thumb|right|150px|Aridisol Een aridisol is een van de 12 bodemtypes in de Amerikaanse bodemclassficatie (USDA Soil Taxonomy)Soil Survey Staff, 1999. Soil taxonomy: a basic system of soil classification for making and interpreting soil surveys (2nd ed.). US Department of Agriculture Soil Conservation Service, Washington DC. Digitale versie:USDA Soil Taxonomy. Gearchiveerd op 22 november 2013.. Het zijn bodems die zijn gevormd in een aride of semi-aride klimaat. Watertekort en een hoge concentratie zouten zijn in deze bodems belangrijke factoren. Door de beperkte uitspoeling in het profiel komen er horizonten voor met een accumulatie van onder andere SiO2, natriumzouten, CaCO3 en gips. Deze horizonten kunnen ook irreversibel zijn verhard tot een hardpan. Aridisolen komen voor in woestijnen en droge gebieden met een spaarzame droogte-resistente vegetatie.
left|thumb|150px|Gypsid, New Mexico De Aridisolen bestaan uit de volgende suborders: Cryids - aridisols met een gemiddelde jaarlijkse bodemtemperatuur tussen 0 °C en 8 °C, en geen permafrost Salids - aridisols met binnen 100 cm diepte een >15 cm dikke horizont met een sterke accumulatie van zouten Durids - aridisols met een duripan (een harde, door silicium gecementeerde horizont) binnen 100 cm diepte Gypsids - aridisols met al dan niet verharde gipshoudende horizont (gypsic) binnen 100 cm diepte Argids - aridisols met een kleiinspoelingshorizont (argillic), al dan niet met een hoog natriumgehalte binnen 100 cm diepte Calcids - aridosols met een al dan niet verharde horizont met een aanrijking van CaCO3 binnen 100 cm Cambids - overige aridisols
left|thumb|350px|De verspreiding van aridisols in de wereld.
In de World Reference Base for Soil Resources (WRB) komen de Aridisolen overeen met onder meer Solonchaks, Durisolen en Gypsisolen.
Categorie:Bodemtype