Lambertus Hendrik de Langen (Sappemeer, 8 mei 1900 - aldaar, 23 mei 1993) was een Nederlands ingenieur en hoogleraar aan de Technische Hogeschool Delft en de Rijksuniversiteit Groningen.

Levensloop Jeugd, opleiding en eerste carrièrestappen De Langen was geboren en opgegroeid in Sappemeer. Hij bezocht daar de toenmalige Fransche school, voorganger van de Dr. D. Bosschool."Professor ir. L.H. de Langen ontving ere medaille Hoogezand Sappemeer." Nieuwsblad van het Noorden, Groningen, 27-06-1960, p. 9. Geraadpleegd op Delpher op 12-11-2021. Hierna studeerde hij werktuigbouwkunde aan de Technische Hogeschool te Delft.

Na zijn studie werkte hij enige tijd als bedrijfsingenieur bij Stork in Hengelo en bij het suikerproefstation Passoeroean in het toenmalige Nederlands-Indië, alwaar hij zijn eerste artikelen schreef.Archief voor de suikerindustrie in Nederlandsch-Indië, Volume 38, Deel 2. Algemeen Syndicaat van Suikerfabrikanten. p.1195

Terug in Nederland in 1933 werkte hij enige tijd Philips te Eindhoven. In 1937 werd hij directeur van de Noordelijke Economisch-Technologische Organisatie (NETO) in GroningenMaarten Gerrit Jan Duijvendak, Bart de Vries (2003). Stad van het Noorden: Groningen in de twintigste eeuw. p.271. : een stichting die onderzoek verrichtte naar de bevordering van welvaart in de drie noordelijke provinciën.Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap. Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap. E.J. Brill, 1940. p.326.

Verdere carrière Na de oorlog was hij korte tijd adviseur van het militair gezag in Groningen.Johan Brand de Boer, Willem Jonkman (1990). Militair gezag in Groningen: stad en provincie na de bevrijding, mei 1945.. p.82.Louis de Jong (1991). Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog: Reacties, Deel 14. p.337. In 1945 keerde hij terug in Delft als hoogleraar waarbij hij de rede sprak getiteld "Over de plaats van het experiment bij de ontwikkeling der moderne werktuigbouwkunde". Hiernaast was hij onder andere actief binnen de Nederlandse Centrale Organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek, de voorloper van TNO.

In de vijftiger jaren vertrok hij naar de Rijksuniversiteit Groningen waar hij tot 1967 hoogleraar "Problematiek van leiding en organisatie in het bedrijfsleven" was. Hiernaast was hij in die tijd onder andere directeur van de Algemene Kunstzijde Unie.

In 1966 kreeg hij de leiding van het algemeen bestuur van het Nederlandse Normalisatie-instituut (NNI) als opvolger van de ingenieur en oud PTT directeur J.D.H van der Toorn.Chemisch weekblad, Volume 62. Stichting Uitgeverij Sigma Chemie, 1966.

Vanaf zijn pensioen in 1970 heeft hij zich gericht op een oplossing van het dreigende energietekort in de vorm van een thermodynamische cyclus in een zonnetoren van 10 km hoog (het zogenaamde SL/CT systeem).L.H. de Langen (1983) The Solar lake/condensation tower system (SL/CT System). Conference: 18. intersociety energy conversion engineering conference, Orlando, FL, USA, 21 Aug 1983 Energy Citations Database

Publicaties 1941. De omvang en de beteekenis van het goederenvervoer in de provincie Groningen. Noordelijk Economisch-Technologische Organisatie voor Drenthe en Groningen. 1945. Over de plaats van het experiment bij de ontwikkeling der moderne werktuigbouwkunde. Academische rede Technische Hogeschool te Delft. Groningen : Wolters. 1944. Noordelijke economisch-technologische organisatie voor Drenthe en Groningen: causerie voor de Nederlandsch Mij. voor nijverheid en handel, departement Veendam-Wildervank over industrieele mogelijkheden in de Veenkoloniën 1969. Naar bewuster beleid. J. Niemeijer. 1971. Het besturen van een onderneming. Wolters-Noordhoff, 1983. Ebel Hero Ebels: Nieuw-Beerta, 26 maart 1897, Johannesburg (Z.Afrika), 12 november 1976. Willem de Zwijgerstichting.

Categorie:Nederlands ingenieur Categorie:Nederlands bedrijfskundige Categorie:Hoogleraar aan de Technische Universiteit Delft Categorie:Hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen