Lewis Allan (Lou) Reed (New York, 2 maart 1942 – East Hampton, 27 oktober 2013) was een Amerikaans musicus en zanger. Hij was samen met John Cale het gezicht van de invloedrijke band The Velvet Underground. Als gitarist was hij ook erg invloedrijk; hij maakte veel gebruik van distortion en alternatieve stemmingen. Hij was een van de eersten die zong over onderwerpen als sadomasochisme (Venus in Furs), travestie (Sister Ray) en transseksualiteit (Lady Godiva's Operation).
In 1970 nam Reed afscheid van The Velvet Underground en startte hij een solocarrière. In 1972 had hij zijn grootste hit: Walk on the Wild Side, dat later uitgebracht werd op het album Transformer (geproduceerd door David Bowie en Mick Ronson). Ook met Perfect Day had hij nadien nog een succesnummer.
Sindsdien heeft Reed regelmatig nieuwe albums het licht doen zien. Een omstreden album is Metal Machine Music (1975). Dit dubbelalbum is gevuld met herhalingen (loops) van gitaar-feedback en werd destijds door velen bestempeld als een van de slechtste albums uit de geschiedenis van de rockmuziek. Achteraf noemen de gitaristen Lee Ranaldo en Thurston Moore van Sonic Youth dit echter een van de meest gewaagde albums aller tijden.
Biografie Jonge jaren Lewis Allan Reed werd op 2 maart 1942 geboren in het Beth El ziekenhuis te Brooklyn, New York, als oudste kind van de accountant Sidney George Reed, die oorspronkelijk Rabinowitz heette, en de huisvrouw Toby Futterman Reed, een voormalige schoonheidskoningin.Victor Bockris, Transformer. The Lou Reed Story. New York: Simon & Schuster, 1994, 16. Vijf jaar later werd zijn zuster Elizabeth geboren. In 1953 verhuisde het gezin naar Freeport, een stadje voor de hogere middenklasse.Bockris (1994), 17. Hij doorliep Carolyn G. Atkinson Elementary en later Freeport Junior High, om in de herfst van 1956 aan Freeport Junior High in te stromen.Bockris (1994), 18. Op jonge leeftijd was hij liefhebber van rock-'n-roll en rhythm-and-blues. Hij speelde op de middelbare school in een paar bandjes. Zijn eerste plaat maakte hij als lid van The Jades, een band die doowop speelde. miniatuur|250px|Highschoolfoto van Lou Reed (1959) Reed kreeg in 1959-1960 elektroshocktherapie, waarmee zijn ouders hem dachten te 'genezen' van zijn homoseksuele neigingen en stemmingswisselingen.Bockris (1994), 13. In 1960 schreef Reed zich in aan de universiteit van Syracuse, waar hij journalistiek, filmregie en creatief schrijven studeerde. Hoewel hij veel van de colleges slechts plichtmatig bijwoonde, stortte hij zich met overgave op het onderwijs in literatuur, muziektheorie en filosofie. Kierkegaard, Hegel en Sartre werden favoriete denkers.Bockris (1994), 28-30. In zijn tweede jaar richtte hij zijn eerste echte rock-'n'-roll band op, LA and the Eldorados, waarin hij zelf slaggitaar en de zang voor zijn rekening nam. Met een repertoire dat bestond uit een mix van Reeds eigen composities en covers van Chuck Berry speelden ze drie keer per week in en rond Syracuse.Bockris (1994), 50-51. In 1962 kreeg Reed college creatief schrijven van de schrijver Delmore Schwartz, met wie een vriendschap ontstond die standhield tot aan Reeds afstuderen. Onder leiding van Schwartz las Reed werk van vooral James Joyce, maar ook Dostojevski en Shakespeare.Bockris (1994), 58-62. Later beweerde Reed dat het zijn ambitie was de subtiliteit van een goede roman binnen de rockmuziek te brengen.Interview in Rolling Stone Magazine Nov./Dec. 1987: Twentieth Anniversary Issue Tijdens zijn studie ontwikkelde Reed een voorliefde voor free jazz en experimentele muziek. Op de campus handelde hij in drugs zoals wiet en heroïne. Rond 1964 begon hij de laatste drug ook te gebruiken.Bockris (1994), 68.
