thumb|Topografische gemeentekaart van Arnhem Arnhem (uitspraak: of , Arnhems: Ernem) is een stad en gemeente in Nederland en de hoofdstad van de provincie Gelderland. De gemeente telt inwoners. Het is daarmee in grootte de elfde gemeente van Nederland en de tweede gemeente van Gelderland. Ze heeft een totale oppervlakte van , waarvan land en water (, Bron: CBSCSB StatLine - Opendata databank van het CBS).

Tot de gemeente Arnhem behoren, behalve de stad Arnhem zelf, ook de dorpen Elden en Schaarsbergen, de buurtschappen De Praets en 't Vlot, en delen van de buurtschappen Terlet en Deelen. Arnhem maakt deel uit van het samenwerkingsverband Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (tot 2015 Stadsregio Arnhem Nijmegen).

Arnhem ligt aan beide zijden van de rivier de Nederrijn (kortweg ook Rijn genoemd), aan de IJssel en aan de Sint-Jansbeek. Vooral het zuidelijke stadsdeel heeft zich na de Tweede Wereldoorlog grootschalig ontwikkeld. De stad is internationaal vooral bekend vanwege de Slag om Arnhem in 1944: toen speelde Arnhem een belangrijke hoofdrol vanwege de luchtlanding en veldslag van de geallieerde troepen in september 1944, als onderdeel van Operatie Market Garden. Op verschillende plekken in de stad markeren monumenten de plekken waar tijdens de oorlog hevig werd gevochten.

De rechtbank Gelderland en het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zijn in de stad gevestigd, en het is de basis van de landelijke militaire kamer en de luchtmobiele brigade. Daarnaast is de stad standplaats van een aantal nationale en internationale bezienswaardigheden, waaronder het Nederlands Openluchtmuseum en dierentuin Koninklijke Burgers' Zoo.

Etymologie De naam Arnhem zou afgeleid zijn van Arn of Aro - van het Germaanse arnu (arend) - en heem (thuis).Nederlandse plaatsnamen: herkomst en historie. G. van Berkel en K. Samplonius

De oudst bekende vermelding van de naam Arneym is van 893. Eerder, rond 814, werd al een schriftelijke melding gemaakt van Meginhardeswich; dit is het huidige Meijnerswijk in Arnhem-Zuid.

Arnhem heeft daarnaast enkele bijnamen. Zo werd de stad in de tweede helft van de 19e eeuw het 'Haagje van het Oosten' genoemd; in Arnhem vestigden zich namelijk in die tijd – net als in Den Haag en iets later ook in Nijmegen – veel oud-Indiëgangers. Vooral in Indië rijk geworden handelaren, oud-officieren en suiker- en tabaksplanters bouwden huizen langs de Velper-, Utrechtse- en Amsterdamseweg. De middenstand en het culturele leven floreerden door hun komst. Arnhem werd daardoor een stad met een elitaire uitstraling.Haagje van het Oosten 19e eeuw

Taal In het Arnhemse dialect heet de stad zelf Èrnem. De bevolking van Arnhem heeft het idee dat Haagse invloeden het Arnhems dialect sterk hebben gevormd. Dit wordt vaak overgenomen door kranten en sites. Er is hier echter geen bevestiging van in bronnen. Recenter onderzoek vanuit de Radboud Universiteit lijkt een verdere aanwijzing te vormen dat het idee geen grondvesting in de werkelijkheid heeft.https://theses.ubn.ru.nl/server/api/core/bitstreams/79968c94-5224-43bd-bbb8-2633424933bb/content

Vast staat wel dat het Arnhems, voor zover dit nog gesproken wordt, sterk lijkt op het Nijmeegse stadsdialect (het Nimweegs). Het dialect wordt samen met dat van deze rivaliserende stad meestal ingedeeld bij de Zuid-Gelderse dialectgroep, hoewel dat niet vaststaat, omdat er een groot tekort aan onderzoek is naar het dialect.

Geschiedenis

Prehistorie Archeologische vondsten wijzen erop dat zo'n 70.000 jaar geleden al enige menselijke bewoning was in het gebied waar nu de stad Arnhem ligt. In de buurt van Landgoed Warnsborn, ten noordwesten van de stad, is een vuurstenen schraper gevonden uit de tijd van de Neanderthalers die in de steentijd het gebied bevolkten. Als jagers en verzamelaars hadden de Neanderthalers over het algemeen geen vaste verblijfplaats; zij zwierven door de regio op zoek naar prooi.

