miniatuur|De Berlena, een Dortmunder, is tegen de klok in gedraaid in het Wendebecken bij Dörpen

Een zwaaikom is een keerplaats voor schepen die de draai niet binnen de normale vaargeul kunnen maken. Ook worden er zwaaikommen aangelegd waar een haakse of scherpe bocht gemaakt moet worden. Schepen kunnen achteruitvaren, maar dit is lastig en niet ongevaarlijk, zodat een zwaaikom een uitkomst is. Echter, het manoeuvreren in een zwaaikom vraagt ook stuurmanskunst. Zeeschepen zwaaien daarom in een haven normaal gesproken met sleepbootassistentie.

miniatuur|Zwaaikom in het kanaal Roeselare-Leie - richting Izegem

In een rivier, kanaal of gracht is de keerplaats herkenbaar in de vorm van een plaatselijke verbreding of aftakking, maar bij havens, bochten of natuurlijke verbredingen kan deze een onzichtbaar onderdeel van het geheel zijn. Vanwege diepte, veiligheid en oeverbescherming is niet iedere kom geschikt om te zwaaien.

Sommige eeuwenoude keerplaatsen zijn nog in gebruik. In België zijn zwaaikommen bekend uit het begin van de 17e eeuw. Winding holes in Engelse kanalen hebben dezelfde functie, maar een heel andere uitvoering; deze gaan minstens terug tot de tijd van de trekvaart.

Historie miniatuur|Zwaaikom in de haven van Gdynia, Polen alt=De Augustijnenkaai langs de Lieve te Gent, met de zwaaikom. Pieter-Frans De Noter, jaren 1820, collectie STAM. N.B.: deze weergave is erg donker, het museum toont een lichter beeld.|miniatuur|De Augustijnenkaai langs de Lieve te Gent, met de zwaaikom. Erachter de Lievebrug en tegen de horizon de Sint-Baafskathedraal en het Gravensteen. Pieter-Frans De Noter, jaren 1820, collectie STAM.N.B.: deze weergave is erg donker; het museum toont een lichter beeld.

Context Zelfs bij boten die langer zijn dan de vaarwegbreedte zijn keerplaatsen niet altijd nodig. Lichte boten kunnen op het land getrokken worden. Verder verweidden boeren in het natte Zuid-Holland hun vee met pramen die aan beide einden identiek waren en dus in twee richtingen konden varen, zoals ook bij veel veerboten het geval is. Voor langere afstanden is deze oplossing echter ongeschikt.

Daarnaast zijn er allerlei alternatieven voor het aanleggen van een zwaaikom: veelal zullen andere kommen en verbredingen of bochten in het vaarwater het zwaaien terloops gefaciliteerd hebben. Zo wordt in 1876 scheepszate als synoniem voor zwaaiplaats opgevoerd, hoewel zate normaal gesproken een ligplaats aanduidde:[…] In verband met het groot scheepvaart- en afwateringkanaal, moet de haven te Delfzijl nog eene belangrijke verbetering ondergaan. Door ons is bij besluit van 19 Juni 1875, no. 13, le afd. bepaald, dat de uitvoering van die werken voor bijzondere rekening van en door de provincie zal plaats hebben. […] zal eene geul vanaf de schut- en uitwateringsluis tot in de Eems worden gegraven in rechte richting, met afsluiting van bestaande bochtige oude geulen, terwijl eene scheepszathe of zwaaiplaats zal gemaakt worden tegen den door het rijk gebouwden bazaltmuur; […]De auteur of opdrachtgever van de geciteerde tekst is niet duidelijk. De gehele tekst beslaat meerdere krantenpagina's en gezien de context en de formulering met 'wij' is te denken aan een instantie die betrokken is bij waterbouwkundige werken in de provincie Groningen.

Oude voorbeelden miniatuur|Ronde sluis van Agde, zij- en bovenaanzicht, kaart 1697 miniatuur|Zwaaikom annex ligplaats in het Wilhelminakanaal in Tilburg, geschikt voor kempenaars. De Sophia, lengte 60 meter, ligt hier aangemeerd.