In november 1963 was Reed bij een concert van Bob Dylan aan Syracuse en raakte in de ban van diens combinatie van poëzie en muziek die als geheel geen folkmuziek te noemen was. Reed kocht meteen een harmonica, waarop hij volgens zijn toenmalige vriendin Shelley Albin goed speelde, maar zijn spel leek zoveel op Dylan zelf dat hij ermee stopte.Bockris (1994), 67 en 57. Na zijn afstuderen in 1964 ging Reed niet naar New York, zoals kandidaten in Engelse letterkunde gewoonlijk deden, maar keerde terug naar het huis van zijn ouders. Hij ontkwam aan de dienstplicht nadat hepatitis werd gediagnosticeerd, dat hij door het delen van een injectienaald meende te hebben opgelopen.Bockris (1994), 75. Van september 1964 tot februari 1965 was hij in dienst als songschrijver bij het budgetlabel Pickwick Records, waarvoor hij een weeksalaris van vijfentwintig dollar toucheerde en de rechten op de liedjes moest afstaan. Pickwick liet de nummers inspelen door muzikanten en verkocht die als albums van nepgroepen die voor bodemprijzen verkocht werden. Zo leerde Reed de opnamestudio kennen. Volgens biograaf Victor Bockris vertoont het nummer "Cycle Annie" van de pseudogroep the Beachnuts de eerste kenmerken van wat de stijl van de Velvet Underground zou worden: met de combinatie van een tekst met typische Lou Reed-personages en rockmuziek van drie akkoorden zou het niet misstaan op een album als Loaded.Bockris (1994), 75-79.
In 1964 had hij een klein succes met The Ostrich (de struisvogel), dat een populair dansje parodieerde. Er werd door de platenmaatschappij een muziekgroep opgericht om de plaatopname te promoten. Deze band heette The Primitives en een van de leden was John Cale, die net naar New York was verhuisd om muziek te studeren en die met La Monte Young speelde. Het verraste Cale dat Reed voor een speciaal effect alle snaren van zijn gitaar in dezelfde toon stemde. Deze techniek creëerde een drone-effect dat leek op de geluiden van het avant-garde-ensemble waar Cale mee werkte. Toen Cale meer van Reeds vroege werk hoorde, bijvoorbeeld ook het lied Heroin, was hij zo enthousiast dat hij graag wilde samenwerken.
The Velvet Underground Reed en Cale huurden een appartement in de Lower East Side en vormden in 1964 met studievriend Sterling Morrison en Maureen Tucker een nieuwe groep die The Velvet Underground zou heten. Hun eerste drummer heette Angus MacLise, maar deze verliet de band al vóór hun eerste optreden op 11 december 1965 op de Summit High School in New York. Hoewel het geen stabiele band was, wat blijkt uit het vertrek van Cale in 1968 en Reed in 1970, zou ze een van de invloedrijkste undergroundgroepen uit de rockgeschiedenis worden.Black, Johnny. Time Machine: Velvet Underground (1997), Mojo Magazine
De band slaagde erin de aandacht te trekken van Andy Warhol, die hun imago flink wist op te poetsen. Reed is Warhol altijd dankbaar gebleven voor zijn mentorschap en de gelegenheid die deze hem bood om bij een veelzijdige, artistieke incrowd te behoren, zoals meerdere keren uit interviews bleek. Toch was Reed niet erg gelukkig met het idee van Warhol om de zangeres Nico aan de band toe te voegen. Nico werd ook vanwege haar uiterlijk aan de band gekoppeld. Ze had voordien als fotomodel gewerkt en had weinig zangervaring. De weigering haar als echt bandlid te beschouwen komt tot uitdrukking in de titel van hun eerste album: The Velvet Underground & Nico. Ondanks zijn weerstand schreef Reed een aantal nummers speciaal voor Nico en waren zij kortstondig een liefdespaar.
Toen The Velvet Underground White Light/White Heat opnam, hadden Reed en Cale de zangeres Nico eruit gewerkt en ook hadden zij een andere producer aangenomen. De nieuwe manager Steve Sesnick overtuigde Reed ervan dat ook Cale moest opstappen. Morrison en Tucker waren daar niet echt blij mee, maar bleven toch aan als bandleden. In plaats van Cale trad nu Doug Yule aan, die vaak door Reed werd voorgesteld als zijn jongere broer. De muziek ontwikkelde zich meer in een populaire richting en was tot een podium geworden voor Reeds teksten. Er verschenen twee albums in deze bezetting: The Velvet Underground uit 1969 en Loaded uit 1970. Dit laatste album bevatte twee van de succesvolste nummers van de groep: Sweet Jane en Rock & Roll.
