitters van een dergelijke tuingezel gaan zelfs met vlindernetten op zoek naar insecten om hun dier te voeren. Tegenwoordig komt de kameleon met name algemeen voor rond de Koʻolau Range, tussen de steden Kaneohe en Kailua.

Binnen de Verenigde Staten zijn de meeste exemplaren die in gevangenschap worden gehouden als exotisch huisdier afkomstig van Hawaï. Omdat de soort internationaal beschermd is mag de kameleon wel worden uitgevoerd, maar nergens worden ingevoerd.

Beschermingsstatus Door de internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN is de beschermingsstatus 'veilig' toegewezen (Least Concern of LC). Het areaal van de kameleon is relatief zeer groot en de populaties worden beschouwd als stabiel.

Uiterlijke kenmerken De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon is een middelgrote soort die een kopromplengte bereikt van ongeveer 10 tot 12 centimeter. Inclusief de staart kan de kameleon een totale lichaamslengte van ongeveer 30 cm bereiken. De lichaamskleur is groen met lichtere tinten zoals geel en wit, maar kan ook neigen naar oranjebruin of juist veel donkerder worden. De kameleon is sterk seksueel dimorf, dit wil zeggen dat de mannetjes er anders uitzien dan de vrouwtjes. De mannelijke kameleons dragen namelijk grote, opvallende 'hoorns'. De grootste hoorn is aan de neus gelegen en boven ieder oog is een hoorn aanwezig. Er zijn drie ondersoorten die allemaal enigszins afwijken, zie ook onder taxonomie en indeling. Het lichaam is inclusief staart vaak maar 30 centimeter, sommige ondersoorten blijven ongeveer 20 cm.

Kop thumb|270px|right|Delen van de kop van een mannetje. Kameleons zijn vaak per soort te herkennen aan de kenmerken van de kop. Sommige kameleons hebben bijvoorbeeld vergrote huidflappen langs de kop, die de oorkwabben worden genoemd. Andere soorten hebben hoorns of op hoorns gelijkende delen aan de kop. De mannetjes van de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon hebben vrijwel alle mogelijke extremiteiten die bij andere kameleons voorkomen. Op de afbeelding rechts zijn de verschillende kopdelen weergegeven. De kop doet veel groter aan dan deze in werkelijkheid is door de grote en opblaasbare keelzak (1). Het meest prominente deel van de kop is de enkelvoudige rostrale hoorn (2), wat letterlijk vertaald 'neushoorn' betekent. Hierachter zijn de dubbele pre-oculaire hoorns gelegen (3). Pre-oculair betekent 'voor het oog', wat verwijst naar de positie van de hoorns. Boven het oog is een verbeende rand gelegen, de oogkam (4). De oorkwab (5) is niet sterk vergroot zoals sommige andere kameleons, maar is wel duidelijk zichtbaar. Achter de kop begint de rugkam(6), die bij de Oost-Afrikaanse driehoornkameleon voorzien is van stekelachtige vergrote schubben.

De Oost-Afrikaanse driehoornkameleon is een van de bekendste soorten kameleons dankzij de drie prominente hoorns. Het is echter lang niet de enige soort. Bij de juvenielen zijn de hoorns nog heel klein, maar de volwassen dieren hebben hoorns zo lang als de kop. Ook bij de vrouwtjes zijn de hoorns vaak sterk onderontwikkeld en soms zelfs geheel afwezig. Er zijn echter uitzonderingen, van sommige vrouwtjes van de ondersoort Trioceros jacksonii jacksonii is bekend dat ze een sterk ontwikkelde rostrale hoorn kunnen hebben en ook de pre-oculaire hoorns kunnen duidelijk zichtbaar zijn.