Het arrest Köbler/Oostenrijk, of kortweg Köbler-arrest, is een uitspraak van het Europees Hof van Justitie van 30 september 2003 (zaak C-224/01), inzake staatsaansprakelijkheid krachtens gemeenschapsrecht voor fouten van een nationale rechter in laatste aanleg.

Casus 'Gerhard Köbler is sinds 1 maart 1986 gewoon hoogleraar aan de universiteit van Innsbruck. Dit is een publiekrechtelijke dienstverhouding. Hij is ingeschaald op salaristrap 10 met de gebruikelijke anciënniteitstoelage. Per 1 maart 1996 heeft hij dus 10 jaar anciënniteit opgebouwd. Vijf dienstjaren als hoogleraar aan universiteiten in andere lidstaten worden niet meegeteld. Intussen is Oostenrijk tot de EG toegetreden. Bij brief van 28 februari verzoekt Köbler om zijn anciënniteit vast te stellen op 15 dienstjaren en de anciënniteitstoelage dienovereenkomstig vast te stellen. In dat geval zou hij in aanmerking komen voor een bijzondere anciënniteitstoelage.

Procesverloop

In dit geding heeft het Landesgericht für Zivilrechtssachen (de burgerlijke rechter) te Wenen het Hof verzocht om een prejudiciële beslissing.

Rechtsvragen (Eerste en tweede vraag.) Staatsaansprakelijkheid voor een uitspraak van een nationale rechter in laatste aanleg die in strijd is met het gemeenschapsrecht? (Ja.) (Derde vraag.) Was de rechterlijke uitspraak van 24 juni 1998 in strijd met het gemeenschapsrecht? (Ja.) (Vierde en vijfde vraag.) Betreft dit een voldoende gekwalificeerde schending van gemeenschapsrecht? (Neen.)

Uitspraak Hof De rechterlijke beschikking van 24 juni 1998 was gebaseerd op een onjuiste lezing van het arrest Schöning-Kougebetopoulou. De professor ontvangt geen schadevergoeding, omdat niet is voldaan aan het vereiste van een voldoende gekwalificeerde schending van gemeenschapsrecht.

De betekenis van het arrest ligt in het beginsel van staatsaansprakelijkheid voor een uitspraak van een nationale rechter in laatste aanleg in strijd met het gemeenschapsrecht.

Betekenis Dit arrest is een vervolg op de arresten Francovich (1991), Brasserie du Pêcheur (1996) en Dillenkofer (1996). Het beginsel van staatsaansprakelijkheid bij een schending van gemeenschapsrecht door een uitspraak van een nationale rechter kwam reeds aan de orde in het arrest Brasserie du Pêcheur.Brasserie du Pêcheur, r.o. 32 + 34 In het arrest Köbler vormt dit beginsel de essentie van de rechtsvraag.

Trivia Volgens de advocaat-generaal was wél sprake van een gekwalificeerde schending van gemeenschapsrecht. Op een schriftelijke vraag heeft minister Donner in de Eerste Kamer geantwoord in het arrest geen aanleiding te zien een wetsvoorstel in te dienen, waarbij voor vorderingen tot staatsaansprakelijkheid wegens vermeend onrechtmatige rechtspraak in een aparte procedure wordt voorzien.Antwoord van minister Donner op een schriftelijke kamervraag

Kobler