De oudste overblijfselen in de regio van de moderne mens dateren van ca. 5000 v.Chr. Er zijn overblijfselen van een jagerskamp gevonden, op twee meter diepte in het gebied van de wijk Schuytgraaf.

In de buurt van Warnsborn en Schaarsbergen zijn de eerste sporen gevonden van boeren, bewoners dus met een vaste verblijfplaats. Deze grafheuvels van het standvoetbekervolk dateren van ca. 2400 v.Chr. Uit de bronstijd (ca. 1500 v.Chr.) zijn sporen gevonden van een nederzetting op de Hoogkamp in de vorm van boerderijen. Waar nu het centrum van Arnhem is, zijn overblijfselen gevonden van bewoners uit de ijzertijd.

Middeleeuwen thumb|links|Arnhem in 1652 Meijnerswijk, de nederzetting die geldt als rechtstreekse voorloper van Arnhem, zou in 847 zijn geplunderd door de Vikingen onder leiding van Rorik.Zie bijv. Vikingen in Arnhem, Erfgoedcentrum Rozet

De oudste bekende vermelding van de naam Arneym dateert uit 893, in een goederenregister van de bezittingen van de Abdij van Prüm in de Eifel.893 n. Chr.: Arneym, arneym.nl Het wordt hier beschreven als een aan Sint Maarten gewijde kerk, met omliggende landerijen.

Hoewel de vroege sporen van middeleeuwse nederzettingen uitgewezen hebben dat de eerste Arnhemmers zijn afgedaald uit de hoger gelegen bossen van de Veluwe, is de stad oorspronkelijk niet gebouwd op de oevers van de Rijn, maar op het hoger gelegen deel langs de Sint-Jansbeek. Arnhem ontstond op de plek waar de weg tussen Nijmegen en Utrecht/Zutphen zich splitste. Zeven sprengbeken voorzagen de stad van water. Pas toen de loop van de Rijn in 1530 door de Arnhemmers verlegd werd, kwam Arnhem rechtstreeks aan de rivier te liggen.

De nederzetting kreeg op 13 juli 1233 stadsrechten van graaf Otto II van Gelre. Hoewel Arnhem al vóór de stadsrechtsverlening een vorm van verdediging had, groeide deze in 1291 uit tot stadsmuur, die in 1505, 1519 en 1533 werd uitgebreid. Binnen de vestingwallen van de huidige binnenstad woonden in de 13e eeuw 2000 tot 3000 inwoners, die een gemeenschap vormden. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de stichting van gasthuizen voor de armen en behoeftigen: het Sint Catharina Gasthuis in 1246 en het Sint Nicolai Gasthuis in 1351.Valentijn Paquay, 2021

15e-18e eeuw In 1441 werd Arnhem op de jaarvergadering van de Hanze te Lübeck toegelaten tot dit bewapende handelsverbond. De stad werd ingedeeld in het Keulse kwartier. De Arnhemmers verbonden zich ertoe om, wanneer nodig, vier gewapende mannen te zullen leveren. Ze bezochten tot 1615 meestal de hanzedagen in Wesel en soms die in Lübeck. Arnhem vertegenwoordigde dan ook Wageningen en Hattem.

Rond 1455 is de reliekbuste van Sint Eusebius naar Arnhem gekomen, wat door het stijgende aantal pelgrims leidde tot economische groei.

In 1543 kwamen het hertogdom Gelre en het graafschap Zutphen in handen van keizer Karel V, als onderdeel van de Habsburgse Nederlanden. Arnhem kreeg als een van de vier hoofdsteden in Gelre de vestiging van het gerecht en de rekenkamer. Karel V vestigde de rekenkamer en het Hof van Gelre en Zutphen in Arnhem, waarmee Arnhem vanaf die tijd de facto als hoofdstad van Gelre beschouwd kon worden. Een officiële status werd echter pas in de 19e eeuw toegekend.

Als gevolg van de Tachtigjarige Oorlog werd het hertogdom Gelre gesplitst. De drie noordelijke kwartieren namen deel aan de Unie van Utrecht (1579). Ze gingen daarna deel uitmaken van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. thumb|links|Grote Markt in Arnhem in 1742

19e-20e eeuw Aan het begin van de negentiende eeuw kwam Arnhem wegens het gunstige belastingklimaat in de belangstelling te staan van de gegoede burgerij uit het westen van Nederland.

Eind november 1813, tijdens de Zesde Coalitieoorlog, vonden in en nabij Arnhem zware gevechten plaats tussen de Franse bezettingsmacht en Pruisische troepen die werden ondersteund door Russische kozakken.