1611: In Gent werd een zwaaikom aangelegd in de Lieve, bij het Augustijnenklooster. Deze is in 1836 gedempt, waarna een halfrond plein overbleef. Een andere zwaaikom in Gent, bij de Dampoortbrug, bleef wel behouden. 1638: Het bescheiden maar monumentale sluizencomplex Plassendale in Oudenburg en Oostende laat het kanaal Plassendale-Nieuwpoort aantakken op het kanaal Brugge-Oostende. Het is, inclusief de zwaaikom in het zijkanaal, aangelegd van 1638 tot 1641, maar in de 16e eeuw waren hier al militair beschermde sluizen. Het complex is in de periode 1783-90 vernieuwd en in 1828 verbreed. Sinds 1997 is het een beschermd monument, inclusief het aanliggende dorpsgezicht. 1676: In de Zuid-Franse plaats Agde wordt de ronde sluis van Agde aangelegd, oorspronkelijk 29,20 m in diameter en 5,20 m diep. Deze sluis verbindt het Canal du Midi met de Hérault en de Middellandse Zee. De schutkolk van vulkanisch steen dient tevens als zwaaikom. Met die dubbelfunctie verschilt deze sluis van de 19e-eeuwse, eveneens ronde Ketelsluis in Emden, die bestaat uit een zwaaikom met vier aparte kolken.

alt=Zwaaikom annex passeerplaats voor de sluis van Fort bij Uitermeer, 2019.|miniatuur|Zwaaikom annex passeerplaats voor kleine boten. Erachter de sluis van Fort bij Uitermeer, 2019. miniatuur|Haventje de Zwaaikom bij Bergen met de 13 meter lange schuit van beurtschipper Kleverlaan. Deze onderhield tweemaal per week een retourdienst op Amsterdam, via het Noordhollandsch Kanaal. Foto A.J. Bonda, circa 1914. Collectie RAA.

Woordgebruik Het Algemeen Handelsblad schrijft in 1887:Die Leidsche Rijn, thans een onbeteekenend klein rivierke, belooft eenmaal Utrechts haven te worden, als hij, voor het stadsgedeelte, de waterverbindingsweg wordt van de stad naar de nieuwe Keulsche Vaart. Met 't oog daarop zijn van zijn oevers gronden in exploitatie gebracht, en wel door de Mij. tot expl. van bouwterrein. Deze wilde een gedeelte van haar terrein afstaan en een paar leden van den Raad hadden daar wel ooren naar, ten einde ter plaatse waar de Kruisvaart uitmondt in den Leidschen Rijn een draai- of zwaaikom voor flinke schepen te maken, die daar konden wenden en draaien, en elkaar gemakkelijk passeeren. Bij het dagelijksch bestuur vond zulk een waai- en draaikom veel bezwaar en ook eenige leden van den Raad waren er tegen. Men is niet verder gekomen dan tot aanneming van 't plan van B. en W., om over te gaan tot verbetering van het vaarwater in den Leidschen Rijn.De genoemde 'flinke schepen' zouden maximaal 44 meter lang zijn, iets groter dan een spits. Al in 1892, toen het Merwedekanaal de Keulse Vaart had vervangen, waren er klachten over de te kleine kom.

De term zwaaikom wordt minstens vanaf 1879 gebruikt in kranten en sluit aan bij het spraakgebruik van schippers, waarin een draaiend schip zwaait. De aanduiding 'kom verwijst naar de beschikbare ruimte. Een internationale term is turning basin'''.

Synoniemen Er is een reeks synoniemen. Hier worden er een aantal gegeven, met het jaartal waarin ze in oude publicaties te vinden zijn, vooral via Delpher. De tabel onder het kopje Vermeldingen geeft meer informatie en bronnen.

Draaigat, 1927 of eerder; draaikom, 1874; keerhaven, 1923; keerplaats, 1852; keerkom, 1951; zwaaicirkel, 1926; zwaaigat, 1882; zwaaihaven, 1884; zwaaikom, 1879; zwaaiplaats, 1860; zwenkkom, 1907.

Enkele opmerkingen:

De term zwaaicirkel is meerduidig en wordt ook gebruikt om de draairuimte van een schip aan te geven, vergelijkbaar met de draaicirkel van een auto. Bij een schip is een draaicirkel echter iets heel anders dan een zwaaicirkel. Zwaaihaven en zwaaikom komen ook als toponiem voor: de Zwaaihaven bij de Beverwijkse haven De Pijp uit 1936 en de Zwaaikom Leek. De jaartallen kunnen een indicatie geven, maar zijn niet gebaseerd op uitgebreid onderzoek; allicht zijn enkele termen ouder dan hier aangegeven.

Kenmerken en gebruik

Vaarwater Ondanks de naam zijn moderne zwaaikommen langs kanalen vaak eerder trapeziumvormig. Ze zijn veelal in één oever uitgespaard. Zwaaikommen in havens zijn soms niet als zodanig te herkennen; vaak is het de open ruimte in het centrum van de haven. Drukke havens hebben altijd een zwaaikom; bij stille havens kan een kom in de buurt volstaan. Bij insteekhavens en T-kruisingen is een driepuntsdraai een weliswaar tijdrovend alternatief. Een voorbeeld is de Zeehaven in Dordrecht: schepen tot 135 meter kunnen zonder meer draaien, langere zeeschepen gebruiken deels de insteekhavens.