De opnamen voor Loaded hadden meer tijd gekost dan de opnamen van de voorgaande drie albums tezamen. Het was de bedoeling dat Loaded een groot commercieel succes zou worden; het album was volgepakt met hits, maar de doorbraak bleef uit en Reed trok weer tijdelijk in bij zijn ouders, die op Long Island woonden.
In 1970 verliet Reed de groep, die daarna nog drie jaar bestond en in 1973 nog het studioalbum Squeeze uitbracht.
Solocarrière Jaren zeventig thumb|Lou Reed in Málaga, Spanje, 2008 Na zijn vertrek bij The Velvet Underground in augustus 1970 werkte Reed een tijdlang als typist op het accountantskantoor van zijn vader en verdiende daar naar eigen zeggen 40 dollar per week. Een jaar later tekende hij een contract met RCA en nam in Engeland zijn eerste soloalbum op met gastmuzikanten van Yes, zoals Rick Wakeman, en met leden van de band van Elton John. Het album heette simpelweg "Lou Reed" en bevatte gladjes geproduceerde heropnames van niet eerder uitgebrachte stukken van The Velvet Underground. Sommige van de nummers waren wel eerder opgenomen voor Loaded, maar niet op die plaat verschenen (zie de Peel Slowly and See-box). Het eerste soloalbum werd niet opgemerkt door muziekrecensenten en er werden maar weinig exemplaren van verkocht.
In 1972 verscheen zijn tweede soloalbum getiteld Transformer, waarmee Reed aansluiting vond bij de glitter- en de 'nichtenrock'. Het album werd geproduceerd door David Bowie en Mick Ronson en maakte Lou Reed bekend bij een breder publiek. Als gitarist trok hij Dick Wagner aan. De latere hit Walk on the Wild Side was tegelijkertijd een groet aan en een sneer naar het ongeregelde volk van homo's en transseksuelen dat in de jaren zestig Andy Warhols Factory bezocht. De tekst van het lied viel niet in goede aarde bij de radiostations en de single werd gedeeltelijk geboycot. Hoewel het lied eigenlijk niet typisch is voor de stijl van Reed, zou het toch het lied worden waarmee hij in de jaren daarna het meest geassocieerd zou worden. Het lied ontstond op verzoek voor een theaterbewerking van een roman van Nelson Algren met dezelfde titel, die echter nooit uitgevoerd werd.
Ronsons arrangementen brachten nieuwe kanten van Reeds talent aan het licht zoals in de nummers Perfect Day en Satellite of Love, met subtiele strijkers en dynamische saxofoons. Dat eerste lied werd in de jaren negentig herontdekt en gaf Reed de kans om tijdens zijn concerten Walk on the Wild Side te laten vallen. Hoewel het album Transformer zijn commerciële doorbraak betekend had, was Reed niet blij met het effect dat het album op de rest van zijn carrière zou hebben en hij wees een aanbod van Bowie om een nieuw popalbum te maken van de hand. Tot het album The Raven uit 2003 zouden ze niet meer officieel samenwerken.
Na Transformer kwam het zwaarmoediger Berlin uit, dat het verhaal vertelt van een aan drugs verslaafd stel in Berlijn. De liedjes gaan over huiselijk geweld (Caroline Says I, Caroline Says II), drugsmisbruik (How Do You Think It Feels), vreemdgaan en prostitutie (The Kids) en over zelfmoord (The Bed). Bij verschijning waren popcritici weinig enthousiast over het album, maar inmiddels wordt Berlin als een meesterwerk gezien.
In deze tijd ontwikkelde Reed een bizar imago. Hij droeg zwartleren kleding, spijkerhalsbanden, blondeerde zijn kortgeknipte haar en trad op met een lijkbleek geschminkt gezicht. Vele jaren cultiveerde hij welbewust deze uitingen van 'slechte smaak' (camp). Deze Reed is te zien op de hoes van het album Rock 'n Roll Animal, dat het succesverhaal dat met Walk on the Wild Side was begonnen, consolideerde.