In 1817 werd Arnhem de hoofdstad van de provincie Gelderland in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Dit is het sindsdien gebleven.

Vanaf 1845 was Arnhem per trein bereikbaar via de Rhijnspoorweg. Dit stimuleerde de ontwikkeling van de stad. De spoorlijn Arnhem - Nijmegen kwam gereed in 1879.

Arnhem groeide snel, en veel huizen uit die tijd getuigen van de rijkdom van de nieuwe bewoners. De nieuwe burgerij van Arnhem bracht overigens wel een belangrijke stimulans in het sociale en culturele leven. De rijke bewoners die uit Den Haag en Amsterdam naar Arnhem waren gekomen, hadden behoefte aan de faciliteiten die zij gewend waren. Uit deze tijd stammen dan ook onder andere Musis Sacrum, de Stadsarmenapotheek en het Stedelijk Ziekenhuis.

thumb|Het station Arnhem voor de Tweede Wereldoorlog Rond 1870 werd de migratie naar Arnhem langzaam minder, en ging men in de stad op zoek naar andere inkomstenbronnen. Door de ontwikkeling van toeristische attracties werd Arnhem in de belangstelling gehouden van de rijken. Er werden congressen en tentoonstellingen georganiseerd. Vanaf 1880 reden er paardentrams, die vanaf 1911 werden vervangen door elektrische trams. Met de Nederlandsche Heidemaatschappij en de Nederlandse Kunstzijdefabriek (ENKA) trok Arnhem een tweetal belangrijke werkgevers naar zich toe.

thumb|De in 1935 geopende brug over de Rijn, sedert 1978 John Frostbrug geheten Tijdens de tweede helft van de 19e eeuw groeide Arnhem sterk, van 9.000 inwoners in 1820 tot bijna 24.000 in 1859.Geschiedenis Arnhem: absolutefacts.nl Ook in de 20e eeuw is Arnhem sterk uitgebreid.

In de jaren 1930 werd Arnhem zwaar getroffen tijdens de depressie, maar door de aanleg van nieuwe stadswijken kon er nog enig werk worden gegenereerd. In 1935 kreeg Arnhem zijn eerste vaste brug over de Rijn, waarna er woonwijken aan de zuidkant van de rivier gebouwd konden worden: de wijk Malburgen in Arnhem-Zuid.

Tweede Wereldoorlog thumb|Luchtfoto van Arnhem voor de Tweede Wereldoorlog (tussen 1920 en 1940) thumb|Bevrijding van Arnhem op 14 april 1945 Op 22 februari 1944 vond het zogeheten geallieerde "vergissingsbombardement" plaats (dat vooral Nijmegen zwaar trof). In totaal vier Nederlandse steden werden getroffen. In Arnhem vielen bij dit bombardement 57 doden.'Vergissingsbombardement' op Arnhem, Mijn Gelderland

Een andere voor de stad zeer impactvolle gebeurtenis tijdens de Tweede Wereldoorlog was de Slag om Arnhem. Dit was een historische luchtlanding en veldslag die van 17 tot 25 september 1944 plaatsvond, als onderdeel van Operatie Market Garden. Het werd de grootste operatie op Nederlands grondgebied tijdens de hele Tweede Wereldoorlog. Het was voor de geallieerden en Nederland grotendeels een mislukking, doordat de laatste brug (die bij Arnhem) niet kon worden ingenomen en het westen van Nederland mede hierdoor niet bevrijd kon worden. Hierop kreeg dit deel te maken van Nederland te maken met grote tekorten. De winter die hierop volgde, is dan ook bekend geworden als de hongerwinter. Arnhem zelf werd in grote mate door bombardementen van zowel de Duitse als de geallieerde zijde verwoest. Ook werd de stad in deze fase van de oorlog geplunderd door de Duitse bezetters, toen deze na de veldslag in 1944 de stad lieten ontruimen.

Op 12 en 13 april 1945 vond bij de bevrijding van Arnhem een tweede slag plaats die zich concentreerde op de wijk Geitenkamp. Arnhem was eind 1944 op last van de Duitsers geëvacueerd en in de wijk waren dwangarbeiders gevestigd en er woonden ook NSB'ers in de vrijgekomen huizen. De Canadese troepen dachten dat Arnhem flink verdedigd werd en voerden een zwaar artilleriebombardement uit op de Geitenkamp. Onder de bewoners die wel gewaarschuwd waren, maar geen kant op konden, viel een onbekend aantal slachtoffers.

Na de Tweede Wereldoorlog