Schip Schepen met hoekige kimmen draaien verhoudingsgewijs moeilijk.

Gastankers hebben ruimere zwaaikommen nodig dan andere schepen, omdat hun hoge, bolle gastanks en dekinstallaties veel wind vangen. Evenals bij andere kegelschepen kunnen er bovendien speciale voorzieningen nodig zijn, zoals een wachtplaats op veilige afstand van havens en bebouwing. Bij insteekhavens maken tankers voor gevaarlijke stoffen eventueel geen normale zwaai. Ze varen dan achteruit de haven binnen om bij gevaar vooruit weg te kunnen.

Binnenvaartschepen worden gebouwd voor krappe en bochtige wateren en zijn daarom vrij wendbaar. Nederland hanteerde eind jaren 1980 een norm van 1,3 keer de lengte van het maatgevende schip als norm voor zwaaikommen. Met hulp van een zwaaipaal was de factor 1,2; het schip vaart dan aan kabels in een krappe boog om de paal heen, maar het kolkende schroefwater bij deze manoeuvre is belastend voor de oeverbeschoeiing. In de jaren 2020 houdt België de factor 1,2 aan.

De meeste zeeschepen zijn minder wendbaar en de diameter moet ruwweg twee keer de lengte van het te keren schip zijn. Bij sleepbootassistentie kan de kom kleiner zijn, maar de slepers hebben zelf uiteraard ook ruimte nodig.

Zwaaikommen en scheepsklassen In PIANC richtlijn 141 wordt voor kanalen een zwaaikomdiameter geadviseerd van 1,2 keer de scheepslengte; in China houdt men twee keer de scheepslengte aan. Voor zeeschepen adviseert PIANC-richtlijn 121 een diameter van 2 maal de scheepslengte als er sleepboothulp aanwezig is. Zonder sleepboten wordt drie maal de scheepslengte geadviseerd. De Spaanse richtlijnen voor zwaaikommen voor zeeschepen geven heel specifieke maten voor verschillende soorten manoeuvres die bij een zwaaikom in een zeehaven kunnen voorkomen.

Uit de vereisten volgt dat zwaaikommen veel ruimte innemen. Een schip van CEMT-klasse III (85 meter), wat voor de Rijnvaart vrij klein is, vereist zonder zwaaipaal een diameter van 111 meter en een cirkel van een hectare. Duwstellen kunnen tien hectare nodig hebben. Weliswaar kunnen de duwbakken afgekoppeld worden, maar dat is niet altijd verenigbaar met een efficiënte bedrijfsvoering op drukke vaarwegen.

Een panamax-zeeschip (294 meter) heeft een diameter van 600 meter nodig, wat ruim 27 hectare in beslag neemt. Zie verder de tabel.

SchipZwaaikomKlasseKarakteristiek typeLengte (m)FactorDiameter (m)Oppervlakte (ha)CEMT ISpits38,51,350,50,20CEMT IIIVerlengd Dortmund-Eemskanaalschip851,3110,50,96CEMT VaVerlengd groot rijnschip1351,3175,52,42CEMT VIcDuwkonvooi met 3×2 bakken naast elkaar2701,33519,68Handymax190238011,3Panamax294,12588,227,2ValemaxErtstanker362272441,2

Bebording binnenwateren 40x40px 40x40px Het linkse bord is een keerverbod; verder mag een schip keren waar dit redelijkerwijs kan. Veel zwaaikommen hebben dan ook geen specifieke verkeerstekens. Het rechtse bord is een aanwijzingsbord dat een keergelegenheid aanwijst, maar het houdt ook een verbod in: hier mag een schip geen ligplaats nemen.

De betekenis kan door onderborden aangepast worden. Deze borden zijn in de Europese Unie gestandaardiseerd.

Winding hole

| alt=Winding hole langs het Worcester and Birmingham Canal|miniatuur|Winding hole langs het Worcester and Birmingham Canal

| miniatuur|Gent, zwaaikom met Oktrooibrug (links) en Dampoortbrug, maart 2012 |- | alt=Zwaaikom bij het Kennedy Space Center. Op de achtergrond wordt de space shuttle Columbia naar buiten gerold.|miniatuur|Zwaaikom bij het Kennedy Space Center. Op de achtergrond wordt de spaceshuttle Columbia naar het lanceerplatform gerold. |-