Onder gietvloeren vallen diverse soorten vloer die gegoten aangebracht worden. Ze kunnen zowel cementgebonden als calciumsulfaathoudend (anhydriet) zijn.
Beschrijving Gietvloeren zijn er in de vorm van afwerkvloeren van 2 tot ca 6 cm die op een dragende vloer wordt aangebracht door middel van het gieten van een stof die op de onderlaag uithardt.
Gietvloeren kunnen zijn opgebouwd uit beton (zogenaamd 'gietbeton') of uit kunststof, zoals polyurethaan (pur) of epoxy. Ook worden mengsels van cement en polyurethaan toegepast. Snel uithardende kunststof-gietvloeren zijn PMMA-vloeren.
Eigenschappen en toepassingen In de industriële sector gaat het vooral om de functionaliteit, terwijl in de particuliere sector meer belang gehecht wordt aan de esthetische eigenschappen.
In de industrie worden epoxy-gietvloeren vooral toegepast vanwege de resistentie tegen allerlei zuren en in de voedingsmiddelenindustrie in verband met hygiëne.
De PU-gietvloer wordt voornamelijk toegepast in woonhuizen, kantoren en winkels. Een PU-gietvloer is elastisch, verend en in vele kleuren leverbaar. Het materiaal is minder sterk dan epoxy, waardoor het voor industrieel gebruik minder bruikbaar is.
Epoxyvloer versus gietvloer De termen epoxyvloer en gietvloer worden vaak door elkaar gebruikt, maar verwijzen naar verschillende typen vloersystemen. Beide vloeren worden vloeibaar aangebracht en uithardend afgewerkt, waardoor een naadloos geheel ontstaat. Het verschil zit vooral in het gebruikte materiaal en de eigenschappen daarvan.
Epoxyvloer Een epoxyvloer is opgebouwd uit epoxyhars, een harde kunststof. Dit vloertype staat bekend om zijn hoge sterkte, slijtvastheid en chemische bestendigheid. Daardoor wordt epoxy veel toegepast in industriële omgevingen, magazijnen, garages en werkplaatsen. Epoxyvloeren zijn bestand tegen zware mechanische belasting, zoals heftruckverkeer, en tegen contact met oliën, zuren en andere chemicaliën.
Nadelen zijn dat de vloer relatief hard aanvoelt en bij hoogglansafwerking krassen en reflecties eerder zichtbaar zijn. Door gebruik van matte topcoatings kan dit worden verminderd.
Gietvloer (PU) Met een gietvloer wordt vaak een polyurethaan (PU) gietvloer bedoeld. PU is een elastischer materiaal dan epoxy en voelt daardoor warmer en comfortabeler aan. Het is ook licht verend en kan goed gecombineerd worden met vloerverwarming. Om die reden worden PU-gietvloeren vooral toegepast in woningen, kantoren en winkels.
PU is minder sterk dan epoxy en daardoor minder geschikt voor zware industriële belasting of voertuigen met harde wielen. Daar staat tegenover dat het materiaal meer comfort biedt en in diverse esthetische afwerkingen beschikbaar is, zoals betonlook of zijdeglans.
Vergelijking Comfort: PU is elastischer en voelt warmer aan; epoxy is harder en minder verend. Belastbaarheid: epoxy is geschikt voor zware industriële belasting; PU voor licht tot middelzwaar gebruik. Onderhoud: beide vloeren zijn relatief eenvoudig te reinigen met pH-neutrale middelen. Design: epoxy wordt vaak toegepast in functionele en industriële omgevingen, PU meer in woon- en kantoorruimtes.
Toepassing De keuze tussen epoxy en PU hangt sterk af van het gebruik. Voor situaties waarin hoge slijtvastheid en chemische bestendigheid nodig zijn, zoals in de industrie, is epoxy het meest geschikt. Voor woonomgevingen, waar comfort en esthetiek belangrijker zijn, wordt vaker gekozen voor PU.
Cementgebonden dunne-laags gietvloeren
Naast epoxy- en polyurethaangietvloeren bestaat er een categorie cementgebonden dunne-laagsafwerkingen die met een flexibele spaan wordt aangebracht in laagdiktes van doorgaans 1 tot 3 mm. Deze afwerkingen behoren strikt genomen niet tot de klassieke gietvloerdefinitie – ze worden niet gegoten – maar worden in de Nederlandse markt vaak onder dezelfde noemer verkocht vanwege het vergelijkbare naadloze eindresultaat.
Beton ciré Beton ciré (Frans voor "gewreven beton") is een decoratieve afwerking op basis van cement, fijn kwarts, harsen en pigmenten. De techniek ontstond eind jaren negentig in Frankrijk als antwoord op de vraag naar naadloze industriële afwerkingen in woonhuizen. De totale laagdikte bedraagt doorgaans 1 tot 3 mm, aangebracht in meerdere dunne laagjes met tussentijds schuren. Door het schuren ontstaat meer tekening in het oppervlak; dit wordt ook wel het "verbranden" van de structuur genoemd, waarbij de tekening bij herhaald schuren steeds donkerder wordt. Voor toepassing in natte ruimten is een tweecomponenten-polyurethaan of vergelijkbare eindcoating vereist; het materiaal zelf is niet waterdicht, maar de opbouw met eindcoating maakt dat wel.
Microcement Microcement (van het Spaanse microcemento) is een verwante afwerking die eind jaren negentig in Spanje werd ontwikkeld. Ten opzichte van beton ciré is microcement harsrijker en wordt het in dezelfde laagdiktes aangebracht (1 tot 2 mm totaal). Het resultaat is visueel gladder en egaler; beton ciré behoudt meer leefsporen en warmte in de textuur. Beide vereisen een goede ondergrondvoorbereiding en zijn na correcte voorbewerking geschikt om over bestaande tegels aan te brengen.
Lavasteen gietvloer De lavasteen gietvloer is een variant die vulkanisch lavagesteente-poeder combineert met epoxy en een cementbindmiddel. Dit resulteert in een matte betonlook-uitstraling. De laagdikte bedraagt 1 tot 2 mm. Doordat de matrix grover is dan bij microcement, is het visuele beeld warmer. Zonder aanvullende beschermlagen is de kraskwetsbaarheid hoog; met meerdere polyurethaan-afwerklagen wordt de vloer geschikt voor douchevloeren, wanden, woonkamervloeren en horecatoepassingen.
Categorie:Vloer